Golf werd bij de familie Pieters met de paplepel ingegeven. Jaak en Veronique Pieters trokken bijna elk weekend met hun drie kinderen naar het golfterrein van Witbos, op twintig kilometer van woonplaats Nijlen. Vijf jaar was Thomas toen hij voor het eerst een golfclub in zijn handen kreeg. Het begin van een onstuitbare liefde. Aanvankelijk combineerde hij het nog met duiken naar golfballetjes in de vijver op het domein - Thomas: 'Door die te verkopen, verdiende ik een zakcentje' - maar toen het hele gezin in 2001 de overstap maakte naar de meer prestigieuze Millennium Golf in Paal werd het serieuzer. Zeker toen de VVG (Vlaamse golffederatie) voor begeleiding van het jonge talent zorgde. 'Ik was zot van golf, ik was er 24 uur per dag mee bezig. Wat mij toch wat onderscheidde van de anderen, denk ik. Zelfs wanneer het al donker was, stond ik nog te oefenen in de bunker tegenover het clubhouse. Ik kan me niet herinneren dat ik ooit golfles gekregen heb, het lijkt alsof ik altijd al gegolfd heb, sinds mijn geboorte', zou Thomas later vertellen over die vroege affiniteit voor golf.
...

Golf werd bij de familie Pieters met de paplepel ingegeven. Jaak en Veronique Pieters trokken bijna elk weekend met hun drie kinderen naar het golfterrein van Witbos, op twintig kilometer van woonplaats Nijlen. Vijf jaar was Thomas toen hij voor het eerst een golfclub in zijn handen kreeg. Het begin van een onstuitbare liefde. Aanvankelijk combineerde hij het nog met duiken naar golfballetjes in de vijver op het domein - Thomas: 'Door die te verkopen, verdiende ik een zakcentje' - maar toen het hele gezin in 2001 de overstap maakte naar de meer prestigieuze Millennium Golf in Paal werd het serieuzer. Zeker toen de VVG (Vlaamse golffederatie) voor begeleiding van het jonge talent zorgde. 'Ik was zot van golf, ik was er 24 uur per dag mee bezig. Wat mij toch wat onderscheidde van de anderen, denk ik. Zelfs wanneer het al donker was, stond ik nog te oefenen in de bunker tegenover het clubhouse. Ik kan me niet herinneren dat ik ooit golfles gekregen heb, het lijkt alsof ik altijd al gegolfd heb, sinds mijn geboorte', zou Thomas later vertellen over die vroege affiniteit voor golf. Geen evidente liefde trouwens, want Thomas sukkelt al van kindsbeen af met een grasallergie. Zelfs als prof ondervindt hij er nog geregeld hinder van. Zoals begin dit jaar. Thomas in Het Nieuwsblad over zijn mindere start van 2016: 'Ik ben vaak ziek geweest, een allergie voor gras blijft me achtervolgen, daar heb ik al heel mijn leven last van. Het ambetante is dat ik er niks aan kan doen, dat is echt frustrerend. Ik voel me dan ellendig, hoeveel pillen ik ook inneem. En ik heb veel hoofdpijn.' Samen met zijn zus Lieselotte, zelf ook tegen de top van België aanleunend in haar leeftijdscategorieën destijds, deed Thomas zijn middelbare aan de topsportschool in Hasselt. Zich er echt thuis voelen heeft hij nooit gedaan. Zelfs de docenten deden wat lacherig over golf, merkte Thomas toen op. 'Hij worstelde met het elitaire van de sport en wilde zich daarvan afzetten, hij wilde cool zijn', verduidelijkte Lieselotte eens in dit blad. Thomas in datzelfde interview: 'Ik verstopte mijn golfpolo en kleedde me om voor ik andere mensen zag. Ik heb het niet zo voor die dresscode en wilde me verzetten tegen al die regeltjes. Maar ik doe de sport zo graag dat ik er nooit aan gedacht heb om ervan af te zien. Op de baan volg ik wel degelijk de regels, maar daarbuiten moet je je eigen persoonlijkheid hebben.' Thomas kroonde zich achtereenvolgens tot Belgisch kampioen bij de U14, U16 en U18 en werd in 2010 samen met Thomas Detry ook geheel onverwacht Europees kampioen in de landencompetitie bij de U18. Het was ook een periode dat de puberteit opspeelde en dat leidde geregeld tot woede-uitbarstingen. Er kwam een psycholoog aan te pas. Thomas: 'Ik ben altijd een karaktertje geweest, ik werd vlug kwaad en gooide al eens met mijn clubs. Maar