Een paar keer hoefde het niet, maar vaak deed Ivan Leko het wel na een wedstrijd: een beetje mopperen over de kwaliteit die zijn ploeg op de mat legde. Zelfs na een overwinning. Leko toonde zich een streng leermeester en eiste meer efficiëntie, zowel voorin als achterin. Het was zondag na de nederlaag op Anderlecht niet anders. Vooral de schlemielige manier waarop Club de vrije trap weggaf die tot de goal van LukaszTeodorczyk leidde - Lior Refaelov beging onhandig hands op een inworp van Dion Cools - zal de Kroaat hoog hebben zitten. Club slikte een goal op een moment dat Anderlecht al in de energietank richting reserves dook. De intense eerste helft had veel krachten gekost. Uitgerekend dan de goal weggeven en de thuisploeg zelf in de zetel zetten, was dom. Scoorde Refaelov punten bij zijn invalbeurt tegen Genk en met zijn prestatie op Gent, dan vergooide hij er weer een heleboel met een fletse prestatie in Brussel.

De Brugse machine dendert niet meer over de tegenstander.

Over een gebrek aan verdedigende efficiëntie mocht Club nochtans niet klagen. Net als Gent een week eerder startte Anderlecht in overdrive, maar dit keer gaf de Brugse defensie geen krimp. Vladimir Gaboelov was niet de doelman die vlak na Nieuwjaar in vijf wedstrijden dertien doelpunten slikte. Hij toonde zich autoritair op hoge ballen, ging goed plat op schoten, was klemvast en had een goeie reflex in huis toen hem van dichtbij belaagde.

De verdediging hield het dus lang, anders dan tegen Gent, toen het in de beginfase langs alle kanten lekte. Nu is Anderlecht ook Gent niet, in die zin dat de Buffalo's het veld aanvallend breed hielden zodat Club keuzes moest maken. Iemand uit het centrum naar de flank halen ( Denwsil of Mitrovic) en zo daar wat kwetsbaarder worden, of de flanken laten afdekken door de buitenspelers ( Cools en Touba) en in de omschakeling van veel dieper moeten vertrekken. Voor Club dat geschuif onder controle had, was het verschil al gemaakt.

Anderlecht voetbalde ook met drie spitsen, maar die speelden veel dichter bij elkaar. Club ving hen één tegen één op, zonder rugdekking. Met lef, maar omdat MecheleTeo grotendeels onder controle had, Mitrovic hetzelfde deed met Gerkens en Denwsil Markovic aan de klap hield, was de dreiging van de thuisploeg tot de 1-0 relatief beperkt. Aanvoerder Ruud Vormer vond dat het achterin bijwijlen 'lekte als een zeef', maar dat was vooral na de 1-0 en in het laatste kwartier, toen Leko Denswil opofferde en het even duurde, tot de blessure van Saelemaekers, voor Nakamba begreep dat hij de linkerflank verdedigend moest afdekken.

Offensief

Aanvallend was het een ander paar mouwen. Net als tegen Gent en Genk geraakte Club amper aan kansen. Lang luidde de klaagzang bij blauw-zwart: we creëren veel kansen, maar maken ze niet af. Dezer dagen creëert Club de kansen niet meer. De machine dendert niet meer over de tegenstander.

Na Gent werd nog gewezen naar de afwezigheid van Limbombe, in Brussel bleek waarom. Als het dicht zit, heeft hij de actie. Bij Gent maakte een week geleden Simon het verschil, nu probeerde Limbombe dat te doen. Dat uitgerekend hij in de slotfase fysieke problemen kreeg en de bank wees op buikspieren en lies, toen hij zijn rechtstreekse tegenstander liet lopen bij een counter, deed de fans even schrikken. Na affluiten zeeg hij direct neer. Uit ontgoocheling? Of voelde hij weer de hinder die hem vorig seizoen al problemen bezorgde? Zien of hij donderdag fit is. Qua recuperatie zijn de play-offs meedogenloos.

Limbombe bleef wel 90 minuten aan de lijn gekluisterd. Zelfs toen Cools voor de rust een paar keer de vrije baan vond op rechts en hij kon voorzetten. Niet hij moet in de box komen, wel Vanaken of Refaelov. Dat lukte een paar keer, maar onvoldoende.

En hier nijpt het voor Club. Omdat het blauw-zwarte middenveld tegen Genk niet onder de strikte mandekking onderuit raakte, bracht Leko toen in de 64e minuut met Refaelov een extra creatieve verbindingsman tussen middenveld en aanval. Dat deed de wedstrijd kantelen, het duo Seck- Wouters moest plots keuzes maken, beging meer fouten, liet Vormer één keer in de ruimte lopen en had prijs: strafschop en doelpunt.

Omdat Club tijdens de competitiewedstrijd in Gent de strijd op het middenveld had verloren, zette Leko daar voor de play-offs een extra mannetje. Dat leidde vanaf het halfuur tot uitstekend voetbal. Niet tot veel kansen, maar Club keerde wel met een goed gevoel terug uit Gent.

