"Een voetbalwedstrijd is meer dan die negentig minuten. Wij willen voor en na een wedstrijd activiteiten organiseren. Bij RC Genk hebben ze dat goed begrepen, daar zorgen ze voor animatie die er voor die speciale sfeer zorgt. Anderlecht wil dat voorbeeld volgen, want we moeten durven toegeven : op dat vlak hebben we een achterstand opgelopen."
...

"Een voetbalwedstrijd is meer dan die negentig minuten. Wij willen voor en na een wedstrijd activiteiten organiseren. Bij RC Genk hebben ze dat goed begrepen, daar zorgen ze voor animatie die er voor die speciale sfeer zorgt. Anderlecht wil dat voorbeeld volgen, want we moeten durven toegeven : op dat vlak hebben we een achterstand opgelopen."Weinigen die de juistheid van deze observatie in twijfel trekken (of hij heet Verschueren of Vanden Stock), maar van iemand die op dat moment pas vier maanden in dienst was van dat Anderlecht, waren het opmerkelijke woorden. Alain Courtois sprak ze. Faut le faire. Het deed denken aan de entree van Aimé Anthuenis in Brussel : maanden duurde het voor de trainer een zin uitsprak waarin niet minstens één keer het vierletterwoord 'Genk' voorkwam. Met Anthuenis kwam het uiteindelijk, nou ja, nog goed, met Courtois niet. Alain Courtois sprak in de wij-vorm, maar dat was alleen uit beleefdheid. Niemand in het Vanden Stockstadion die hem in zijn naam had willen horen zeggen dat Anderlecht achterstand had opgelopen ten aanzien van een club uit het marginale Limburg. De directeur-generaal zag het tot zijn taak Anderlecht van een familiebedrijf om te bouwen tot een echte sportonderneming, waarbij omzet en winst zo goed als het kan onafhankelijk staan van wat er op het veld gebeurt. "Want met voetbalinkomsten alleen red je het niet meer", aldus Courtois. "Positief aan Anderlecht is dat wij over de achterban beschikken om extra inkomsten te realiseren", zei Courtois ook. Een van de eerste dingen die hij liet uitvoeren, was een studie naar die achterban. Daaruit bleek dat slechts drie procent van de supporters Brusselaars zijn. Onbegrijpelijk, vond de directeur-generaal, die het hoog tijd vond dat Anderlecht naar zijn (potentiële) supporter toe stapte. Er moest een nieuw sportcentrum komen, een clubmuseum en een themacafé, er zou werk gemaakt worden van gezinsvriendelijke initiatieven, een eigen sms-dienst en een eigen tv-programma, de merchandising moest aangezwengeld worden, de website gecommercialiseerd en de stadionexploitatie geoptimaliseerd.Maar Courtois voelde en zàg hoe Anderlecht niet mee wilde. Toen het nieuwe scorebord er kwam, waarop commerciële boodschappen verkocht konden worden, stelde hij vast dat de regie ervan zomaar aan het bedrijf van een vriend van Michel Verschueren werd gegeven. In een vorig decennium zagen Paul Courant en Graeme Rutjes een megadeal met Nike ook al gedwarsboomd, toen de club het met Adidas, de vriendschapsbanden ter wille, alsnog op een nieuw akkoord gooide. Verwijzend naar dat incident, dat tot het opstappen van Rutjes en later Courant leidde, had Courtois gezegd dat zoiets in de toekomst niet meer zou kunnen. "Op Anderlecht wordt alles op z'n Brussels gearrangeerd", weet iemand die er verscheidene jaren rondliep en geregeld nog contact had met Courtois. "Er wordt bijvoorbeeld nooit met aanbestedingen gewerkt. De club wordt geplukt en anderen worden daar beter van. De aanwerving van Alain Courtois was een stunt die hen drie dagen een plaats op de voorpagina's opleverde. Maar Courtois had een visie en Anderlecht is en blijft een familiebedrijfje dat niemand inzage wenst te geven in zijn zaken. Dat heeft Courtois enorm gefrustreerd. Dat hij opstapt, kan niemand verrassen." Terwijl de Anderlechttop vrijdag in Charleroi in de tribunes van Mambourg zat, gaf Alain Courtois in een conferentiezaal van het Constant Vanden Stockstadion op uitnodiging van KPMG een lezing over de toekomst van het Belgisch voetbal - een afspraak die maanden geleden al was vastgelegd. Een maand geeft hij zich de tijd, zegt hij, om zich te beraden over zijn toekomst.door Jan Hauspie