mijn ouders hebben me daar zwaar op aangepakt. Die woede-uitbarstingen heb ik nu meer onder controle. Ik heb een tijdje een mental coach gehad, maar dat was eerder gericht op mijn persoonlijkheid dan op mijn golfspel. Ik stopte ermee want het was me te technisch, de vele oefeningen lagen me niet. Ik heb ook niet zo een nood om een praatje te maken, dat kan ik thuis al.' Na zijn middelbare wist Thomas het zeker: hij zou geld verdienen als professioneel golfspeler. Omdat de nodige begeleiding en structuur ontbrak in België ging de blik naar het buitenland. De familie Pieters deed een beroep op Overboarder, een rekruteringsbureau voor Amerikaanse universiteiten waar ook de Borlées mee samenwerkten. De University of Illinois werd de nieuwe bestemming van de Belgische golfbelofte. Een verhuis van Hasselt naar Chicago. Voor Thomas een droom die in vervulling ging: als kind dweepte hij al met de NBA en spiegelde hij zich aan Tiger Woods. Op de Amerikaanse universiteit - waar hij sportmanagement studeerde - kwam hij in handen van Mike Small, zelf ooit profspeler en nu een gereputeerde golfcoach. Die bracht hem vooral course management en tactisch denken bij. Maar golf is niet enkel balletjes slaan, ondervond Thomas in Chicago, plots moest hij ook dagelijks het krachthonk in. Nicolas Colsaerts, ondertussen al een ancien in het golfcircuit, gaf het onlangs nog eens aan in een interview: met de intrede van Tiger Woods veranderde de sport helemaal. Sinds een tiental jaren bestaat er een tendens naar steeds meer atletische kwaliteiten en individualisme. Thomas Pieters is een exponent van die generatie. In vergelijking met Colsaerts geniet Pieters nog een andere troef: door zijn opleiding in de VS kan hij veel beter om met het show- en pr-gehalte dat het wereldje omzwachtelt. Sterker, Thomas Pieters geniet van die Amerikaanse benadering. Bon vivant Colsaerts kon nooit goed overweg met dat koele professionalisme en die valse façade van de sport. In het zog van zijn succesvolle Ryder Cupdeelname in 2012 waagde Cols zijn kans in de PGA Tour (het Amerikaanse profcircuit, waar zowat alle toppers in actief zijn en waar het meeste geld valt te verdienen), maar na anderhalf jaar keerde hij al terug naar de European Tour. Gedesillusioneerd door de ieder-voor-zichmentaliteit die op dat circuit heerst. Op dat vlak staat Thomas Pieters sterker, hij is een halve Amerikaan. In denken, doen... en praten. Geregeld gooit hij er een Engelse term tussen, hij loopt graag met een hippe muts rond en hij schuwt de ambitieuze uitspraken niet. Zijn zus, tevens manager en begeleidster, kijkt het soms met lede ogen aan. Zij probeert zo vaak mogelijk bij interviews aanwezig te zijn, kwestie van haar jongere broertje wat in te tomen of bepaalde uitspraken van wat meer context te voorzien. De golfcarrière van Thomas Pieters is een familiebusiness geworden. Team Pieters bestaat veelal uit familieleden: moeder Veronique staat in voor de boekhouding, zus Lieselotte voor het management en de persrelaties, zijn neef Stijn is fitnessinstructeur, een tante is kinesist, een nicht bracht hem de yogafilosofie bij. 'Ik oefen geregeld op ademhalingstechnieken, ' aldus Thomas, 'erg nuttig als golfer: op de baan moet je kalm zijn en je hartslag onder controle kunnen houden. Zeker voor mij interessant, want ik heb wel eens last met het vasthouden van mijn concentratie. Door te focussen op mijn ademhaling, word ik niet langer afgeleid naar de honderd andere dingen die door mijn hoofd flitsen.' De afwezigheid van familiale steun op tour bleek ook de grootste rem op zijn ontwikkeling tijdens zijn debuutjaar als prof in 2014. Sindsdien probeert zus Lieselotte zo vaak mogelijk mee te reizen en zakt de familie af om voor hem te supporteren wanneer het erop aankomt. Zoals vorig jaar, toen Thomas zijn twee eerste zeges boekte op de European Tour: zowel in Tsjechië als Nederland stond de familie naast de baan mee te juichen. Die twee zeges kwamen er trouwens niet toevallig na een moeilijke zomer, een periode waarin Thomas de focus op zijn sport verloor door het overlijden van zijn grootvader. Lieselotte: 'Zijn hoofd stond toen helemaal niet naar golf, de rustperiode in augustus heeft hem deugd gedaan.' 