Soms verandert een mens van mening.
...

Soms verandert een mens van mening. Daar is op zich niets verkeerd mee. Het overkwam Andrea Pirlo minstens al één keer, sinds hij in zijn biografie 'Ik denk dus ik speel' uit 2013 hoofdstuk 9 opende met de bekentenis: 'Ik zou er geen eurocent durven op verwedden dat ik ooit trainer word. Het is echt geen job die me aantrekt. Je hebt te veel zorgen en de manier van leven lijkt wel erg op die van een speler. Ik heb mijn ding gedaan en later wil ik terug iets wat op een normaal privéleven lijkt. Er is maar één Antonio Conte en dat is oké voor mij, ook al had Marcello Lippi wel wat van hem weg wanneer hij echt razend was.' Zeven jaar later mag Pirlo zich bijna een gediplomeerd trainer noemen. Omdat hij zich vorig jaar inschreef voor de lessen voor de UEFA Pro-opleiding, mag hij nu al op de bank zitten bij een eerste- of tweedeklasser. Hij volgde een jaar de lessen, moest zijn eindwerk voor 21 augustus inleveren en wordt half september verondersteld dat eindwerk te verdedigen. Was hij bij zijn vroegere voornemen gebleven, dan had hij alvast een rustiger zomer beleefd waarin hij nog eens terug kon blikken op zijn fantastische spelersloopbaan bij Brescia, Inter, Reggina, AC Milan, Juventus en New York City. Over hoe hij als technisch begaafde middenvelder niet tegen de bal trapte, maar hem streelde. En hoe schoonheid voor hem ook altijd gepaard ging met efficiëntie. Anders word je geen wereldkampioen (2006), win je niet twee keer de Champions League (met AC Milan) en word je geen zes keer kampioen in de Serie A. Het is vrijdagavond 7 augustus, wanneer Andrea Pirlo is uitgenodigd op het verjaardagsfeestje van Giampaolo Pazzini, de spits van Hellas Verona. Het decor is het chique Toscaanse badstadje Forte dei Marmi. Pirlo arriveert wat later, want hij wilde eerst de Champions Leaguewedstrijd Juventus-Olympique Lyon zien, die dramatisch afloopt voor de Italiaanse kampioen. Wanneer hij aankomt, wordt er gelachen: 'Hou je telefoon maar bij de hand, het schijnt dat Andrea Agnelli je zoekt.' Die avond rinkelt Pirlo's telefoon niet, de volgende ochtend wel, en het is inderdaad Andrea Agnelli aan de lijn. Of Pirlo zo snel mogelijk naar Continassa kan komen, het ultramoderne trainingscentrum van Juventus even buiten Turijn? Na de vergadering keert hij terug naar Versilia, waar hij met vakantie is. Op de terugreis wordt bekend dat Maurizio Sarri al ontslagen is, en weinig later wordt Pirlo de nieuwe trainer van Juventus. Het is al zijn tweede aanstelling bij de recordkampioen in een week tijd. Op vrijdag 31 juli organiseerde Juventus al eens een persconferentie om de nieuwe trainer van de U23 aan te kondigen. Meestal wordt zo'n bericht simpelweg met een persmededeling afgedaan en krijgt het hooguit een paar lijntjes in de krant. Niet nu. Als om het belang van het evenement aan te geven introduceert voorzitter Andrea Agnelli persoonlijk de nieuwe trainer van de U23 van Juventus, die als enige beloftenploeg in Italië uitkomt in derde klasse, de Serie C. 'De weg van de tweede naar de eerste ploeg moet niet alleen open zijn voor spelers, maar ook voor een trainer', spreekt de voorzitter woorden die snel profetisch zullen blijken. 'Er zijn in Europa nog voorbeelden van grote trainers die dat parcours hebben afgelegd, en wij hopen dat hier hetzelfde kan gebeuren.' Zo keert Pirlo drie jaar nadat hij de schoenen aan de haak hing terug naar de club die hij vijf jaar eerder als voetballer verliet. 