Net voor hij zich in functie van de fotoshoot tooit in de attributen van de Great Old, zegt de Vlaamse minister van Sport Philippe Muyters (55): 'Ik heb een heel intense band met de club. Een sleutelmoment speelde zich af in november 1974, toen een vriend van mijn vader - die we gemakshalve nonkel Walter noemden - ons meenam naar Antwerp tegen Ajax. Het was de return in de tweede ronde van de UEFA Cup en de legendarische Guy Thys was onze trainer. We hadden in Amsterdam met 1-0 verloren. Ik mocht als twaalfjarige mee naar een bomvolle Bosuil, waar je overweldigd werd door 40.000 uitzinnige fans. Het was een confrontatie die bol ston...

Net voor hij zich in functie van de fotoshoot tooit in de attributen van de Great Old, zegt de Vlaamse minister van Sport Philippe Muyters (55): 'Ik heb een heel intense band met de club. Een sleutelmoment speelde zich af in november 1974, toen een vriend van mijn vader - die we gemakshalve nonkel Walter noemden - ons meenam naar Antwerp tegen Ajax. Het was de return in de tweede ronde van de UEFA Cup en de legendarische Guy Thys was onze trainer. We hadden in Amsterdam met 1-0 verloren. Ik mocht als twaalfjarige mee naar een bomvolle Bosuil, waar je overweldigd werd door 40.000 uitzinnige fans. Het was een confrontatie die bol stond van de bizarre beslissingen. Antwerp haalde het met 2-1, René Desaeyere en Johnny Rep kregen rood en de 3-1 van Alfred Riedl werd - ten onrechte, zo bleek achteraf uit de beelden - afgekeurd. Het was het grote Ajax, met doelman Piet Schrijvers, Ruud Geels, Arie Haan, zelfs Jan Mulder... (lacht) Door de onderdompeling in die unieke sfeer werd ik supporter voor het leven. 'Ik was zelf nooit van de grootsten en kwam daardoor vooral in vervoering door Flemming Lund. Een dribbelkont, een heel explosieve pocketvoetballer. Maar ik had ook een boontje voor Roger Van Gool. Ik volgde zijn parcours nauwgezet: zijn overstap naar FC Köln, Coventry en later Nîmes. Van Gool ging elke uitdaging aan. Een Antwerpfan koestert zijn iconen: Hans-Peter Lehnhoff wordt nog altijd op handen gedragen, en Frans van Rooij, Alex Czerniatynski, Cisse Severeyns en Rudi Smidts worden met veel respect benaderd. 'Onlangs trok ik naar de 1B-competitiewedstrijd tegen Oud-Heverlee Leuven. Ik werd naar de Bosuil gelokt door mijn zoon Yves, als geschenk voor mijn verjaardag. Volledig incognito stond ik er op de tribune, met sjaal en berenmuts. Zo kon ik me anoniem uitleven. Vroeger had ik samen met Yves een abonnement, onder de vroegere Rizlaboog en later op de familietribune. Dat waren altijd gezellige tijden, echte papa-zoonmomenten. Dan ging ik mee rechtstaan, in de handen klappen en dingen scanderen. Sport is emotie en passie, toch? Maar sinds ik in 2009 minister werd, was dat niet meer combineerbaar. 'Antwerpsupporters zijn mensen met een groot hart, die uitblinken door hun gedrevenheid en trouwheid. Ik voel me thuis op de Bosuil, ook al slonk de massa van 40.000 naar een schare van 12.000 trouwe aanhangers. Het stadion blijft een authentieke locatie. Ik doe er vaak en graag interviews. Het uitzicht vanuit de eretribune is magnifiek. Wist je dat ik een stukje steen van de oude staantribune bijhoud? Omdat ik er jarenlang stond. Dat is een beetje nostalgie. 'Mijn meest kostbare truitje van Royal Antwerp FC kreeg ik voor mijn vijftigste verjaardag cadeau, vijf jaar geleden. Alle handtekeningen van de spelers stonden erop. Alleen ging het exemplaar verloren bij de verhuis van mijn vorige kabinet naar het huidige. Ik troost me met de gedachte dat ik ondertussen al een nieuw shirtje heb. Eentje van vorig jaar, gehandtekend, maar ditmaal ingekaderd op mijn kantoor. Zo kan het niet meer ontsnappen.' DOOR FRÉDÉRIC VANHEULE - FOTO KOEN BAUTERS'Wist je dat ik een stukje steen van de oude staantribune bijhoud? Dat is een beetje nostalgie.' - PHILIPPE MUYTERS