Een staande ovatie kregen de delegaties van Palestina, Irak en Afghanistan tijdens de openingsceremonie. Enthousiast zwaaiden de sporters terug : alleen al in Athene geraken, was voor hen een olympische prestatie geweest. Nooit voorheen maakten vrouwen deel uit van de Afghaanse en Palestijnse delegatie. De Afghanen pruttelden nog tegen, maar zonder vrouw, maakte het IOC duidelijk, zou er geen geld vrijgemaakt worden om een team voor Athene te bouwen.
...

Een staande ovatie kregen de delegaties van Palestina, Irak en Afghanistan tijdens de openingsceremonie. Enthousiast zwaaiden de sporters terug : alleen al in Athene geraken, was voor hen een olympische prestatie geweest. Nooit voorheen maakten vrouwen deel uit van de Afghaanse en Palestijnse delegatie. De Afghanen pruttelden nog tegen, maar zonder vrouw, maakte het IOC duidelijk, zou er geen geld vrijgemaakt worden om een team voor Athene te bouwen. Die vrouw werd niet Lima Azimi, de 23-jarige atlete die vorig jaar in een simpel T-shirt en een lange broek klaargestoomd werd voor het WK atletiek in Parijs. Ze startte er in de 100 meter in dezelfde reeks als Merlene Ottey en Kelli White. Ze eindigde laatste. Haar tijd ? 18"37. Vóór de start legden officials haar uit hoe ze met startblokken om moest gaan. Om deel te nemen aan de Spelen moest Azimi zes maand stage lopen in Iran. Daar had ze geen zin in : ze wilde verder studeren. Vrijdagmorgen startte haar vervangster in de reeksen van de 100 meter. Pas één jaar geleden begon de 17-jarige Robina Muqimyaar met atletiek. Trainen deed ze in de militaire kazerne. De atletiekpiste rond het stadion is kapotgeschoten en onbruikbaar. Als ze er toch gaat lopen, gebeurt dat met hoofddoek en lange broek. Hoe ze uitverkoren werd ? Ze hoorde dat er meisjes gezocht werden voor het olympische team en meldde zich, al wist ze voor de afreis naar Griekenland dat ze met een persoonlijke besttijd van 15 seconden niet moest dromen van een medaille. De tweede Afghaanse vrouw, de 18-jarige Friba Razayee, wilde eigenlijk boksen, een sport waar ze een jaar geleden verliefd op werd nadat het gezin terug naar huis keerde vanuit Pakistan. Op aanraden van haar vader switchte ze naar het judo. Als enige vrouwelijke bokser miste ze sparringpartners en trainen tegen een man, dat is in Afghanistan anno 2004 nog uit den boze. Bij de mannen verloor bokser Basharmal Sultani vorige week zondag in de eerste ronde van de Egyptenaar Mohamed Hikal. Ook voor Sultani (19) was deelnemen belangrijker dan winnen. Dat was zaterdag niet anders voor 100-meterloper Massoud Azizi (19). Zijn broer was als sprinter een van de laatste twee Afghaanse atleten die deelnamen aan de Spelen, in Atlanta 1996. De andere atleet keerde niet terug naar huis en vroeg politiek asiel aan in Canada. Worstelaar Ahmad Bashir Rahmati (19) maakt de vijfkoppige Afghaanse delegatie compleet. Volgende keer, beloofde de voorzitter van het Afghaanse olympische comité, zal Afghanistan een sterkere delegatie op de been brengen. Donderdagochtend om acht over elf dook de Palestijn Rad Aweisat het olympisch zwembad in voor zijn reeks van de 100 meter vlinderslag. De vereiste minimumtijd (58") had hij niet gehaald, zijn persoonlijk record was 58"59. Zijn weg naar Athene liep via een wildcard. Zeventien is Aweisat. Voorheen oefende hij in het zwembad van de YMCA in Jeruzalem. Toen de Intifada uitbrak, stelde de YMCA hem voor de keuze : zich aansluiten bij de Israëlische zwemfederatie of elders een onderkomen zoeken. Zijn vader besloot daarop om samen met de ouders van andere zwemmers het 17 meter lange zwembad in hun woonwijk uit te graven tot 25 meter. Elke avond trainde Aweisat twee uur, pogend om de andere 25 zwemmers in het bad niet te raken. Zijn boodschap : tonen dat kinderen