Met Mathieu Assou-Ekotto, Yannick Zambernardi, Mario Espartero, Geoffray Toyes en Mathieu Matton telde La Louvière zaterdag tegen Anderlecht vijf Fransen aan de aftrap. Samen zijn ze met trainer Albert Cartier, ook Frans, de stuwende kracht achter het La Louvière van dit seizoen.
...

Met Mathieu Assou-Ekotto, Yannick Zambernardi, Mario Espartero, Geoffray Toyes en Mathieu Matton telde La Louvière zaterdag tegen Anderlecht vijf Fransen aan de aftrap. Samen zijn ze met trainer Albert Cartier, ook Frans, de stuwende kracht achter het La Louvière van dit seizoen. "Veel spelers", zegt Geoffray Toyes, "zitten op een scharniermoment in hun carrière. Ze hadden nood aan spelen en willen absoluut vooruit. Ikzelf bijvoorbeeld had een moeilijk seizoen achter de rug bij Nancy en Espartero, weet ik, was en délicatesse met zijn club en komt terug van een knieblessure. De trainer wist zulke spelers door zijn ervaring in Frankrijk perfect op te sporen : hij kent van ons allemaal de kwaliteiten. We willen tonen dat we er nog zijn, daardoor zit er nu veel hargne en dynamiek in ons spel. We kunnen plezier beleven omdat we mogen aanvallen. We zoeken niet naar perfectie, want iedereen maakt toch fouten, maar we proberen ons te amuseren en geen goals tegen te krijgen. Dat vraagt van de offensieve spelers een extra inspanning. We spelen overal pressing, schuiven in blok op en proberen de bal zo snel mogelijk te veroveren. Je krijgt niets voor niets." Hoe anders laat Cartier La Louvière voetballen ? Assistent-trainer en oud-speler Frédérique Tilmant : " Ariël Jacobs had zijn systeem gebaseerd op organisatie en de counter, met Cartier spelen we meer naar voren en altijd in een 4-4-2. Silvio Proto bijvoorbeeld moet daardoor veel oplettender zijn dan vorig seizoen, toen we met twee verdedigende middenvelders speelden. Nu krijgen we makkelijker een counter tegen. Dat systeem, die manier van voetballen is ook de reden waarom nu bijvoorbeeld een speler als Vervalle minder aan spelen toe komt : in zo'n systeem is hij minder performant dan op de counter. Maar hij kan nog belangrijk worden, want je kunt niet altíjd het spel domineren - soms houden we de bal nog niet genoeg bij. Cartier is aangenaam in de omgang, maar ook heel veeleisend. Wat hij en de andere Fransen ons bijbrengen is : het geloof in onszelf. Ze hebben nu eenmaal een andere benadering. Het verschil met ons Belgen zit in de mentaliteit : de Fransen onderschatten zichzelf niet zoals wij meer doen. Dat vécu de France brengt Cartier er ook in door veel te praten met de spelers : hij laat ze niet in twijfel, zorgt dat ze niet ontgoocheld zijn. Op het niveau van de psychologie leren de andere spelers daardoor bij wat ons vorig seizoen ontbrak."