Op de openingsspeeldag speelde de 26-jarige Hakim Bouchouari de verdediging van RC Genk op een hoopje. Ervaren verdedigers als Gert Claessens en Eric Benoît Matoukou zagen sterretjes door de vinnigheid bij de Marokkaanse Belg en bleken niet opgewassen tegen zijn alertheid en dribbelnummers. Voeg daar nog een dosis gezonde werkkracht en wat loopvermogen aan toe, en tal van voetballiefhebbers hadden het over een ware openbaring. Zeker als je weet dat Bouchouari drie seizoenen geleden nog in de Brabantse eerste provinciale bij Rapide Wezemaal uitkwam. Een voorstelling van de nieuwe Waaslandse spits.
...

Op de openingsspeeldag speelde de 26-jarige Hakim Bouchouari de verdediging van RC Genk op een hoopje. Ervaren verdedigers als Gert Claessens en Eric Benoît Matoukou zagen sterretjes door de vinnigheid bij de Marokkaanse Belg en bleken niet opgewassen tegen zijn alertheid en dribbelnummers. Voeg daar nog een dosis gezonde werkkracht en wat loopvermogen aan toe, en tal van voetballiefhebbers hadden het over een ware openbaring. Zeker als je weet dat Bouchouari drie seizoenen geleden nog in de Brabantse eerste provinciale bij Rapide Wezemaal uitkwam. Een voorstelling van de nieuwe Waaslandse spits. Hakim Bouchouari : "Een natuurlijke gave, want ik kom niet meteen uit een sportief milieu. Geen van mijn drie broers of mijn enige zus - ik ben de middelste in de rij bij ons - had de microbe te pakken. Ik werd in Marokko geboren, maar we verhuisden toen ik vijf was al naar België. Mijn ouders, die beide Marokkaans zijn, beslisten dat ik pas op mijn tiende mocht voetballen bij FC Kontich. Eigenlijk gebeurde dat pas na tussenkomst van mijn broer Ahmid, die ons vader kon overtuigen. Veel heeft te maken met ons geloof. Ik kom uit een vrij strenge moslimcultuur. De schrik voor zware blessures en een verkeerde omgeving was groot. "In mijn eerste jaar maakte ik meteen zestig doelpunten als nummer tien. Op mijn zestiende kon ik naar Sporting Charleroi. Ik ging er vier keer testen, mocht er tekenen, maar kreeg geen toestemming van mijn ouders. Het was veel te ver weg, ze vertrouwden - ook al uit geloofsovertuiging - dat leventje niet. Ik zou aan mijn lot worden overgelaten, de bescherming van thuis uit zou wegvallen. In plaats daarvan stak mijn vader me bij vierdeklasser FC Duffel. Op dat moment had ik niets te beslissen, moest ik alleen maar luisteren. Achteraf bekeken een spijtige zaak, want het was een belangrijke stap in mijn opleiding die ik oversloeg. Ik diende alles zelf uit te zoeken. "Snelheid heeft vooral te maken met aanspeelbaarheid. Als voetballer moet je constant in beweging zijn. Wanneer ik in de diepte word aangespeeld, heb ik altijd een streepje voor op de verdediger. Want hij vertrekt uit stilstand, terwijl ik al een bepaalde snelheid ontwikkel. Begrijp je ? Ik kom het best tot mijn recht als tweede spits, rond een vrij statische targetman als bijvoorbeeld een Aristide Bancé. Ik ben een zwerverstype, iemand die de ruimte die hij krijgt, moet kunnen benutten. Van links naar rechts crossen, gebruik maken van mijn explosiviteit. Het is zeker een troef als spits." "School interesseerde me nooit. Ik was alleen maar gefascineerd door de bal. Elke avond volgde hetzelfde ritueel : thuiskomen na school, de sportzak nemen en met vrienden gaan voetballen. Trucjes aanleren, spelen op de pleintjes, je weet wel hoe dat gaat. Marokkanen onder mekaar, veel jongens die ook nu nog liever zaalvoetbal spelen dan op het grote veld. "Techniek is aanleg. Bij mij lukken de meeste nummertjes meestal na vijf keer oefenen. Ik