in Palestina nog wat anders kunnen dan stenen gooien naar soldaten. Naast de 25-jarige 800-meterloper Aldabaji Abdalsalam vervolledigt een vrouw de Palestijnse delegatie. Een atletiekpiste om te oefenen op de 800 meter heeft Sanna Abubkheet niet in de Gaza-strook. Het zou de 19-jarige studente nochtans helpen om de kloof van meer dan 30 seconden verschil met het wereldrecord te verkleinen. Voorlopig traint de eerste Palestijnse vrouw op de Spelen langs de kustweg. Ze woont met haar ouders en hun andere vijf kinderen in één kamer. Een medaille beoogt ze niet, wél een kans om zich te laten opmerken, zodat ze naar het buitenland kan. Met de sportieve en financiële steun van het Amerikaanse olympisch comité stuurde Irak een grotere delegatie, mét een vrouwelijke atlete. In de honderd meter startte vrijdag Alaa Jassim Hikmat (18) in lange broek, "omdat het voor een vrouw uit een islamitisch land niet betaamt in korte broek te lopen." Ook Alaa Jassim heeft een voorbeeldfunctie, weet het Iraakse olympische comité, pas in februari opnieuw internationaal erkend nadat het vorig jaar door het IOC geschorst was omwille van de brutaliteiten van zijn voorzitter, een van Saddam Husseins zonen. Rijk worden de nieuwe Iraakse olympiërs voorlopig niet van hun sport. Nauwelijks een trainingsjack kon er voor elk van hen af. Trainingsfaciliteiten vonden ze enkel in het buitenland. Naast Alaa Jassim presenteerden zich in Athene taekwondo-atleet Raid Rasheed (28), judoka en vlaggendrager Hadir Lazame (29), de 24-jarige Alaa Motar, die maandagavond startte in de 400 meter horden en de 24-jarige bokser Ali Najah. Ali Najah dankt zijn aanwezigheid aan de Amerikaanse boksinstructeur Maurice Watkins. Vorige herfst liet de voormalige profbokser die met het Amerikaanse leger naar Irak trok zich overtuigen om op zoek te gaan naar lokaal bokstalent in en rond Bagdad. Op de eerste dag kreeg hij 24 kandidaat-boksers over de vloer. Najah viel hem op omdat die vrankweg zei : "Als u iemand zoekt voor de Olympische Spelen, ben ik uw man." Watkins trainde het groepje in een zaaltje in Bagdad en trok vervolgens naar wedstrijden in China, Pakistan en de Filipijnen. Omdat niemand de limiet haalde, kozen Watkins en de drie Iraakse assistent-coaches unaniem voor Ali vanwege zijn talent en strijdlust. Hij mocht op trainingskamp naar de VS, waar hij 'Iraq is back' op zijn T-shirt schreef. Ook voor Ali is deelnemen belangrijker dan winnen. Hoe winnen smaakt, weet de 26-jarige zwemmer Mohammed Abbas sinds vorige dinsdag. Voor de start van zijn reeks van de 100 meter vrije slag telde hij de vijfde tijd van de zeven deelnemers : 58"24. Dat is net iets trager dan Pieter van den Hoogenband (47"84). Eén minuut later was Abbas even de gelukkigste man op aarde toen hij zijn reeks won en zijn persoonlijk record verpulverde (56"81). Maar zijn hoop om naast Van den Hoogenband de halve finales te zwemmen, verzwond snel : in de zeven andere reeksen zwom niemand trager dan hij. Voor twintig andere Irakezen duurt het verblijf op de Spelen langer dan gepland. Zij maken de selectie uit van het voetbalteam dat zich wél officieel kwalificeerde in een olympisch pretoernooi en zich via drie zeges in evenveel wedstrijden op de Spelen verrassend plaatste voor de halve finales. Het stel youngsters uit de eigen Iraakse competitie, aangevuld met vier profs uit Egypte, Syrië en Saudi-Arabië, wéét nu dat winnen zoeter smaakt dan alleen maar deelnemen. Hun zege maakt andere Irakezen blij. Al was het maar de vier inzittenden van de auto die zondagavond langs het Metaxourgiaplein luid toeterend rondreed na de tweede zege, met een Iraakse vlag uit het open raam. Irak lééft weer een beetje. door Geert FoutréOp de Spelen van 1996 vroeg een Afghaanse atleet politiek asiel aan.