11 mei 1997. Op het Luiks kampioenschap voor nieuwelingen zijn Sebastien Rosseler en Michael Blanchy de twee topfavorieten - de Sagan en Van Avermaet van hun lichting. Over Philippe Gilbert, pas aan zijn zesde koers toe, spreekt niemand. Maar hij is het die de race al vroeg torpedeert en solo naar zijn allereerste bloementuil snelt. Op een leeglopende tube... 'Daar heb ik voor het eerst beseft over welke fysieke én mentale capaciteiten mijn zoon beschikte', aldus vader Jeannot. De manier waarop blijkt geen toeval: in de daaropvolgende seizoenen, als nieuweling/junior/belofte, waarin hij nog 78 keer...

11 mei 1997. Op het Luiks kampioenschap voor nieuwelingen zijn Sebastien Rosseler en Michael Blanchy de twee topfavorieten - de Sagan en Van Avermaet van hun lichting. Over Philippe Gilbert, pas aan zijn zesde koers toe, spreekt niemand. Maar hij is het die de race al vroeg torpedeert en solo naar zijn allereerste bloementuil snelt. Op een leeglopende tube... 'Daar heb ik voor het eerst beseft over welke fysieke én mentale capaciteiten mijn zoon beschikte', aldus vader Jeannot. De manier waarop blijkt geen toeval: in de daaropvolgende seizoenen, als nieuweling/junior/belofte, waarin hij nog 78 keer zegeviert, maakt Phil áltijd de koers. 'Hij heeft altijd met panache willen winnen. Ça passe ou ça casse. Alles of niks', vertelde Jeannot in 2011 in Sport/Wielermagazine. Een onblusbaar vuur dat aangewakkerd wordt wanneer Dirk De Wolf, ploegleider bij het GO Pass-ABX-juniorenteam, de Waal onder zijn hoede neemt. 'Ik heb Philippe ingepompt dat hij als junior niet hoefde te rekenen, je moet ook eens tegen de muur durven te botsen.' Met die mentaliteit stapt de Luikenaar ook over naar de profs. Niet toevallig bij het Française des Jeux van Marc Madiot, die onder de indruk is geraakt van de aanvalslust van de Belg. Gilbert botst bij de grote jongens inderdaad af en toe tegen de muur, maar in zijn derde seizoen (2005) schudt hij als 23-jarige wel twee fameuze nummers uit zijn kuiten: winnende solo's van 40 en 35 km in de Klimmerstrofee en La Polynormande, Franse semiklassiekers. Het jaar erop (2006) arriveert hij wéér vier keer alleen, onder meer in de Omloop Het Volk (8 km, zijn eerste grote zege in Vlaanderen) en in de Dauphiné (40 km, met een voorsprong van ruim vijf (!) minuten). Zijn, tot voor zondag, bekendste solo volgt in 2008 wanneer Gilbert, weer in de Omloop, op 50 km van de eindstreep alleen op pad trekt en in Gent 58 seconden voor Nick Nuyens arriveert. Sindsdien, tot voor 2017, komt hij nog 21 (!) keer solo over de finish, veelal na zijn typerende explosies op hellende aankomsten, met langere uitschieters in de Ronde van Lombardije 2010 (25 km), een rit in de EnecoTour 2011 (7 km) en een etappe in de Giro 2015 (19 km). Aan dat indrukwekkende lijstje voegde Phil dit seizoen in de Driedaagse De Panne-Koksijde (17 km) en in de Ronde (56 km) nog twee succesvolle solo's toe, met in Vlaanderens Mooiste zijn langste als prof, weliswaar met een voorsprong van 'slechts' 29 seconden. Gezien zijn voorgeschiedenis dus allerminst verrassend. Van zijn 72 profoverwinningen tot nu toe bolde Gilbert zelfs 30 keer alleen over de meet, 17 maal daarvan viel hij aan vóór de slotkilometer. Ter vergelijking: zelfs een meester-hardrijder als Fabian Cancellara behaalde in zijn carrière 'slechts' 15 solozeges (zijn langste 37 en 45 km, in de E3 2013 en in Parijs-Roubaix 2010), Tom Boonen raakte tot dusver aan 3 (8, 13 en 53 km, in de Ronde 2005 en in Roubaix 2009 en 2012), Peter Sagan aan 7 (waarvan 3 op het Slovaakse kampioenschap) en Greg Van Avermaet aan... 1 (Tourrit 2016). JONAS CRETEUR