In Brussel werd dat herhaald. Werkte het weer? Ja en neen. Het werkte in die zin dat Club opnieuw de wedstrijd afsloot met het meeste balbezit. In Gent 63 procent, in Brussel 57. Er is evenwel een maar. Leidde het balbezit in Gent nog tot 14 schoten, waarvan 6 op doel, dan noteerde de statisticus in Brussel maar 10 schoten, waarvan slechts 3 op doel. U snapt meteen de frustratie van Diaby en Leko: het moest snel diep gaan, om hem vrij te krijgen, maar dat gebeurde niet.

De vraag daarbij is: kon het ook snel diep, met types als Refaelov, die in de bal komt, of zijn vervanger Wesley die dat ook doet, of met Limbombe, die tegen zijn lijn kleeft. Dennis naast Diaby zetten in plaats van Wesley was een alternatief geweest, maar omdat Anderlecht terugplooide, koos Leko voor de sterkere Braziliaan. Dat leverde een (afgekeurde) goal op, maar het weze duidelijk dat op dit niveau Teo in zijn ontwikkeling verder staat en veel lastiger te bespelen is dan Wesley. Logisch, gezien hun leeftijd.

Balans

Vanaken plus Refaelov plus twee spitsen aan de aftrap vindt Leko een onmogelijke balans. Het had gekund tegen de brede aanval in Gent, maar dan in een 4-4-2. In Brussel was dat iets moeilijker geweest, met die drie van Anderlecht die dicht bij elkaar spelen. Dat betekent wel het overboord gooien van alles waar je al een heel jaar mee bezig bent, en wat je voor Nieuwjaar succes bracht. In de reguliere competitie scoorde Club alleen niet in Genk, in Gent en op Anderlecht. Die lijn trekt het nu door. Thuis lukt scoren altijd. Wellicht deze week opnieuw met twee spitsen. Zonder Refaelov.

Donderdag komt Charleroi, zondag Standard. Tegen Charleroi maakte Club er thuis voor de beker vijf en in de competitie drie. Standard slikte er in Brugge drie in de beker en vier in de competitie. De wereld kan er zondag alweer helemaal anders uitzien. Bij de start van de play-offs kon Brugge stellen dat het met 20 of 21 punten kampioen zou worden. Ondertussen zijn er al 6 vergooid. Nog geen man overboord, maar in het mentale steekspel dat PO1 is, kunnen ze er wat rust in de tent gebruiken. Misschien herhaalt de geschiedenis zich. Twee jaar geleden was er ook twijfel, na de eigen 6 op 12 en de sterke play-offs van Anderlecht. Toen kreeg Zulte Waregem er vijf om de oren, verloor Anderlecht onverwacht in Oostende en lag de weg open.

