Met 4 op 39, in het najaar van 2017, leek Zulte Waregem vorig seizoen op een ramp af te stevenen. Na Nieuwjaar rechtte Essevee echter de rug, met name met een recordaantal punten in play-off 2 (28 op 30). Alleen KRC Genk kon de fusieploeg van een Europees ticket houden. Dat is nu ook weer het (voorlopig stilgezwegen) doel. Wel uitgesproken, zoals elk jaar: play-off 1 halen.
...

Met 4 op 39, in het najaar van 2017, leek Zulte Waregem vorig seizoen op een ramp af te stevenen. Na Nieuwjaar rechtte Essevee echter de rug, met name met een recordaantal punten in play-off 2 (28 op 30). Alleen KRC Genk kon de fusieploeg van een Europees ticket houden. Dat is nu ook weer het (voorlopig stilgezwegen) doel. Wel uitgesproken, zoals elk jaar: play-off 1 halen. 52 tegengoals was vorig seizoen het grote pijnpunt, zeker tijdens de crisisperiode. Mede omdat Bossut tot eind november out was met een buikblessure, en zijn leiderschap gemist werd. Vervangers Bostyn en Leali presteerden immers te wisselvallig. Leali is al weg sinds de winterstop, Bostyn vecht nu met de Duitser Bansen voor een plek als tweede doelman. Om de concurrentie, zeker centraal in de defensie, te vergroten, werd in de winterstop Bjørdal al gehaald en daar kwam na het seizoen Bürki bij, de linksvoetige centrale verdediger waar Dury naar verlangde. Daardoor kan hij Baudry, die zich vorig seizoen goed ontwikkelde, rechts centraal laten spelen. Tegenvaller is de wekenlange absentie van Derijck (teenbreuk), al kan die nog vertrekken, gezien diens aflopende contract. Op links vervangt DemirHamalainen. Op rechts heeft Dury de keuze tussen de 37-jarige De fauw en Walsh. Misschien wel dé reden voor het aantal tegentreffers vorig seizoen was het gebrek aan balans. Met vooral een gemis aan loopvermogen en duelkracht centraal op het middenveld; cruciaal in Dury's systeem met hoge backs. Niet toevallig probeerde de Esseveecoach elf verschillende combinaties uit op de 6 en de 8-positie. Omdat andere middenvelders als Kaya/Coopman verdedigend tekortschoten, kwam de toch al wankele defensie te veel onder druk. Dat hoopt Dury op te lossen met de fysiek sterke Tardieu, maar de Fransman mist de competitiestart met een enkelblessure. Marcq (in de winterstop voor 1 miljoen euro gehaald bij KAA Gent) zal daardoor zijn kans krijgen, al is de vraag of die na zijn klierkoorts nog zijn oude niveau zal halen. De Nederlandse Marokkaan Faik moet op de 8 verdedigend en ook aanvallend, met zijn uitstekende traptechniek, voor een meerwaarde zorgen. Nissilä en Jensen zijn back-ups. Offensief wordt Bongonda, voor 1,5 miljoen euro definitief overgekocht van Celta de Vigo, zeer bepalend. Alleen moet hij zijn dribbels en snelheid nog meer koppelen aan efficiëntie. Ook met De Pauw, Kaya, en nieuwkomers Buffel, Bjørdal (geen familie van de verdediger) en Soisalo, de jonge Fin die met zijn groot loopvermogen al een goeie indruk maakte, kan Dury wisselen op de posities. 19 goals in 17 wedstrijden scoorde Harbaoui na de winterstop, waarvan 7 penalty's en 13 in play-off 2 tegen weinig competitieve tegenstanders. Zo had Zulte Waregem eindelijk een spits die de kansen, die het zelfs in de crisisperiode afdwong, afmaakte. De Tunesiër zal zijn doelpuntengemiddelde allicht niet kunnen aanhouden tegen betere ploegen, maar met de helft is Dury al tevreden. Aangezien Leya Iseka en Saponjic niet meer gehuurd worden, moet er nog een spits bij komen, als alternatief voor Harbaoui. Meer dan ooit zet Zulte Waregem in op eigen spelers - geen acht huurlingen meer, zoals vorig jaar - en op de jeugd; zes van de negen nieuwkomers zijn 25 jaar of jonger. Met Buffel (37) werd een ervaren leider aangetrokken. Die allemaal inpassen zal tijd vergen. Dat bleek ook in de voorbereiding waar het, mede door blessures, nog zoeken was naar de voor Dury zo cruciale balans in zijn elftal. Met wedstrijden tegen Waasland-Beveren, Eupen en Cercle Brugge in de eerste vier competitiematchen, naast een uitmatch op KAA Gent, krijgt Essevee een relatief makkelijk seizoensbegin voorgeschoteld. Bovendien valt de belasting van een Europese campagne weg. Of een mogelijke goede start zal volstaan voor de fusieploeg om zich weer op te werpen als 'de grootste challenger van de Belgische top', zoals algemeen manager Cordier het bij de ploegvoorstelling verwoordde, is echter nog af te wachten.