'Iedereen wil graag in de voetsporen treden van Guardiola of Zidane. Ik had ook andere aanbiedingen, van eersteklassers in Italië en Engeland. Ik besefte pas dat ik trainer wou worden toen ik met de opleiding begon. Met de dag vermeerderde de goesting.' Meteen wordt hij de dertiende trainer van de 23 Italiaanse wereldkampioenen uit 2006.In die lente van 2006 bereidt de Squadra Azzurra zich in Coverciano bij Firenze voor op het WK. Een van de hulptrainers van Marcello Lippi is Ciro Ferrara, net speler af. Wanneer bij een onderling wedstrijdje een man te kort is, vult hij die plek in. Op een dag staat hij in de ploeg van Andrea Pirlo wanneer die hem de bal vraagt. Omdat Ferrara ziet dat Pirlo afgedekt wordt door drie tegenstanders kiest hij voor een andere oplossing. Een seconde later fluistert Pirlo in zijn oor: 'Ciro, waarom gaf je die bal niet?' Omdat er drie man rond je stond, riposteerde de toenmalige hulptrainer. 'Je had hem moeten geven, ik had wel voor een oplossing gezorgd', antwoordt Pirlo en loopt verder, zonder de stem te verheffen. Het is een anekdote die het karakter schetst van de nieuwe trainer van Juventus, zegt Ferrara in een recent interview met de Gazzetta dello Sport. 'Omdat ze aantoont wie Andrea is: een stille leider, die persoonlijkheid toont zonder te roepen. Wie hem niet goed kent, zal zeggen dat hij amper praat, maar vraag eens aan zijn ploegmaats of hij zijn mond opentrok in de kleedkamer. Om van zijn talloze grappen maar te zwijgen, waarvan vooral Gennaro Gattuso het slachtoffer was.' Ferrara heeft nog iets met Andrea Pirlo gemeen. Als ex-speler van Juventus werd hem in 2010 gevraagd om, zonder enige trainerservaring, de ploeg te trainen. Dat bleek geen goeie zet: 'Ik was onervaren, en dat waren de toenmalige bestuurders ook. Het was nog een andere club. In die periode faalden ook meer ervaren coaches bij Juve: Alberto Zaccheroni en Luigi Delneri. ' Fabio Cannavaro (47), vandaag trainer van het Chinese Guangzhou Evergrande, in 2006 wereldkampioen samen met Pirlo, waarschuwt dat het niet gemakkelijk wordt: 'Men zegt dat Andrea voorbestemd was, maar Guardiola en Zidane hadden toch al wat ervaring als trainer: Guardiola met Barcelona B en Zidane eerst als assistent van Carlo Ancelotti en later als trainer van de B-ploeg van Real. Een idee van hoe hij moet voetballen heeft Andrea zeker. Vanaf nu moet hij in staat zijn om ze over te brengen aan een groep. Toen ik mijn eerste trainersjob kreeg dacht ik dat ik klaar was, maar als ik daar nu op terugkijk, heb ik fouten gemaakt. Er is een verschil tussen weten hoe je wil spelen en je spelers ook nog eens zo ver krijgen dat ze jouw ideeën uitvoeren.' Zijn raad? 'Andrea heeft tijd nodig, hij moet fouten mogen maken. Juventus mag niet doen zoals tien jaar geleden toen het Ciro Ferrara voor de leeuwen gooide en hem niet hielp.' Op maandag 24 augustus staat Pirlo voor de allereerste keer in zijn leven voor een groep. De feeling met Cristiano Ronaldo zit goed. Dat was niet het geval met zijn voorganger Maurizio Sarri. Niet dat Sarri grote problemen had met de superster, het klikte gewoon niet, zoals het met andere spelers van de Oude Dame niet klikte. Uiteindelijk leek Sarri een buitenaards wezen op de planeet Juventus. Dat is de nieuwe trainer alvast niet. Hij mag zich een vriend noemen van de voorzitter, en treft in de kleedkamer een paar jongens met wie hij nog samen heeft gevoetbald: 'Moeten we nu echt mister tegen je zeggen?' riep reservedoelman Gianluigi Buffon gespeeld wanhopig uit bij de hervatting van de trainingen. Ook verdedigers Giorgio Chiellini en Leonardo Bonucci herinneren zich nog de sfeermaker die met een