'Ik wil nummer één van de wereld worden.' Het zijn woorden die Thomas Pieters al herhaaldelijk uitsprak in interviews. Als een mantra dat ligt te sudderen om een selffulfilling prophecy te worden. 'Ik kan toch niet vertellen dat ik nummer acht van de wereld wil worden?! Waarom zou ik liegen?' Het typeert de mentaliteit van de rijzige (1m96) Nijlenaar, die rotsvast gelooft in zijn kunnen en al sinds zijn kinderjaren volledig gefocust leeft op zijn sport. Bovendien put hij veel moed uit zijn collegejaren: toen hield hij gelijke tred en versloeg hij zelfs geregeld generatiegenoot Jordan Spieth. Spieth won in 2015 twee majors (Masters en US Open) en kroonde zich tot... nummer één van de wereld. Bij Thomas duurt de aanpassing van amateur naar prof iets langer, maar in 2015 zette hij eveneens belangrijke stappen vooruit. Zijn kort spel werd beter, zijn putting accurater en hij leerde gedurende vier dagen een hoog niveau aan te houden. Ver slagen kon hij altijd al. Het lijkt wel een Belgische specialiteit, want ook Colsaerts staat te boek als een long hitter, niet voor niets luidt zijn bijnaam The Belgian Bomber. Pieters moet niet onderdoen en sloeg al eens een bal 370 meter - dat is bijna vier voetbalvelden - ver. Dankzij zijn goede prestaties in het voorbije jaar maakte Pieters een grote sprong op de wereldranglijst. Hij haalde Nicolas Colsaerts in als best gerangschikte Belg en bekleedt momenteel de 64e plaats op de wereldranking. Daardoor verkreeg hij voor dit jaar al zeker startrecht in twee majors: The Open (14 tot 17 juli in het Schotse Ayrshire) en het PGA Championship (28 tot 31 juli in Springfield, VS). The Open wordt beschouwd als het oudste en meest prestigieuze golftoernooi ter wereld. Het is voor Pieters zijn eerste kennismaking met 'de grote jongens'. Thomas Pieters is een fervent snowboarder, speelde zelf nog basketbal en is bijzonder geïnteresseerd in voetbal. Meer bepaald in de Rode Duivels. Hij glom van trots toen ThomasVermaelen en Jan Vertonghen, twee golffreaks, hem na een match eens opzochten voor een praatje over golf. De Olympische Spelen in Rio, waar golf voor het eerst sinds 1904 nog eens op het programma staat, zijn al een doel nog voor hij prof werd. Pieters dicht zichzelf daar meer toe dan een rol als meeloper: 'Rio is een absolute motivatie voor mij. De ervaring alleen al zal super zijn: kunnen zeggen dat je een olympische atleet bent! En als we daar zijn, is alles mogelijk. Zelfs twee Belgische medailles. Net als in elk toernooi zullen de beste spelers ter wereld erbij zijn, maar in Rio zijn er maar 60 plaatsen in plaats van 120. En er is geen cut (de traditionele halvering van het deelnemersveld halfweg een toernooi, nvdr).' Ondertussen zegden al enkele kleppers af, zoals Rory McIlroy, Jason Day en Adam Scott. Hetzij vanwege het Zikavirus, hetzij vanwege geen prioriteit in een druk seizoen (eind september komt ook de Ryder Cup er nog aan). Rio is een nieuw terrein dat niemand kent en er valt weinig tot niets mee te verdienen, dat zal al een flink stuk dichter bij de waarheid liggen. Pieters snapt die afzeggingen niet: 'De dreiging van het Zikavirus is overroepen. Volgens mij zijn er andere redenen. Nicolas en ik doen het uit liefde voor de sport en voor ons land.' Het discours van iemand die al van zijn vijfde maar één ding wil: op een golfbaan staan. 'Als ik wakker word en ik zie dat de zon schijnt, dan ben ik meteen weg. Soms sta ik dan al om zes uur 's morgens op de baan. Ik golf gewoon erg graag.' DOOR MATTHIAS STOCKMANS - FOTO'S BELGAIMAGE'Vroeger werd ik vlug kwaad en gooide al eens met mijn clubs. Maar mijn ouders hebben me daar zwaar op aangepakt.' THOMAS PIETERS