DOOR jo bossuyt
...

DOOR jo bossuytHet is dan toch niet zo gemakkelijk, een F1-wagen op een ordentelijke manier besturen. Dan toch niet zo gemakkelijk, schrijven we, omdat echte rallyfanaten wel eens zeggen dat circuitracen kinderspel is in vergelijking met rallyrijden. Omdat die laatste discipline het echte, zuivere en onversneden stuurtalent vergt. Dat echte rallyfanaten vaak een bloedhekel hebben aan die discipline voor snobs genaamd formule 1, is natuurlijk niet vreemd aan dat soort oprispingen. Hoe dan ook, Sébastien Loeb, zondag voor de zesde keer wereldkampioen rally geworden, zou komend weekend in Abu Dhabi de laatste GP van het seizoen gaan rijden voor Toro Rosso. Dat werd al maanden gezegd, luidop veeleer dan fluisterend. Citroën heeft in het WK rally immers dezelfde sponsor als het F1-team van Sébastien Buemi en Jaime Alguersuari (laatstgenoemde had moeten wijken voor Loeb), namelijk Red Bull. En die zag de sportbladzijden over de hele wereld al vol staan met foto's van een F1-rijdende Loeb. Dat zulks ietwat al te optimistisch was, weten we ondertussen. Een paar weken geleden ging Loeb proefdraaien tijdens de officiële wintertests van de GP2, het wachtzaaltje van de F1. Een soort ingangsexamen. 's Ochtends, toen het regende, deed de Fransman het nog behoorlijk. Maar in de namiddag, op een kurkdroog circuit, was hij nergens: meer dan anderhalve seconde trager dan de rest. Dat de FIA hem vorige week geen superlicentie gaf, het rijbewijs voor de F1, was dan ook een volkomen terechte beslissing. Toegegeven, het verbod op F1-tests tussen de races door speelde Loeb parten. Had hij langer kunnen oefenen, dan had hij zijn niveau kunnen opkrikken. Anderzijds heeft hij toch wel serieus wat circuitervaring met krachtige machines, want hij nam al deel aan de 24 Uren van Le Mans. Het probleem met Loeb is dat de man helemaal uitgekeken is op de rallysport en vooral het gemak waarmee hij het allemaal wint. Met alleen maar Citroën en Ford als fabrieksteams stelt het WK bovendien nauwelijks nog iets voor, temeer omdat het de voorbije twee jaar serieus in de schaduw is komen te liggen van dat andere internationale kampioenschap, het IRC. Loeb ventileerde zijn verveling vorig jaar al, toen hij zijn vijfde wereldtitel met groot gemak binnenrijfde. Er was zelfs sprake van stoppen met rally. Toen het rallyseizoen begon, ging het allemaal zo gemakkelijk dat de Fransman de lat voor zichzelf wat hoger legde: hij wilde dit jaar eens wereldkampioen worden door alle veertien manches te winnen. Maar de verzadiging was sterker dan de ambitie: Loeb maakte na een zeer dominerende seizoenstart een paar atypische foutjes. Hij moest eind vorige week met een punt achterstand op de Fin Mikko Hirvonen aan de laatste en beslissende rally van het seizoen beginnen. Zich even drie dagen lang concentreren en vol gaan, was ruim voldoende om dat recht te zetten. Maar zijn F1-dromen mocht hij ondertussen wel opbergen.