De nieuwe bezem die Adrie Koster heette, veegde vorig seizoen een tijdje heel goed. Na Nieuwjaar werd het geleidelijk minder, waarna Club tijdens de play-offs onderuit ging en wat lang een veilige tweede plaats leek nog verloor aan AA Gent, al twee seizoenen een serieuze challenger. Om dat om te draaien, versterkte Club Brugge vooral zijn rechterflank.
...

De nieuwe bezem die Adrie Koster heette, veegde vorig seizoen een tijdje heel goed. Na Nieuwjaar werd het geleidelijk minder, waarna Club tijdens de play-offs onderuit ging en wat lang een veilige tweede plaats leek nog verloor aan AA Gent, al twee seizoenen een serieuze challenger. Om dat om te draaien, versterkte Club Brugge vooral zijn rechterflank. Stijn Stijnen blijft, al is hij op eigen verzoek geen aanvoerder meer, de onbetwiste nummer één. Doublure Geert De Vlieger, die volgend jaar 40 wordt, verlengde zijn contract met één jaar en gaat dan stoppen. Derde doelman Yves Lenaerts wordt in de kern vervangen door jeugdproduct Colin Coosemans. De positie van rechtsachter was vorig seizoen een immens probleem. Met de aanwerving van Marcos Camozzato (Standard) werd hieraan verholpen. Zijn doublure is Gertjan De Mets. Centraal is kapitein Hoefkens een certitude. Wie links naast hem, ter vervanging van Alcaraz (Wigan)? Ryan Donk, voetballer met flair, maar net als Hoefkens rechtsvoetig? Jeroen Simaeys, even no-nonsense als de nieuwe aanvoerder? Een armletsel sloeg hem in de voorbereiding achteruit. Daan Van Gijseghem speelde in Moeskroen aan de linkerkant, maar kon zich op een hoger niveau nog niet doorzetten. Links zijn er twee goeie alternatieven: Michael Klukowski en de polyvalente Peter Van der Heyden. Mogelijkheden zat om tactisch te variëren, nu er met Wilfried Dalmat een alternatief is voor Karel Geraerts. Vadis Odjidja is voor velen de eerste naam die op het bord komt. Hij zou het liefst wat hoger spelen, terwijl Koster hem vooral uitspeelt vlak voor de verdediging. In dat geval heb je naast Odjidja aanjagers nodig: rechts Ge-raerts en links Jonathan Blondel. Ook Simaeys kan voor de verdediging spelen, al is hij dan minder spelverdeler. Blondel komt uit een sterk seizoen als balveroveraar, maar ligt niet in de bovenste lade van de coach, omdat zijn cijfers qua afwerking niet sterk zijn. Geraerts scoort wel, hij is sterker als infiltrant dan aan de bal. Ivan Perisic koppelt loopvermogen aan torinstinct. Als Koster teruggrijpt naar de ruit van vorig seizoen, kan hij in de punt naar voren spelen, maar ook links naast Odjidja kan hij uit de voeten. Ronald Vargas: snelle denker, goeie toets maar fragiel. Kan op de rechterflank terecht, maar is geen rechtsbuiten. Beter als hangende spits, of offensieve middenvelder. In een 4-3-3 komt voor de positie van linksbuiten Nabil Dirar in aanmerking, eerder dan Maxime Lestienne. Dirar kan ook op rechts spelen, maar zijn heikel punt blijft het omzetten van talent in rendement. Bij gebrek aan buitenspelers, evolueerde Koster vorig seizoen van een 4-3-3 naar een 4-4-2. Aanvankelijk met twee spitsen (eerst Wesley Sonck en Joseph Akpala, daarna Dorege Kouemaha diep, met op het einde van het seizoen een spits (Akpala) of een middenvelder (Perisic, Dirar, Vargas) in steun). Nieuw in het aanvallende compartiment zijn Stefan Scepovic (een jonge Serviër die werd overgenomen van Sampdoria) en Wilfried Dalmat (ex-Standard), die rechts op de flank graag de bal vraagt en acties maakt. Als Akpala erin slaagt de vertrouwensband met Koster te herstellen en zelfvertrouwen krijgt, kan de vriendschap die er tussen de Nigeriaan en Kouemaha naast het veld is, misschien tot doelpunten leiden. Club heeft een nieuwe rechterflank en kan aanvallend meer variëren. Het verliest met Alcaraz wel rust in de opbouw. Maar verder is er van de vaste pionnen niemand weg, en is de rest wat beter op elkaar ingespeeld. DOOR PETER T'KINT