Plus - Kristian Thorstvent

Geen beter denkbaar moment om je eerste goal voor je club te maken dan dat van Kristian Thorstvedt vrijdag voor KRC Genk in Charleroi. De jonge Noor was één van de vele uitblinkers in het dynamische voetbal met veel lopende mensen van de Limburgers. Vaak in de buurt van Paul Onuachu te vinden, gepast infiltrerend, naar eigen zeggen één van zijn sterke punten, maar in een jaar Genk heeft hij dat toch veel te weinig laten zien. Te vaak anoniem, weinig dynamisch en onzuiver aan de bal: zijn beperkte toegevoegde waarde maakte van hem tot nu toch maar een halve titularis, ondanks zijn talent en kwaliteiten.
...

Geen beter denkbaar moment om je eerste goal voor je club te maken dan dat van Kristian Thorstvedt vrijdag voor KRC Genk in Charleroi. De jonge Noor was één van de vele uitblinkers in het dynamische voetbal met veel lopende mensen van de Limburgers. Vaak in de buurt van Paul Onuachu te vinden, gepast infiltrerend, naar eigen zeggen één van zijn sterke punten, maar in een jaar Genk heeft hij dat toch veel te weinig laten zien. Te vaak anoniem, weinig dynamisch en onzuiver aan de bal: zijn beperkte toegevoegde waarde maakte van hem tot nu toch maar een halve titularis, ondanks zijn talent en kwaliteiten. Maar het antwoord van Genk op Mambour was er vooral een collectief. In de eerste sterke periode was Junya Ito outstanding. Ito koppelt in een topdag snelheid en techniek aan grote energie en ook defensieve discipline. Op het middenveld toonde Patrik Hrosovsky nog een keer waarom Genk hem anderhalf jaar geleden absoluut wilde halen: leiderschap en métier en in combinatie met aanvoerder Bryan Heynen dominant op de middenstrook. En Gerardo Arteaga speelde als onvermoeibare draver (en auteur van de beslissende assist) zijn beste match in Genkse loondienst. En een weekje trainen op extra veel volk in de zestien loonde, in het slot kwamen ze nog met vijf voor doel. En ook belangrijk: gewonnen met solist Théo Bongonda op de bank. Dat zet de winger misschien aan het denken, dat zijn ploeg niet staat of valt met het niveau van zijn intrinsiek beste speler. Koning van de kelderkraker: Cercle Brugge, de Houdinireputatie van de vereniging getrouw net op tijd gewonnen van Moeskroen en Waasland-Beveren. Met de bekermatchen als laboratorium heeft Yves Vanderhaeghe een solide elftal gevormd dat voetbalt naar het beeld van zijn trainer: hij ontdekte er de no-nonsense werker Leonardo da Silva Lopes en de nobele onbekende spits uit eigen huis Olivier Deman. Nog niet gescoord in de competitie, maar wel een harder werker en ideaal naast Ugbo. En met Kévin Denkey heeft Cercle een (dure) wintertransfer en invaller die rendeert. Vanderhaeghe heeft beter dan zijn voorganger Paul Clement begrepen wat nodig is voor het behoud: organisatie en strijd. Thomas Didillon pakt wat meer ballen (en punten) en de vijfmansdefensie geeft Cercle zekerheid. Yves Vanderhaeghe verdient het om volgend jaar trainer te zijn van een ambitieuze middenmoter met meer middelen dan veel concurrenten. Een spookprestatie van één van de sierlijkste voetballers in de hoogste klasse: Ali Gholizadeh. Dat kon zijn intikker niet verbergen. De Iraniër straalde weinig energie uit, nam nauwelijks initiatief en leed veel balverlies. Gebrek aan regelmaat over een langere periode staat een vaste stek bij een topclub wellicht toch in de weg. Zijn uitstekende statistieken liggen alweer te ver in het verleden. Maar het falen van Charleroi tegen Genk was collectief. Van bij het begin afgebluft door de veel scherpere tegenstand, veel te laag in blok en onhandig op de tegenaanval. Jules Van Cleemput was voor de rust de uitzondering met zijn engagement en offensieve impulsen en Massimo Bruno was veruit de gevaarlijkste aanvaller maar die werd dan vreemd genoeg vervangen. Voorin is het duidelijk crisis. Kaveh Rezaei doet veel defensief werk, maar is geen dreigende spits meer en Shamar Nicholson doet vooralsnog niet beter. Karim Belhocine heeft de voorbije weken voortdurend gewisseld voorin, geen teken van weelde. En defensief is Charleroi niet meer foutloos, getuige de grote vrijheid voor Arteaga en voor Thorstvedt voor doel bij de tweede Genkse goal. Dan win je nog weinig matchen en speel je geen play-off 1. Hij had gelijk, Alessandro Ciranni, met zijn uithaal naar de arbitrage op Het Kiel. Doelman Mike Vanhamel leek bij de gelijkmaker van Beerschot wel te pogoën in een moshpit op een festivalwei, zo duwde hij alle tegenstanders uit de weg, maar RE Mouscron leverde wel twee punten in. Alweer in het slot, net als tegen Waasland-Beveren en Anderlecht, dat zijn zes kostbare punten als het water net boven de lippen staat. En zo is de realiteit: een barrageplaats en een col buiten categorie aan het eind met onder meer nog Club Brugge, Antwerp en KV Oostende. Het gaatje waardoor Moeskroen deze keer moet ontsnappen, is nog nooit zo klein geweest...