Een paar keer hoefde het niet, maar vaak deed Ivan Leko het wel na een wedstrijd: een beetje mopperen over de kwaliteit die zijn ploeg op de mat legde. Zelfs na een overwinning. Leko toonde zich een streng leermeester en eiste meer efficiëntie, zowel voorin als achterin. Het was zondag na de nederlaag op Anderlecht niet anders. Vooral de schlemielige manier waarop Club de vrije trap weggaf die tot de goal van LukaszTeodorczyk leidde - Lior Refaelov beging onhandig hands op een inworp van Dion Cools - zal de Kroaat hoog hebben zitten. Club slikte een goal op een moment dat Anderlecht al in de energietank richting reserves dook. De intense eerste helft had veel krachten gekost. Uitgerekend dan de goal weggeven en de thuisploeg zelf in de zetel zetten, was dom. Scoorde Refaelov punten bij zijn invalbeurt tegen Genk en met zijn prestatie op Gent, dan vergooide hij er weer een heleboel met een fletse prestatie in Brussel. Over een gebrek aan verdedigende efficiëntie mocht Club nochtans niet klagen. Net als Gent een week eerder startte Anderlecht in overdrive, maar dit keer gaf de Brugse defensie geen krimp. Vladimir Gaboelov was niet de doelman die vlak na Nieuwjaar in vijf wedstrijden dertien doelpunten slikte. Hij toonde zich autoritair op hoge ballen, ging goed plat op schoten, was klemvast en had een goeie reflex in huis toen Sá hem van dichtbij belaagde. De verdediging hield het dus lang, anders dan tegen Gent, toen het in de beginfase langs alle kanten lekte. Nu is Anderlecht ook Gent niet, in die zin dat de Buffalo's het veld aanvallend breed hielden zodat Club keuzes moest maken. Iemand uit het centrum naar de flank halen ( Denwsil of Mitrovic) en zo daar wat kwetsbaarder worden, of de flanken laten afdekken door de buitenspelers ( Cools en Touba) en in de omschakeling van veel dieper moeten vertrekken. Voor Club dat geschuif onder controle had, was het verschil al gemaakt. Anderlecht voetbalde ook met drie spitsen, maar die speelden veel dichter bij elkaar. Club ving hen één tegen één op, zonder rugdekking. Met lef, maar omdat MecheleTeo grotendeels onder controle had, Mitrovic hetzelfde deed met Gerkens en Denwsil Markovic aan de klap hield, was de dreiging van de thuisploeg tot de 1-0 relatief beperkt. Aanvoerder Ruud Vormer vond dat het achterin bijwijlen 'lekte als een zeef', maar dat was vooral na de 1-0 en in het laatste kwartier, toen Leko Denswil opofferde en het even duurde, tot de blessure van Saelemaekers, voor Nakamba begreep dat hij de linkerflank verdedigend moest afdekken. Aanvallend was het een ander paar mouwen. Net als tegen Gent en Genk geraakte Club amper aan kansen. Lang luidde de klaagzang bij blauw-zwart: we creëren veel kansen, maar maken ze niet af. Dezer dagen creëert Club de kansen niet meer. De machine dendert niet meer over de tegenstander. Na Gent werd nog gewezen naar de afwezigheid van Limbombe, in Brussel bleek waarom. Als het dicht zit, heeft hij de actie. Bij Gent maakte een week geleden Simon het verschil, nu probeerde Limbombe dat te doen. Dat uitgerekend hij in de slotfase fysieke problemen kreeg en de bank wees op buikspieren en lies, toen hij zijn rechtstreekse tegenstander liet lopen bij een counter, deed de fans even schrikken. Na affluiten zeeg hij direct neer. Uit ontgoocheling? Of voelde hij weer de hinder die hem vorig seizoen al problemen bezorgde? Zien of hij donderdag fit is. Qua recuperatie zijn de play-offs meedogenloos. Limbombe bleef wel 90 minuten aan de lijn gekluisterd. Zelfs toen Cools voor de rust een paar keer de vrije baan vond op rechts en hij kon voorzetten. Niet hij moet in de box komen, wel Vanaken of Refaelov. Dat lukte een paar keer, maar onvoldoende. En hier nijpt het voor Club. Omdat het blauw-zwarte middenveld tegen Genk niet onder de strikte mandekking onderuit raakte, bracht Leko toen in de 64e minuut met Refaelov een extra creatieve verbindingsman tussen middenveld en aanval. Dat deed de wedstrijd kantelen, het duo Seck- Wouters moest plots keuzes maken, beging meer fouten, liet Vormer één keer in de ruimte lopen en had prijs: strafschop en doelpunt. Omdat Club tijdens de competitiewedstrijd in Gent de strijd op het middenveld had verloren, zette Leko daar voor de play-offs een extra mannetje. Dat leidde vanaf het halfuur tot uitstekend voetbal. Niet tot veel kansen, maar Club keerde wel met een goed gevoel terug uit Gent. In Brussel werd dat herhaald. Werkte het weer? Ja en neen. Het werkte in die zin dat Club opnieuw de wedstrijd afsloot met het meeste balbezit. In Gent 63 procent, in Brussel 57. Er is evenwel een maar. Leidde het balbezit in Gent nog tot 14 schoten, waarvan 6 op doel, dan noteerde de statisticus in Brussel maar 10 schoten, waarvan slechts 3 op doel. U snapt meteen de frustratie van Diaby en Leko: het moest snel diep gaan, om hem vrij te krijgen, maar dat gebeurde niet. De vraag daarbij is: kon het ook snel diep, met types als Refaelov, die in de bal komt, of zijn vervanger Wesley die dat ook doet, of met Limbombe, die tegen zijn lijn kleeft. Dennis naast Diaby zetten in plaats van Wesley was een alternatief geweest, maar omdat Anderlecht terugplooide, koos Leko voor de sterkere Braziliaan. Dat leverde een (afgekeurde) goal op, maar het weze duidelijk dat op dit niveau Teo in zijn ontwikkeling verder staat en veel lastiger te bespelen is dan Wesley. Logisch, gezien hun leeftijd. Vanaken plus Refaelov plus twee spitsen aan de aftrap vindt Leko een onmogelijke balans. Het had gekund tegen de brede aanval in Gent, maar dan in een 4-4-2. In Brussel was dat iets moeilijker geweest, met die drie van Anderlecht die dicht bij elkaar spelen. Dat betekent wel het overboord gooien van alles waar je al een heel jaar mee bezig bent, en wat je voor Nieuwjaar succes bracht. In de reguliere competitie scoorde Club alleen niet in Genk, in Gent en op Anderlecht. Die lijn trekt het nu door. Thuis lukt scoren altijd. Wellicht deze week opnieuw met twee spitsen. Zonder Refaelov. Donderdag komt Charleroi, zondag Standard. Tegen Charleroi maakte Club er thuis voor de beker vijf en in de competitie drie. Standard slikte er in Brugge drie in de beker en vier in de competitie. De wereld kan er zondag alweer helemaal anders uitzien. Bij de start van de play-offs kon Brugge stellen dat het met 20 of 21 punten kampioen zou worden. Ondertussen zijn er al 6 vergooid. Nog geen man overboord, maar in het mentale steekspel dat PO1 is, kunnen ze er wat rust in de tent gebruiken. Misschien herhaalt de geschiedenis zich. Twee jaar geleden was er ook twijfel, na de eigen 6 op 12 en de sterke play-offs van Anderlecht. Toen kreeg Zulte Waregem er vijf om de oren, verloor Anderlecht onverwacht in Oostende en lag de weg open.