In het seizoen 2004-2005 legde Charleroi beslag op de vijfde plaats in het eindklassement en dat mag een wonder heten. De ploeg staat nu voor de uitdaging om dit mirakel te bevestigen. Over enkele maanden zullen we weten of die vijfde plaats het gevolg was van maximaal benut toeval (Charleroi stapelde vorig seizoen de zeges met één doelpunt verschil op) dan wel van het bekwame werk van een trainer in volle opmars, Jacky Mathijssen. Twee basisspelers verlieten intussen Charleroi : Ibrahim Kargbo en Laurent Macquet. Het niveau van hun opvolgers - spelers die bij ons nog alles te bewijzen hebben - zal mee het antwoord op de voorgaande vraag bepalen. De beste transfers die Charleroi realiseerde, liggen op het vlak van de spelers die bleven : Bertrand Laquait, Izzet Akgül en Nasredine Kraouche, ...

In het seizoen 2004-2005 legde Charleroi beslag op de vijfde plaats in het eindklassement en dat mag een wonder heten. De ploeg staat nu voor de uitdaging om dit mirakel te bevestigen. Over enkele maanden zullen we weten of die vijfde plaats het gevolg was van maximaal benut toeval (Charleroi stapelde vorig seizoen de zeges met één doelpunt verschil op) dan wel van het bekwame werk van een trainer in volle opmars, Jacky Mathijssen. Twee basisspelers verlieten intussen Charleroi : Ibrahim Kargbo en Laurent Macquet. Het niveau van hun opvolgers - spelers die bij ons nog alles te bewijzen hebben - zal mee het antwoord op de voorgaande vraag bepalen. De beste transfers die Charleroi realiseerde, liggen op het vlak van de spelers die bleven : Bertrand Laquait, Izzet Akgül en Nasredine Kraouche, die het niveau aanhield dat hij haalde bij AA Gent. Voor de positie van doelman is er bij Charleroi geen discussie mogelijk : Bertrand Laquait koppelt zijn technische troeven aan zijn kwaliteiten als leidersfiguur. Achteraan zou Charleroi straks wel eens de polyvalentie van Ibrahim Kargbo kunnen missen. Hij was vorig seizoen een van de sterkhouders. Op rechts behoudt Frank Defays zijn plaats. Vorig seizoen toonde de kapitein zich offensiever dan ooit te voren en ontplooide daarbij technische kwaliteiten die niemand in hem had vermoed. Als gevolg van een samenloop van blessures werd Mahamoudou Kéré bij het begin van de vorige campagne getest in het centrum van de verdediging, wat een meevaller bleek. Men kan zich nog amper voorstellen dat hij weer naar het middenveld zou worden overgeheveld. In het hart van de defensie speelt wellicht ook Laurent Ciman, momenteel tevens in de ploeg van de nationale beloften. Normaal gezien moet hij de voorkeur genieten boven Thierry Siquet, die het statuut van luxe-invaller krijgt. Op links kan de Belgische voetballiefhebber kennismaken met de Sloveen Velimir Varga, die Loris Reina uit de basiself lijkt te verdringen. Varga heeft alle kwaliteiten van Reina en voegt er een beter kopspel aan toe. In een overschot aan defensieve wisselmogelijkheden kan Mathijssen zich evenwel niet verheugen. Mathijssen handhaaft zijn voorkeur voor een driehoek met de punt naar voren, die kantelt zodra er een voorsprong moet worden verdedigd. Sébastien Chabaud, een doorgaans onderschatte voetballer, vertolkt de rol van meest defensieve middenvelder. Hij is de kilometervreter bij uitstek. Voor hem bestrijkt Nasredine Kraouche de rechterflank. Hij dankt zijn topvorm aan twee stages met de Algerijnse nationale ploeg en één met Charleroi. Het actieterrein van Abdelmajid Oulmers ligt veeleer op de linkerflank. Nog zwaar geblesseerd in de herfst knoopt Oulmers weer aan met zijn niveau van vroeger. Hoe dan ook zorgen Kraouche en Oulmers voor creativiteit en improvisatie. De getransfereerde middenvelders Fabien Camus en Gérald Forschelet konden hun waarde nog niet tonen. Thibaut Detal heeft een wisselvallig seizoen achter de rug. Izzet Akgül moet de eerste wedstrijden van het seizoen missen als gevolg van een elleboogbreuk. Eens hersteld, wordt hij allicht weer centraal in de spits uitgespeeld. In afwachting van zijn comeback rekent Charleroi op Orlando en François Sterchele, auteur van honderd doelpunten in de afgelopen vier seizoenen (eerste provinciale, vierde en derde klasse). Voor het werk op de flanken liggen diezelfde Sterchele, Toni Brogno, Steeve Théophile en Grégory Christ met elkaar in concurrentie. Mathijssen heeft voor vijf offensieve posities keuze uit een tiental spelers. Tijdens de voorbereiding bouwde Sterchele, die ook op de rechterflank of vlak achter de centrale spits rendeert, een voorsprong op punten uit. Tijdens de voorbereidingsperiode wisselde Charleroi goede en minder goede momenten (de uitschakeling door Tampere in de Intertoto) af. Het opvallendste feit tijdens die vriendschappelijke wedstrijden bleek het onvermogen om te scoren. Akgül was de gepatenteerde goalgetter en zijn onbeschikbaarheid doet pijn, want hij was een van de revelaties van het voorbije seizoen. Als Sterchele, die uit de derde klasse komt, zich vlug aan de eerste klasse aanpast, of als Orlando niveau haalt, kan de afwezigheid van Akgül in de eerste wedstrijden misschien worden opgevangen. Over zijn verdediging en middenveld hoeft Jacky Mathijssen zich weinig zorgen te maken. Het probleem schuilt paradoxaal genoeg voorin, gezien het aantal aanvallers waarover de coach beschikt. door Pierre Danvoye