In de periode tussen 2009 en 2012 domineerde het Braziliaanse Santos de voetbalgesprekken in Zuid-Amerika. Door de puike resultaten - onder meer winst van de Copa Libertadores in 2011 - maar misschien nog meer door de spectaculaire manier van spelen. Daar waren twee wonderknapen voor verantwoordelijk: Neymar Jr. en Ganso. Hoe het die eerste is vergaan weten we allemaal, veel...

In de periode tussen 2009 en 2012 domineerde het Braziliaanse Santos de voetbalgesprekken in Zuid-Amerika. Door de puike resultaten - onder meer winst van de Copa Libertadores in 2011 - maar misschien nog meer door de spectaculaire manier van spelen. Daar waren twee wonderknapen voor verantwoordelijk: Neymar Jr. en Ganso. Hoe het die eerste is vergaan weten we allemaal, veel minder bekend is het verhaal van Paulo Henrique Ganso. Een stijlvolle nummer tien, met een uitzonderlijk spelinzicht en een fluwelen traptechniek. Rank en slank, maar niet snel. In die zin werd hij geregeld vergeleken met Kaká, die hem aanvankelijk ook in de weg stond voor een plek in de Braziliaanse nationale ploeg. Voor Neymar ging het na Santos meteen richting Europa. Ganso, afgeremd door blessures, had een tussenstap nodig bij São Paulo. Pas in de zomer van 2016 waagde hij zich aan de stap naar ons continent, net als zijn maatje Neymar (van wiens eerste zoon Ganso peter is) naar de Spaanse Primera División. Bij FC Sevilla kon de spelverdeler echter nooit zijn stempel drukken. Te broos, te traag, te 'traditioneel'. Een verhaal dat doet denken aan Juan Román Riquelme, nog zo'n ouderwetse nummer tien die zijn goddelijke status in Zuid-Amerika nooit kon waarmaken op de Europese voetbalvelden. In drie seizoenen tijd speelde Ganso (Portugees voor 'eend') amper een dertigtal wedstrijden voor Sevilla. Vorig seizoen was de maat vol en werd hij uitgeleend aan Amiens, staartploeg in de Lique 1. Toen hij ook daar amper speelkansen kreeg, keerde hij in januari 2019 met hangende pootjes terug naar Brazilië. Fluminense bood de achtvoudige international een vijfjarig contract. Dertig is hij ondertussen, maar in zijn thuisland lijkt Ganso zijn gouden voeten teruggevonden te hebben. Wie weet zien we hem in 2022 alsnog schitteren in het shirt van de Goddelijke Kanaries, aan de zijde van Neymar...