Het seizoen van Anderlecht begint opvallende gelijkenissen te vertonen met het vorige. Ook toen vatte de landskampioen met een ei in de broek zijn Europese campagne aan. Tegen AEL Limassol koos John van den Brom voor een defensieve aanpak die niemand van de Nederlander had verwacht. Verlamd door de druk leek hij wel om koste wat het kost de poules van de Champions League te bereiken. Die druk was er dit jaar niet. De rechtstreekse kwalificatie zorgde voor rust in de aanloop naar de Europese campagne. Toch stuurde de coach zijn spelers tegen Benfica in een onherkenbare formatie het veld op. Anderlecht kreeg wat het over zich afriep: een pak voor de broek.
...

Het seizoen van Anderlecht begint opvallende gelijkenissen te vertonen met het vorige. Ook toen vatte de landskampioen met een ei in de broek zijn Europese campagne aan. Tegen AEL Limassol koos John van den Brom voor een defensieve aanpak die niemand van de Nederlander had verwacht. Verlamd door de druk leek hij wel om koste wat het kost de poules van de Champions League te bereiken. Die druk was er dit jaar niet. De rechtstreekse kwalificatie zorgde voor rust in de aanloop naar de Europese campagne. Toch stuurde de coach zijn spelers tegen Benfica in een onherkenbare formatie het veld op. Anderlecht kreeg wat het over zich afriep: een pak voor de broek. De belabberde vertoning in Portugal bezegelde de nieuwe moeizame competitiestart van de ploeg van Van den Brom. Vorig jaar zag ze Club Brugge van zich weglopen, nu Standard én Club. De ommekeer kwam er met het bezoek van Zenit Sint-Petersburg begin november 2012. Na een zwarte week met als dieptepunt de nederlaag op Charleroi slaagde Van den Brom erin zijn spelers thuis tegen de Russen toch weer ambitieus te laten voetballen. De lichte brigade met DennisPraet en Massimo Bruno kreeg het vertrouwen en Anderlecht kwam opnieuw zelfbewust voor de dag. Het versloeg de Gazpromclub met 1-0. Van dat moment af stuwde de Champions League de ploeg ook in de competitie naar een hoger niveau. Met Nieuwjaar voerde Anderlecht alweer ruim de Jupiler Pro League aan. In Europa echter bleef het op zijn honger zitten. Dat Anderlecht zijn tegenstanders met twee tieners tegemoet trad ontging de kenners in de internationale top niet, maar de beloning bleef uit. Aarzelingen achterin en gemiste kansen voorin werden cash betaald. De ploeg had stappen vooruit gezet, maar het resultaat was hetzelfde. Laatste plaats en uitgeschakeld. Één jaar later is dat na amper twee speeldagen opnieuw de conclusie. Tegen de Griekse topclub Olympiacos werd kans op kans gemist en gestuntel achterin afgestraft. Met een dubbele confrontatie met PSG in het vooruitzicht lijkt de hoop op Europese overwintering nu al verzwonden. Tot overmaat van ramp lijkt de goede prestatie de ploeg dit keer geen boost te geven in de competitie. Tegen KV Kortrijk leed Anderlecht al zijn vierde nederlaag uit tien wedstrijden. Voordien beet het op korte tijd in het zand tegen drie play-off 1-deelnemers (Lokeren, Club Brugge en Zulte Waregem). Precies wat het vorige winter ook al eens overkwam, de bekeruitschakeling tegen RC Genk inbegrepen. Naarmate de play-offs naderden, sloeg toen de kramp in de Brusselse benen. Van de zelfbewuste groep die in Europa sterkere tegenstanders het vuur aan de schenen had gelegd, bleef in de nacompetitie weinig over. Op het veld stond een verzameling twijfelende en mopperende spelers. Het is die lijn die nu naadloos naar het huidige seizoen wordt doorgetrokken. Zowel het voetbal als het resultaat blijft regelmaat missen. Na de afgang tegen KV Kortrijk diepte Van den Brom het woord 'apathie' op om de ingesteldheid van zijn spelers samen te vatten. Hij deed dat niet voor het eerst en er was weinig tegenin te brengen. Zijn team oogt inderdaad vaak niet scherp noch fris. Ook vorig seizoen al niet. Insiders schrijven dit nog altijd toe aan het ontslag van fysiektrainer Mario Innaurato. Net als de clubdokter plaatste Innaurato al vroeg vragen bij de te losse trainingsaanpak van de nieuwe coach. Dat kwam beiden op ontslag te staan. Tegenspraak wordt duur betaald op Anderlecht sinds Van den Brom er zijn intrede deed. Dat ondervond ook Demy de Zeeuw toen hij na de nederlaag tegen Benfica de tactiek aanwees als verklaring voor het echec. Die Hollandse rechtvoorderaapsheid werd hem niet in dank afgenomen. Zoals Herman Van Holsbeeck hem 's anderendaags in de kranten genadeloos neersabelde, miste niet alleen fatsoen maar vooral ook oog voor de realiteit. Aad de Mos en Marc Degryse deelden de analyse van De Zeeuw en verwoordden daarmee wat vrijwel iedereen had gezien. Maar de ene Nederlander is de andere niet. Van Van den Brom worden in de wandelgangen van Neerpede graag zijn openheid en directheid geprezen, maar kennelijk zijn het kwaliteiten die niet van elke landgenoot worden getolereerd. De Zeeuw houdt voortaan zijn