Woensdag 12/11

Tijd om nog eens te grasduinen in onze vermaarde scheidsrechtersstatistieken. Vooreerst stellen wij met genoegen vast dat er ook dit jaar weer een spookarbiter tussenzit, die het seizoen rond maakt met een nul over de hele lijn. Het betreft niet toevallig een zekere Wouters, wiens naam allerlei associaties oproept maar weinig met het edele vak van fluitenier. Het staat er droogweg : Wouters, nul.
...

Tijd om nog eens te grasduinen in onze vermaarde scheidsrechtersstatistieken. Vooreerst stellen wij met genoegen vast dat er ook dit jaar weer een spookarbiter tussenzit, die het seizoen rond maakt met een nul over de hele lijn. Het betreft niet toevallig een zekere Wouters, wiens naam allerlei associaties oproept maar weinig met het edele vak van fluitenier. Het staat er droogweg : Wouters, nul. Verder valt het op dat onze refs jaar na jaar nóg slechter worden dan ze al waren. Of onze controleurs nóg strenger, dat kan ook. Dat er eens één een negen zou krijgen of een tien... wij hebben alle hoop laten varen. Maar dat de besten nu ook de zeven niet meer halen, dat gaat toch wat ver. Eén uitzondering was er tot voor kort : Benoni Bury Burie, onze beroemde vriend BBB. Maar die had slechts twee matchen gefloten. De derde hadden wij het genoegen persoonlijk bij te wonen : Heusden-Zolder tegen Germinal Beerschot. Niets verkeerd zien fluiten, Benoni, dus zelf zouden wij alweer hebben getwijfeld tussen een negen en een tien. Zes ! Zes op tien, en meteen zakt zijn gemiddelde naar 6,67. De nummer één is nu Johan Verbist : 6,75. Onze best gequoteerde arbiter is gemiddeld dus niet eens meer een zeven waard. Om dat alsnog te bereiken, zou hij al ergens een negen moeten pakken. En dat, vriend Verbist, is in het achtdelig talstelsel helaas onmogelijk. Sinds 'Polspoel & Desmet' op vrijdagavond wordt uitgezonden, en op vrijdagnamiddag opgenomen, zien de vrijdagen van Gui Polspoel er nog hectischer uit dan ze vroeger al deden. 's Morgens slaapt hij uit, om te bekomen van het drinkfeest van donderdagavond, maar rond een uur of elf schiet hij uit bed en in actie. Schrijft twee columns plus een paar hoofdstukken van zijn nieuwe boek. Neemt inderhaast een reclamefilmpje op. Belt Pol Vandendriessche om eens te horen wat er is besproken op de briefing van 'Polspoel & Desmet', waarnaar hij zoals gewoonlijk zijn kat heeft gestuurd. Belt nog eens terug omdat hij was vergeten te vragen wie die middag de gast zal zijn. Leest de sport- én de politieke bladzijden in vier Vlaamse en drie Waalse kranten. Luncht met Siegfried Bracke om tegen elkaar op te snijden over wie de beste is op televisie. En rept zich na de pousse-café, het is dan vier voor drie, naar Vilvoorde waar hij binnenduikelt net op het moment dat men aanstalten maakte om de opname dan maar zonder hem te beginnen. Polspoel ploft in zijn stoel, geeft de regie teken dat ze de generiek mogen starten, en hakt vervolgens een of andere bedrieger uit de politiek in spaanders. Na afloop nog een glas van de vriendschap, en dan vlug naar Woluwe om bij Canal Plus een paar interviews te monteren voor 's avonds tijdens de rust. Daarna scheurt Polspoel dwars door de avondspits naar de andere kant van het land, voor een match in Moeskroen of Genk. Als die er op zit, volgt de nabespreking, een pint of negen en met iedereen een praatje, en dan weer naar Woluwe voor de ondertiteling van de nachtelijke pornofilm. En nu hebben wij pas onlangs vernomen dat hij niet alleen de onderschriften voor zijn rekening neemt, maar ook het geluid ! Dat "Oh, ooh, aah aah, oh ja, nóg", dat men de hele film door hoort, dat is Polspoel ! Uw scout, die in dit domein van een kinderlijke naïviteit bleek blijk te geven, wist niet beter dan dat al die geluiden, dialogen zo men wil, tegelijkertijd met de actie werden opgenomen. Maar mensen die thuis zijn in het vak hebben ons nu uitgelegd dat het in een X-film gezien de kostumering nogal moeilijk is om acteurs en actrices een microfoontje op te spelden. En het hanteren van de 'perche' is ten zeerste af te raden, daar die in het heetst van de actie gemakkelijk tot oneigenlijk gebruik aanleiding kan geven. En dus zit die Polspoel daar 's nachts in een kotje "ooh" en "aah" en "eeh" te kreunen, en de klassieker "Oh, wat is dat lekker", intussen zowat zijn handelsmerk. Zaterdag is het dan doorgaans wat rustiger. Twee matchen uit Duitsland in de namiddag, één uit Engeland in de vooravond, en rond een uur of tien nog eentje uit Spanje. En dan tegen middernacht weer zijn hokje in : "Oh, wat is dat lekker."door Koen Meulenaere'Oh, wat is dat lekker.'