KRC Genk maakt een nieuwe start. Good oldDenier overleefde als enige de reorganisatie binnen de technische staf, het mes ging in het medische departement en de bezem door de kleedkamer. De Ceulaer was einde contract, voor Hyland werd een afnemer gevonden. Op Mboyo, Joseph-Monrose, Kagé, de jonge Walbrecq en de eerder al verhuurde Camus, Ojo en Muzaqi wordt ook niet meer gerekend. Met Vossen verliest de club haar boegbeeld nu definitief.
...

KRC Genk maakt een nieuwe start. Good oldDenier overleefde als enige de reorganisatie binnen de technische staf, het mes ging in het medische departement en de bezem door de kleedkamer. De Ceulaer was einde contract, voor Hyland werd een afnemer gevonden. Op Mboyo, Joseph-Monrose, Kagé, de jonge Walbrecq en de eerder al verhuurde Camus, Ojo en Muzaqi wordt ook niet meer gerekend. Met Vossen verliest de club haar boegbeeld nu definitief. Tussen de palen is de hiërarchie onwrikbaar: één Köteles, twee Bizot. Achterin staat het centrale duo Kara-Kabasele als een blok graniet. Kara kreeg de aanvoerdersband in een poging hem zo te doen afzien van een vertrek. Walsh en Wouters zijn jonge wissels, net als Ndidi. Op de linksachter lijkt Tshimanga herboren. Ook zijn back-up Hamalainen is na een jaar inactiviteit weer fit. Afwachten hoe zij hun terugkeer verteren. Anele kan hierdoor terug naar zijn vertrouwde rechtsbackpositie, ware het niet dat de jonge Castagne zich daar vorig seizoen openbaarde als de revelatie in een zoekend elftal. Hij wordt nu door de club uitgespeeld als de nieuwste exponent van zijn wat ondergesneeuwde opleidings- en doorstromingsbeleid. Dat leidt tot een moeilijke situatie voor Anele, die minder goed in zijn vel lijkt te zitten. Door het geblesseerd wegvallen van Kumordzi al heel vroeg vorig seizoen (hij is nog steeds niet terug) vulde Genk de controlerende functie noodgedwongen in met aanvallender ingestelde spelers. Aan dat onevenwicht is nu verholpen met de aanwerving van Buyens. Ook Ndidi, gehaald als centrumverdediger, openbaarde zich er tijdens de voorbereiding. Twintig pas, maar begiftigd met snelheid, kracht, recuperatie, passing én overzicht. Voor Gorius lijkt het na een minder seizoen zoeken naar zijn beste positie. Hij werd tijdens de voorbereiding uitgeprobeerd zowel in steun van diepe spits De Camargo als op links, de positie waar hij onder Maes groot werd bij KV Mechelen. Daar liep eerder Cissé, maar die vond zich intussen ook al terug op rechts, een positie die hij jarenlang niet meer bekleedde en die nog altijd Buffel lijkt toe te behoren. Andere mogelijkheid daar: Okriasjvili, de enige woelwater die de grote schoonmaak overleefde wegens zijn aparte klasse. Zijn neiging om door het centrum te komen maakt van hem ook een optie achter De Camargo. Milinkovic-Savic speelde een goed seizoenseinde en keerde naar Genk terug als wereldkampioen U20 met Servië. Hij kan een fors toegenomen marktwaarde in de schaal werpen. Afwachten toch of een gebrek aan vakantie hem niet opbreekt. Kortom: het Genkse middenveld is meer dan behoorlijk gestoffeerd, al ontbreekt er een linksvoetige speler. De linksvoetigen Zarandia (vraagteken) en Bertaccini (beloftevol) komen nog niet voor een basisplaats in aanmerking. Gerkens had die wel al, maar zal van zich moeten afbijten. Jonge klasbak Trossard werd opnieuw uitgeleend, zij het niet zonder forse contractverlenging. Een teken van vertrouwen. Sinds het vertrek van Benteke in 2012 was het voor Genk behelpen diep in de spits. Met De Camargo keert een grote naam terug op het oude nest. Een spits van 32, maar op wiens slimheid, balvastheid en scorend vermogen nog altijd wordt gerekend. De Camargo moet het collectief beter laten draaien, maar vooral ook voor autoriteit in de kleedkamer zorgen. Afwachten of zijn rendement gelijke tred houdt met zijn ervaring. Het liefst zag Genk Vossen in zijn schaduw opereren, maar dat ging niet door. Maes probeerde zowel Gorius als Okriasjvili uit in steun. Schrijvers (blijft hangen) en Cavric (veel te licht uitgevallen vorig seizoen) lijken voorlopig geen concurrentie te vormen voor de beide spitsposities. 'Op één jaar kan je heel veel veranderen', zei Maes vol vertrouwen bij zijn presentatie in mei. Ongevraagd haalde hij het voorbeeld van AA Gent aan. Dat ontdeed zich van zijn lastposten, vormde een jong en kneedbaar collectief en speelde sneller dan verwacht landskampioen. De ironie wil dat de lastposten Mboyo en Kagé in Genk terechtkwamen, waardoor dat zich de oude problemen uit Gent op de hals haalde. Een gelijkaardige opruimactie drong zich op. Het geloof in nieuw en zelfs snel succes is groot bij Maes. Toch lijkt offensieve versterking nog gewenst. DOOR JAN HAUSPIE