mond wel. Dat de kritiek uitgerekend van een van Van den Broms transfers kwam, maakte ze des te pijnlijker. Ook Samuel Armenteros, een andere winterkoop van de coach, liet zich na zijn uitleenbeurt aan Feyenoord weinig lovend uit over zijn ex-club. Volgens de aanvaller had hij bij Anderlecht nooit tactisch getraind. Voeg daarbij een Bram Nuytinck die niet meer zeker is van zijn plaats en het zo door Van Holsbeeck geprezen internationale netwerk van Van den Brom lijkt Anderlecht in ieder geval nog niet sterker te hebben gemaakt. De aanstelling van Van den Brom leek nochtans weloverwogen te zijn gebeurd. Niet vanwege zijn netwerk, maar omdat Anderlecht een nieuwe weg was ingeslagen. Het had het opleiden tot speerpunt van zijn sportieve beleid verheven en Van den Brom was de geknipte man om die omslag te gaan begeleiden. Bij Ajax gevoetbald, coach van Jong Ajax geweest en er opgeklommen tot de functie van hoofd opleidingen. Het ideale profiel, quoi. Herman Van Holsbeeck zette het zwaar in de verf. Nu de doorstroming ook daadwerkelijk op gang is gekomen, blijkt de voormalig Ajacied voorlopig niet in staat de verwachtingen in te lossen. De man die niet naar leeftijd kijkt omdat op kwaliteit geen leeftijd staat, grijpt dan toch om de haverklap naar het leeftijdsargument om de wisselvalligheid van zijn elftal te verklaren. Dapper is het niet, maar verrassend evenmin. De eerste argwaan werd vorig seizoen al gewekt. Toen al viel op hoe de coach die het zijn grootste kwaliteit noemde jonge spelers beter te maken, bij voorkeur vasthield aan de gevestigde waarden. Als het begon te nijpen, was Dennis Praet steevast de eerste die het moest ontgelden. Zelfs de al afgeschreven ouderdomsdeken Marcin Wasilweski werd nog uit de vergeetput opgevist. In de namen veranderde Van den Brom al bij al weinig aan de ervaren ploeg die voor zijn komst kampioen was geworden. Herman Van Holsbeeck was er maandag als de kippen bij om elke speculatie over de positie van Van den Brom de kop in te drukken. De heftigheid waarmee de algemeen manager in de bres springt voor zijn coach - zie ook de uithaal naar De Zeeuw - is begrijpelijk. De grootste weerstand die Van den Brom op Anderlecht al te verwerken kreeg, was vóór zijn aanstelling. Niemand kende hem - voorzitter Roger Vanden Stock was daar aandoenlijk open over - en Van Holsbeeck moest al zijn overredingskracht aanwenden om de relatief jonge en onervaren Nederlander binnen te halen. Hoe goed of slecht die het nu doet, bepaalt ook hoe stevig hij zelf in het zadel blijft zitten. De manager, die al erg concreet nadenkt over een nieuwe carrièrewending ná Anderlecht, zal zijn coach daarom tot de laatste snik verdedigen. Ook Van den Brom zelf heeft altijd oog gehad voor het afdekken van zijn flanken. De Champions Leaguekwalificatie vorig seizoen verschafte hem aanzienlijk krediet bij de paars-witte clubbonzen, maar vooral verstaat hij de kunst om tegen de juiste journalisten aan te schurken. Iets wat zijn voorgangers Ariël Jacobs en Frankie Vercauteren nooit deden en hen een pak goodwill scheelde. In vergelijkbare omstandigheden lag hun hoofd al lang op het kapblok. Nu heet alles wat er misloopt toch op zijn minst de gedeelde verantwoordelijkheid van de club te zijn. Net iets te vaak probeert Van den Brom zich schoon te wassen over de rug van een beleidskeuze die net zijn komst heeft ingeleid. Niet alleen via de media, ook binnenskamers verzorgt hij slim zijn pr. Hij legt zijn stafleden graag in de watten met cadeaus waarvoor hij bevriende Nederlandse sponsors inschakelt. Menig flesje wijn wordt gekraakt, maar o wee degene die al eens liever afstand neemt van deze opgeklopte joligheid. Enig opportunisme kan Van den Brom niet worden ontzegd. Dat wordt een probleem wanneer het ten koste gaat van waar hij voor is gehaald: de nieuwe doorstromingspolitiek van Anderlecht vormgeven, jonge voetballers beter maken en de club een fris en eigentijds imago bezorgen. Zoals Jürgen Klinsmann en Cesare Prandelli dat als bondscoaches deden met Duitsland en Italië. Bij zijn aanstelling bijna anderhalf jaar geleden, kort nadat een onherkenbaar Italië de voetbalharten had veroverd op het EK, plaatste ondergetekende John van den Brom in het rijtje met de nieuwlichters Klinsmann en de al iets oudere Prandelli. Een veertiger met een leiderschapsstijl die aansluit bij de tijdsgeest. Een warme peoplemanager. Een Barçaliefhebber met meer dan alleen oog voor het resultaat. In het 'slechtste' geval, wanneer Anderlecht buiten de prijzen zou vallen: de Klinsmann van het Astridpark, de paars-witte Prandelli. Voorlopig is nog niet gebleken dat Van den Brom in dat rijtje van vernieuwende coaches thuishoort. Soms slaan journalisten de bal ook stevig mis. DOOR JAN HAUSPIE - BEELDEN: IMAGEGLOBEHoe goed of slecht Van den Brom het nu doet, bepaalt ook hoe stevig Van Holsbeeck in het zadel blijft zitten.