Lyon voert sinds vorig weekend opnieuw de rangschikking van de Ligue 1 aan. De ontbolstering van de in de zomer van 2008 gehaalde talentspeler Miralem Pjanic is daar niet vreemd aan. Pjanic, die opgroeide in Luxemburg, en na rijp beraad voor de Bosnische nationaliteit van zijn voorouders koos, toonde in 2007/08 voor het eerst zijn grote voetbalgaven bij Metz. Uit de vele aanbiedingen van Franse topclubs - Standard haakte af toen de bedragen fors begonnen op te lopen - koos hij uiteindelijk die van Lyon. Door een zware blessure ging zijn eerste seizoen de mist in, maar volgens coach Claude Puel maakte hij toch progressie. "Naar Lyon komen was de ju...

Lyon voert sinds vorig weekend opnieuw de rangschikking van de Ligue 1 aan. De ontbolstering van de in de zomer van 2008 gehaalde talentspeler Miralem Pjanic is daar niet vreemd aan. Pjanic, die opgroeide in Luxemburg, en na rijp beraad voor de Bosnische nationaliteit van zijn voorouders koos, toonde in 2007/08 voor het eerst zijn grote voetbalgaven bij Metz. Uit de vele aanbiedingen van Franse topclubs - Standard haakte af toen de bedragen fors begonnen op te lopen - koos hij uiteindelijk die van Lyon. Door een zware blessure ging zijn eerste seizoen de mist in, maar volgens coach Claude Puel maakte hij toch progressie. "Naar Lyon komen was de juiste keuze om zo meer fysieke conditie te kweken en zich met de concurrentie te meten in de hoop speelminuten te vergaren." Dit seizoen lijkt Pjanic moeiteloos te plaats in te nemen van de naar Qatar vertrokken Juninho, het vroegere boegbeeld van Lyon. Hij blijft echter bescheiden. "Ik moet nog hard werken om even belangrijk te zijn voor deze club als Juninho. Men mag me niet met hem vergelijken." Maar die vergelijkingen zijn niet onlogisch: Pjanic scoort net als de Braziliaan heel vaak uit vrije trappen en heeft van hem het nummer acht geërfd. Pjanic blinkt bovendien uit met een heel efficiënte passing. Op die manier haalde hij tegen Fiorentina de grendel van de poort. "Hij is nog maar negentien en niemand twijfelde aan zijn talent, maar het is toch verbazend dat hij zo snel de rol van Juninho kon overnemen, al zal hij dit seizoen wellicht nog een dipje krijgen", aldus een commentaar in Le Progrès. Ondertussen is Puel in de wolken over zijn middenverder. "Hij heeft een sublieme techniek en een enorme vista." Als volwaardige titularis scoorde Pjanic al vier keer. Bernard Lacombe, de adviseur van voorzitter Jean-Michel Aulas, noemt zijn goudhaantje dan ook een "fenomeen" en een "toekomstige grote leider". Claude Makelele, de aanvoerder van PSG, mag volgens Christian Gourcuff, de trainer van Lorient, "ongestraft zijn gang gaan zonder dat de scheidsrechters hem op dezelfde manier beoordelen als anderen". Gourcuff voegde er wel aan toe dat "hij anders speelde toen hij nog over al zijn mogelijkheden beschikte, maar dat brutaler optreden eigen is aan spelers op de terugweg". Antoine Kombouaré, de trainer van PSG, diende zijn collega in een radioprogramma op RMC alvast heftig van repliek: "Voor wie neemt hij zich eigenlijk? Voor zulke uitlatingen verdient hij een klap in het gezicht." Claude Puel, de trainer van Lyon, ondersteunde zijn staf die door de Franse pers op de korrel genomen werd voor de vele blessures die de kern van Lyon treffen. Raymond Domenech, de Franse bondscoach, maakte zijn selectie bekend voor de wedstrijden tegen de Faeröer en Oostenrijk. Patrick Vieirais er nog altijd niet bij. Domenech riep met Nicolas Douchez(Rennes) wel een vierde doelman op. De bondscoach behoudt ook het vertrouwen in Karim Benzema. Hij noemde de eerdere kritische commentaren van de spits van Real een jeugdzonde en zei te verwachten dat Benzema op het veld zal reageren. Souleymane Diawara, de verdediger van Marseille, bracht de nacht van maandag op dinsdag in de cel door, nadat hij betrapt was op rijden zonder rijbewijs. De dag nadien kreeg hij in de wedstrijd tegen Real rood onder de neus. Er zijn nu eenmaal van die weken waarin alles tegenzit. Grenoble blijft zijn lijdensweg voortzetten: het team leed zijn achtste nederlaag in acht wedstrijden. STéPHANE VANDE VELDE