PLUS MacGlynor

De supersub van het jaar, Glynor Plet. Net als Angus MacGyver destijds altijd klaar om in een uitzichtloze situatie de oplossing aan te reiken: scoren. Plet beweegt uitstekend voor doel, heeft echt een goeie techniek en behoudt op beslissende momenten cool het overzicht: scoren of toch beter de assist zoals bij de goal van Anele.
...

De supersub van het jaar, Glynor Plet. Net als Angus MacGyver destijds altijd klaar om in een uitzichtloze situatie de oplossing aan te reiken: scoren. Plet beweegt uitstekend voor doel, heeft echt een goeie techniek en behoudt op beslissende momenten cool het overzicht: scoren of toch beter de assist zoals bij de goal van Anele. En zo maakt Mario Been uitstekend gebruik van de vele mogelijkheden in de flink gestoffeerde kern. Gorius hoger in het veld was de sleutel om Genk weer aan het voetballen te krijgen. Tegen Zulte Waregem was Ojo een geslaagde wissel, nu dus Plet. En sterkhouder Koulibaly kan zomaar op de bank omdat er met Kara een plichtsbewuste vervanger klaar staat. Het is intussen helaas met een vergrootglas speuren naar eigen jeugd, de basis voor de titel twee jaar geleden, maar de roergangers zijn uiteindelijk toch nog twee Belgen: Jeroen Simaeys en Thomas Buffel. Simaeys organiseert het verzet en trekt de ploeg mentaal naar boven. En Buffel zet zijn aanstekelijke winnaarsmentaliteit over op zijn ploegmaats. Zo diep in het seizoen nog met frisse benen, tegenstanders en scheidsrechter slim bespelen en uitermate intelligent in het voetbal zelf. Dé man van het seizoen bij Genk. Misschien is Genk intussen ten onder gegaan op Sclessin, maar dan nog behoort het strafste seizoen in de clubgeschiedenis tot de mogelijkheden. De fabrieken aan de boorden van de Maas gaan dan misschien dicht, maar de Waalse staalproductie verrijst op de mat van Sclessin. Mircea Rednic is een resultaatcoach, schoonheidsprijzen gunt hij met de glimlach aan de tegenstand. Hij heeft zijn spelersgroep ingeschat en laat die voetballen naar zijn mogelijkheden. Het eerste uur in Waregem was nochtans waardeloos, uitblinker William Vainqueur predikte in de woestijn. Maar een zondagsschot van Mpoku haalde nadien het beste boven in Standard, een niet te stuiten machine met veel power, fysiek ijzersterk en vinnige, beweeglijke jongens voorin. De keuze voor Cristea op links was een mislukking en Nagai liep als een Duracellkonijn, zij het zonder de minste efficiëntie. Maar misschien was het psychologisch wél sterk van Rednic: Mpoku viel messcherp in en ook Ezekiel vond na de afknapper tegen Anderlecht z'n beste benen terug. Rednic gaat z'n eigen weg, niet geobsedeerd door een nieuw contract. De tegenstand wordt er ongemakkelijk van. Er ligt voorlopig nog een laag stof op de gewezen Gouden Schoen. Twee klassenflitsen tegen KV Mechelen misleidden iedereen, Anderlecht voorop: Matías Suárez zou de regerende kampioen naar een nieuwe titel leiden. Drie matchen ver in play-off 1 is de conclusie dat Suárez (logisch na acht maanden afwezigheid) nog tijd en matchen nodig heeft om op niveau te komen. En zó veel blijven er niet meer over, toch? Suárez is de man van de verschroeiende versnelling, de korte kapbeweging, de verrassende dribbel en de knappe afwerking. Maar voorlopig is de Argentijn een zoekende speler. En hij is in uitgebreid gezelschap. Vargas en Cyriac zouden twee extra troeven zijn in de eindsprint naar de titel, maar het zijn voorlopig twee peperdure 'negentiende mannen'. En zo is Anderlecht nu al voor het derde jaar op een rij in de beslissende fase van de titelstrijd uit vorm, alle dure verklaringen bij het begin van het seizoen ten spijt. De aanpak zou anders zijn: gepiekt zou er worden in het voorjaar, op basis van de lessen geleerd uit het verleden. Veel is er voorlopig niet van te merken: zeven punten uit zeven matchen is niet veel in de laatste rechte lijn. En ook het vertrouwen is broos, want het prima spel een uur tegen Genk kreeg geen vervolg. Tegen Club was het op karakter en met powerplay. Het aparte competitiesysteem vereist wellicht een specifieke aanpak. Bij Anderlecht hebben ze dat schijnbaar niet onder de knie. En dus liggen de eieren in het mandje van Mbokani. Mbokani had met wat meeval de match tegen Club Brugge kunnen winnen en dat gaat hij de komende weken wellicht toch een paar keer doen. En zo kan je natuurlijk ook kampioen worden. Zulte Waregem voelde zich terecht bekocht bij twee hoogst ongelukkige buitenspelgoals. De leidersplaats (en de titeldromen?) zomaar weggevlagd. Tegen Lokeren had het overigens wél geluk gehad. Francky Dury had de klasse om vooral stil te staan bij het falen van zijn ploeg. Twee doelpunten weggegeven en vooral onverklaarbaar ineengestuikt bij de Luikse remonte. De controle glipte van tussen de vingers, spelers liepen uit positie en het elftal viel helemaal uiteen. Een week na de topprestatie in Genk is dat vreemd. Dury staat voor de dubbele uitdaging Club Brugge en Anderlecht met de onaangename druk om niet plots af te glijden en zich het welverdiende Europese ticket te laten ontglippen. OPGETEKEND DOOR JAN HAUSPIE