Onze pap

Peter Olayinka (22): 'Geld om een bal of voetbalschoenen te kopen hadden mijn ouders niet. Dus speelden we blootvoets, op zand, want gras vind je niet in Ibadan. Als er geen bal in de buurt was, bonden mijn vrienden en ik wat leder bij elkaar. Was er wel iemand met een bal, dan smeekten we die jongen om te mogen meespelen.
...

Peter Olayinka (22): 'Geld om een bal of voetbalschoenen te kopen hadden mijn ouders niet. Dus speelden we blootvoets, op zand, want gras vind je niet in Ibadan. Als er geen bal in de buurt was, bonden mijn vrienden en ik wat leder bij elkaar. Was er wel iemand met een bal, dan smeekten we die jongen om te mogen meespelen. 'Ibadan is een van de grootste steden van Nigeria. We leefden er in een appartement. Mijn moeder had een job in een hotel, mijn vader werkte als business man. Wat hij verhandelde, verschilde van situatie tot situatie. Soms gingen de zaken goed, soms niet. Het leven was vaak moeilijk in Ibadan. Als ik ooit kinderen krijg, mogen die nooit opgroeien in omstandigheden zoals die waarin ik opgroeide. Ik wil een paleis voor mijn zonen, en lekker eten. In mijn kindertijd aten we garri ( cassavepap, nvdr), het goedkoopste wat er was, zonder iets erbij. Als het goed ging, aten we dat twee keer op een dag. Dat waren dan onze enige maaltijden. En we dronken onzuiver water uit een put. Niet gezond allemaal.' 'Onze stam heet Yoruba. Wij geloven sterk in respect. Bij ons kun je een oudere niet zomaar met zijn naam aanspreken. Je zegt eerst sir, daddy of grandpa. Ook een oudere broer mag je niet bij zijn naam noemen. Dan gebruik je uncle of brother. Wie dat niet doet, riskeert een pak slaag. Als een jong ventje in Nigeria mij een keer met mijn naam aanspreekt, ga ik hem natuurlijk niet meteen een klap verkopen. Maar stel dat een puber pertinent weigert mij aan te spreken met uncle of brother, dan hoef ik niet met hem te praten. Dan is het mijn taak om hem te doen inzien dat ik geen stuk vlees ben.' 'In Ibadan merk je niks van Boko Haram ( terreurorganisatie, nvdr). Die groep zit in het noordoosten. Het zijn mannen die niet bij Nigeria willen horen. Ze willen hun eigen staat, met hun eigen wetten. Ze dragen de islam hoog in het vaandel en vinden het niet goed wanneer kinderen naar school gaan. Ze kidnappen meisjes op scholen en plegen aanslagen. Op bepaalde plaatsen in Nigeria is de angst daarvoor zo groot dat de markten er zijn afgeschaft. 'De huidige president, Muhammadu Buhari, pakt het goed aan: hij stuurde vanaf het begin van zijn termijn legertroepen naar het gebied. Er ontstond daar een ware oorlogsscène. Duizenden leden van Boko Haram kwamen om. Daardoor is het nu wat kalmer. Maar met zo'n organisatie ben je niet gauw klaar.' 'Voor de vorige president was het moeilijk om Boko Haram aan te pakken. Hij hield veel van geld. Corruptie is een groot probleem in Nigeria, ook bij de politie. In Nigeria zijn er veel jongeren die internetfraude plegen. Zoals ik behendig ben met een bal, zijn zij behendig met een klavier. Van achter hun computer zorgen zij ervoor dat blanke vrouwen verliefd worden op hen en geld opsturen. Die kerels stelen via internet zelfs geld van banken. Als agenten in Ibadan jongeren door de straat zien paraderen met chique kleren, vragen ze hen om zich te identificeren en hoe ze aan de kost komen. Dat overkomt mij soms ook, want ook ik loop daar met deftige kleren en rijd met een mooie auto. Maar ik kan altijd mijn papieren tonen en alles uitleggen. Kan een ander dat niet, dan controleren die agenten zijn gsm of gaan ze thuis zijn laptop doorzoeken. Maar als er dan iets niet in orde is, laten zulke agenten ruimte om te onderhandelen. Veel mensen mogen de huidige president niet, omdat hij ten strijde trekt tegen zulke corruptie, maar ik vind het net een goede zaak.' 'De beste Nigeriaanse voetballer ooit is: Nwankwo Kanu. Hij speelde in topcompetities met Inter en Arsenal. In Nigeria houdt iedereen van Kanu. Hij duikt er weleens op in een grappige reclamespot voor Peak-melk, samen met zijn zoontje.' 'Mijn moeder stierf in 2006. Ik was elf en begreep niet wat er gebeurde. Van borstkanker had ik nog nooit gehoord. Er werd mij ook pas in laatste instantie iets verteld; ik kon niet veel meer vragen. Volgens mij dacht ze dat ze het zelf kon oplossen. Ze ging niet naar het ziekenhuis. In één jaar waren we haar kwijt. Ze stierf in mijn armen.'