Vorig seizoen beleefde Lierse moeilijke tijden. Niemand durfde op een bepaald ogenblik nog een cent verwedden op de kansen van de Pallieters om in de eerste klasse te blijven. Dragan Mrdja moet zich zeker hebben afgevraagd in welk wespennest hij was terechtgekomen. Over de periode onder Paul Put en het drama dat daarachter schuilging, wil hij het niet meer hebben. De komst van René Trost was voor de Servische doelpuntenmaker daarentegen een zegen. Hij greep zijn kans en speelde in de eindronde, waarin Lierse toch nog het behoud verzekerde, zelfs een beslissende rol.
...

Vorig seizoen beleefde Lierse moeilijke tijden. Niemand durfde op een bepaald ogenblik nog een cent verwedden op de kansen van de Pallieters om in de eerste klasse te blijven. Dragan Mrdja moet zich zeker hebben afgevraagd in welk wespennest hij was terechtgekomen. Over de periode onder Paul Put en het drama dat daarachter schuilging, wil hij het niet meer hebben. De komst van René Trost was voor de Servische doelpuntenmaker daarentegen een zegen. Hij greep zijn kans en speelde in de eindronde, waarin Lierse toch nog het behoud verzekerde, zelfs een beslissende rol. "Ik had nooit verwacht dat ik hier zoveel moeilijke momenten zou beleven", vertelt Mrdja. "Maar het belangrijkste is dat ik er uiteindelijk sterker ben uitgekomen. Toen René Trost hier arriveerde, waren we een vogel voor de kat. Maar bij de eerste training voelde ik al dat hij een man is die zijn vak kent, dat hij vertrouwen schenkt aan wie bereid is zijn truitje nat te maken. Geleidelijk is heel de club er weer door gekomen. In december stond Lierse laatste met 9 punten, terwijl La Louvière er als 16de in de stand twee keer zoveel had. Toch was de slotdag beslissend. Als wij Roeselare versloegen en Beveren niet kon winnen van Moeskroen, verzekerden we ons van het behoud. Ik maakte de enige goal tegen Roeselare, maar Beveren scoorde ook in de 87ste minuut. Dat was voor mij een verschrikkelijke ontgoocheling.""Toen de start van de eindronde werd uitgesteld, kregen we enkele dagen verlof. Ik ben dan naar Servië teruggekeerd. Dat heeft me veel goed gedaan. Ik was er helemaal klaar voor om via de nacompetitie alsnog het behoud te verzekeren. Ik speelde vijf van de zes wedstrijden en scoorde daarin ook vijf goals. Een duel miste ik, omdat ik die dag trouwde."In de eindronde bevestigde Mrdja, die ondertussen een oproeping in de bus kreeg voor de Servische beloftenselectie, dat hij stevig op zijn benen staat en behoorlijk snel is. Volgens de adjunct-trainer, Eric Van Meir, zal de Serviër dit seizoen nog meer potten breken. "Het is een jongen met veel potentieel. Hij is positief ingesteld en erg gemotiveerd. Het pleit voor hem dat hij zich in de storm van vorig jaar overeind kon houden. Natuurlijk, hij is nog maar 22, en kan zich dus nog sterk ontwikkelen. Zo zou hij zijn wedstrijden beter moeten doseren en beter de juiste momenten moeten kiezen om een lange inspanning te leveren." Mrdja, die al eens voorzichtig probeert een woordje Nederlands te praten, past zich relatief vlot aan aan zijn nieuwe thuisstede. Dat zijn vrouw Ivana bij hem is, helpt daarbij. De donkerharige spits komt uit Vlajkovac, een dorpje op tachtig kilometer van Belgrado, vlak bij de Roemeense grens. Hij speelde als kind bij de kleine clubs Jedinstvo Vlajkovac en Radnicki Vrsac, maar kon op zijn dertiende naar het grote Rode Ster Belgrado. Van nabij gevolgd door de talentscout Neba Malbasa, doorloopt Mrdja er alle jeugdrangen, tot Zoran Filipovic, die in het seizoen 1980-1981 voor Club Brugge speelde, hem af en toe een kans geeft in de eerste ploeg. De volgende coach, Slavo Muslin (ex-Lokeren), laat hem op huurbasis vertrekken naar Jedinstvo Ub, om wat meer ervaring op te doen. Na zijn terugkeer bij Rode Ster mag hij van coach Ljubko Petrovic zelfs meespelen in de Europacup, maar na een rugblessure maakt alweer een andere trainer, Ratko Dostanic, maar sporadisch gebruik van zijn diensten. "Ik was 21 en wilde mijn broek niet verslijten op de bank. Ik verliet Rode Ster, waar toch veel grote buitenlandse clubs komen shoppen, een beetje in de anonimiteit, maar dat deert me niet. Ik wil bewijzen dat mijn oude club ongelijk had. Er waren eerst wat contacten met een Zuid-Koreaanse club, maar uiteindelijk bracht de spelermakelaar Dejan Veljkovic, die in België woont, me onder bij Lierse. Een stap in het onbekende, maar ik kan hier wel progressie maken, vooral tactisch. Alles gaat hier ook sneller dan in Servië en dat speelt me in de kaart. Bovendien regent het hier vaak en dat komt me goed uit, want ik speel graag op nat gras." PIERRE BILIC