ernstig gezicht de meest hilarische grappen bedacht. Zij zullen hun voormalige ploegmaat door dik en dun steunen, en als voorbeeldfiguren tonen wat het DNA van Juventus inhoudt. Zulke mensen heb je als trainer nodig, weet ook Antonio Conte, die in 2011 samen met Pirlo bij Juventus arriveerde. Hij beschreef onlangs zijn toenmalige spelverdeler als 'een supertalent maar ook een voorbeeld van bezetenheid en vastberadenheid. Hij was de locomotief die mijn cyclus bij Juventus op gang trok. Ik mocht die spelers vragen wat ik wilde, met Pirlo aan het hoofd van die groep durfde niemand te weigeren wat ik van hen eiste.' Omgekeerd schudde Conte Pirlo wakker, schrijft die laatste in zijn boek. 'Ik heb met veel trainers gewerkt, en hij was degene die me het meest verraste. Op de eerste dag van het trainingskamp verzamelde hij zijn spelers om zich voor te stellen. 'Jongens, we zijn de laatste twee seizoenen zevende geworden. Absoluut onvoorstelbaar. Vreselijk voor zo'n club als deze. Daarvoor ben ik niet naar hier gekomen. Laten we ophouden met dat gesukkel. Jullie moeten vanaf nu maar één ding doen: mij volgen. Jullie moeten even bezeten, even gedreven zijn als ik.' Een jaar later wonnen Conte en Pirlo de eerste titel met Juventus. Straks worden de vrienden (Pirlo postte onlangs op Instagram nog een foto hoe ze met hun families samen Nieuwjaar vierden) elkaars rivalen. Nu al staat vast dat het Inter van Conte, dat vorig seizoen maar op één punt van de kampioen eindigde, Juventus' grootste uitdager wordt. Op zijn eerste persconferentie was Pirlo alvast duidelijk: er is geen plaats meer voor Gonzalo Higuaín, drie jaar geleden nog gekocht voor 90 miljoen en in totaal goed voor 125 goals in de Serie A (Napoli en Juve samen). Cristiano Ronaldo blijft een pijler waarop hij bouwt, en van een vertrek van Paulo Dybala is geen sprake. Op het veld wil hij meer agressiviteit zien bij het recupereren van de bal. Dat ontlast de verdediging en laat de ploeg toe om meer naar voor te leunen. De 43 tegengoals van vorig seizoen waren het slechtste verdedigende rapport van de laatste tien jaar. Verder wil de nieuwe trainer een dialoog met de spelers, geen eenrichtingscommunicatie zoals onder Sarri. Pirlo wil individueel praten met zijn spelers, en op basis van hun kwaliteiten kiezen voor het beste model. Dat kan een 4-3-3 zijn, maar ook een defensie met drie, iets waar Sarri principieel niet wilde van weten. Het voetbal dat hij voorstaat, is naar voor gericht, met een ploeg die meester moet zijn van de bal, maar niet vastzit aan een speelschema. Tegelijk moet hij psycholoog zijn, en de spelers terug honger laten krijgen. 'Ik wil het enthousiasme terugbrengen dat hier verdwenen was. Het werk op het veld telt, maar ook het menselijk contact. Ik hoop de sfeer van eenheid terug te vinden die hier onder Conte heerste, gebaseerd op hard werk.' Zondagavond gaat Andrea Pirlo voor het eerst een wedstrijd coachen, de openingsmatch thuis tegen Sampdoria. Hij is de vijfde trainer sinds Andrea Agnelli op 19 mei 2010 op amper 34-jarige leeftijd de 25e voorzitter uit de clubgeschiedenis werd. Bij Andrea's aantreden bedroeg de omzet van Juventus 156 miljoen euro, vorig seizoen was dat bijna een half miljard, waardoor Juventus volgens Deloitte de op tien na rijkste club ter wereld is. Luigi Delneri hield het maar één jaar vol, en werd zevende. Antonio Conte won drie titels naeen, Massimiliano Allegri liefst vijf, en Maurizio Sarri één. Samen maakt dat negen op een rij. Andrea Agnelli droomt van tien op een rij. Andrea Pirlo weet wat hem te doen staan.