moet daar geen extra inspanning voor doen, het zit gewoon in mijn genen. Maar ik bezondig me niet langer aan het overdreven gebruik er van. Vroeger amuseerde het me enorm om een bruggetje - een bal door de benen van de tegenstander - te doen. Nu telt voor mij alleen nog de efficiëntie van de actie. Wat ben je er mee als je drie tot vier man uitkapt, een goede dribbel doet, de keeper dolt, maar niet scoort ? Voor mij hoeft dat niet langer. Als je iets onderneemt, moet het ook resultaat opleveren. Voor een spits tellen alleen de doelpunten en de assists, niet de show die hij opvoert. Ik was vroeger iets balverliefder dan nu. Hoe hoger je geraakt, des te sneller en ruwer er vaak wordt gespeeld en verdedigd. Er zijn hardere contacten. Sommigen kunnen het totaal niet verkroppen als je hen voorbijgaat ( grijnst). Dan worden de messen geslepen, hé. In eerste klasse moet je kwiek genoeg zijn om de krachtige tackles te ontwijken. Het komt er op aan sneller te reageren dan de verdediger. "Ik durf de bal onder mijn voetzool stoppen. Colin Andrews gruwelde daar van. Hij is een halve Engelsman, hé. Fysiek primeerde op techniek. Mijn visie is anders : de bal moet bij de aanname voor de voeten liggen. Ik ben het blijven doen en voel me er goed bij. Nu wordt dat aanzien als een toegevoegde waarde, terwijl dat in de lagere reeksen minder naar waarde werd geschat." Bouchouari : "Ik ben nooit uitdagingen uit de weg gegaan. Toen ik op mijn zestiende bij de eerste ploeg van FC Duffel terechtkwam, ging ik de kleedkamer binnen met de begroeting 'yo de mannen, hier ben ik. ' Ik paste mezelf altijd en overal aan. In totaal versleet ik tot nu toe al elf clubs. Dat lijkt veel, maar het heeft te maken met kansen krijgen en het geloof van trainers in je mogelijkheden. "Mijn carrière ging vanaf de jeugd altijd in stijgende lijn, tot ik in het seizoen 1999/2000 bij Verbroedering Geel terechtkwam. Tijdens de voorbereiding viel ik uit met een gecompliceerde breuk van mijn heup, waardoor ik vijf maanden niet inzetbaar was. Paul Put was weggestuurd, de Hongaarse invasie had plaatsgevonden. De optie werd niet gelicht omdat ik niks had gepresteerd. Niemand bekommerde zich om mijn lot. Zwarte sneeuw zag ik er. Ik was er ook nog niet klaar voor, moest nog veel boterhammekes eten. Nu ben ik, zowel fysiek als mentaal, veel completer. Ik loop nu over van het vertrouwen, sta sterker op mijn benen. "Ik scoorde vorig seizoen zeventien maal bij FC Nieuwkerken Sint-Niklaas. Meneer Orlans stelde me een testweek voor. Dan twijfel je niet, hé. Het was een laatste kans, een kwestie van nu of nooit. Hoeveel spelers kunnen zeggen dat ze vanuit de put van eerste provinciale opklommen naar eerste klasse ? Het is een kwestie van karakter en een positieve ingesteldheid tonen." "Ik heb spijt dat ik mijn vierde middelbaar nooit afmaakte. Mijn ouders waren zwaar ontgoocheld. Mijn vader werkte dertig jaar in een rozenkwekerij, ging elke dag werken, was nooit ziek. Maar het interesseerde me gewoon allemaal niet, mijn hele leven draaide rond voetbal. Ik wil graag nog die schade inhalen. Alsnog via middenjury mijn diploma halen, is een eerste doelstelling. "Nu pas leef ik voor het eerst als een echte prof. Rust is momenteel een absolute vereiste. Ik moet absoluut slagen, want ik tekende voor een jaar met optie voor drie bijkomende seizoenen. Die moet ik nu zo snel mogelijk proberen verzilveren. Mijn goede prestaties blijven bevestigen, is de opdracht."Frédéric Vanheule'Ik ben een zwerverstype, iemand die de ruimte die hij krijgt, moet kunnen benutten.'