Plus Eden, pas par hasard

Braziliaanse danseressen, een heupwiegende bondsvoorzitter op het aanstekelijke deuntje van de koperblazers en Eden Hazard: de herinnering aan een kouwelijke avond in Luxemburg. Een nieuw raspaard in de stal van René Vandereycken: lichtvoetige dribbelaar, uitstekende techniek (de bal is zijn vriend), versnelling en beweeglijkheid, scorend vermogen en ondanks zijn kleine gestalte stevig op de been. En hij heeft ook al de on-Belgische branie van de nieuwe generatie Rode Duivels. Hij deed met zijn invalbeurt denken aan Marko Marin, het 19-jarige talent van Mönchengladbach en de Mannschaft.
...

Braziliaanse danseressen, een heupwiegende bondsvoorzitter op het aanstekelijke deuntje van de koperblazers en Eden Hazard: de herinnering aan een kouwelijke avond in Luxemburg. Een nieuw raspaard in de stal van René Vandereycken: lichtvoetige dribbelaar, uitstekende techniek (de bal is zijn vriend), versnelling en beweeglijkheid, scorend vermogen en ondanks zijn kleine gestalte stevig op de been. En hij heeft ook al de on-Belgische branie van de nieuwe generatie Rode Duivels. Hij deed met zijn invalbeurt denken aan Marko Marin, het 19-jarige talent van Mönchengladbach en de Mannschaft. Talent is altijd de basis, maar omkadering en opleiding zijn cruciaal. Niet toevallig een product van de Franse school: techniek, fysiek en tactiek en persoonlijke ontwikkeling. Een project dus, langs de weg van de geleidelijkheid, goed omringd door nuchtere ouders, zo lijkt het. De weg van de bevestiging is nog lang en steil, de afgrond ernaast diep. Ideaal mag hij straks in de selectie mee naar Zuid-Afrika en is hij daarna klaar voor een sleutelrol bij de Rode Duivels. Een standbeeld op de Grote Markt zit er niet in, maar respect is wel op zijn plaats voor Philippe Clement. Het comfort van de unanimiteit is hem nooit gegund, vaak lag de focus op de minpunten. Geen volksverleider aan de bal, maar met een nuchtere inschatting van zijn kwaliteiten en gebreken al tien jaar onopvallend belangrijk voor Club Brugge. Niet zelden cruciale goals (recent nog Bern, Beveren, Bergen), unieke wedstrijdmentaliteit, aanjager en behorend tot het uitstervende ras der ploegspelers. En enkel Sollied kreeg hem even uit zijn rol, voorts nooit een onvertogen woord. Op die provocatief korte lijst van de coach met écht onmisbare spelers voor Club (enkel Akpala) hoort hij op zijn 34ste misschien niet meer thuis, maar het scheelt niet te veel. Stijnen en Sonck zet ik daar overigens zonder aarzelen wél op. Stijnen weet voortdurend pijlen op hem gericht, maar zijn tegenstanders kunnen ze voorlopig niet afvuren. Hij is immers alweer uitstekend en resultaatbepalend. En Sonck gaat (niet makkelijk voor de coach) altijd zijn eigen weg, meestal die recht naar doel en doelpunten. Toch geen verkeerde keuze voor een spits, mij dunkt. Germinal Beerschot is natuurlijk zonder concurrentie, maar in de categorie 'ontgoocheling van het seizoen' is KV Mechelen toch een goeie tweede. En dat is onverwacht, want behalve Boussaïdi niemand van belang verloren en gericht versterkt, zelfs met iemand als Vrancken. Pech gehad, zeker waar, ook met blessures. Maar in te veel matchen ook de spirit kwijt en voor de (na/met Antwerp) meest Engelse club van het land is dat nefast. Als Kakkers beginnen te zeiken, ziet het er niet goed uit. Zelfs die fantastische supporters gingen op de vuist. Er wordt veel onheilspellends verteld: de kleedkamer is verdeeld, de camaraderie aangetast, de harde aanpak van trainer Maes wekt wrevel op, er is onenigheid tussen medische en technische staf. Achteraf allemaal ontkend, maar meer degradatievoetbal dan in de match tegen Bergen kan je niet spelen. Gelukkig houden ze boven het hoofd koel, wijs door de lessen uit het verleden. Peter Maes is nog altijd de uitstekende trainer van de vorige jaren en met iedereen topfit is er genoeg kwaliteit voor het behoud. Maar het wordt wel knokken en er is geen tijd te verliezen: Achter de Kazerne moeten de geweren dringend geschouderd. Parapluverkopers deden gouden zaken bij de voetbalbond, ze grepen er gretig naar om de verantwoordelijkheid voor het dorpstoneel rond de match in Gent af te schuiven. De eerste winterprik en iedereen legt dezelfde plaat op, van ezels en stenen nog nooit gehoord. AA Gent verdient geen blaam, ze belden al heel vroeg met de ref en volgden nadien (nogal ijverig) het reglement en maakten het veld speelklaar. Wat solidariteit met Genk had wél gekund. Genk vertrok echt heel vroeg, maar strandde in de uitzonderlijke chaos. Hoewel, de sneeuw kwam niet (figuurlijk) uit de lucht vallen en daarop had het zich alsnog extra kunnen instellen. Maar het blijft bovenal onbegrijpelijk dat het terrein pas laat gekeurd wordt (ook in Kortrijk): iemand van de bond woont toch bij Gent, zodat je niet moet wachten op een man uit Pepinster. Verwarmde velden zijn een must, maar de veiligheid van de supporters is even essentieel. Comfortabele zitjes in nieuwe stadions is leuk, maar je leven of carrosserie riskeren om er te raken, is onzin. Volgend seizoen is de kalender overvol, met kerstvoetbal. Een jaar om de chaos te voorkomen, dat moet volstaan. opgetekend door jan hauspie