Pieterjan Monteyne is een nieuwjaarskind. Op 1 januari werd hij dertig, met meer dan 350 matchen in eerste klasse op zijn naam. Een moment om terug te blikken? Monteyne: "Die verjaardag deed me niet zo veel, wel dat er plots een cijfer 3 voor aan mijn leeftijd staat. Dertig, het lijkt tegenwoordig oud in het voetbal, veel ouder dan 29 alleszins. Ik schrik af en toe als ik het scheidsrechterblad onder ogen krijg. Bij een ploeg als Genk zie je heel veel jonge spelers, geboren in 1990 of zelfs ver daarna,... Dan bedenk je wel hoe snel zo'n carrière gaat. Maar ik voel me te jong om al achteruit te kijken. Ik heb me ook nooit beter gevoeld dan nu. Lichamelijk ben ik top en jaar na jaar neem je ook een grotere rugzak aan ervaring mee. Bovendien zit ik nu heel goed in mijn vel bij Bergen. Dat gevoel was ik in mijn laatste jaren bij Beerschot wat kwijtgeraakt."
...

Pieterjan Monteyne is een nieuwjaarskind. Op 1 januari werd hij dertig, met meer dan 350 matchen in eerste klasse op zijn naam. Een moment om terug te blikken? Monteyne: "Die verjaardag deed me niet zo veel, wel dat er plots een cijfer 3 voor aan mijn leeftijd staat. Dertig, het lijkt tegenwoordig oud in het voetbal, veel ouder dan 29 alleszins. Ik schrik af en toe als ik het scheidsrechterblad onder ogen krijg. Bij een ploeg als Genk zie je heel veel jonge spelers, geboren in 1990 of zelfs ver daarna,... Dan bedenk je wel hoe snel zo'n carrière gaat. Maar ik voel me te jong om al achteruit te kijken. Ik heb me ook nooit beter gevoeld dan nu. Lichamelijk ben ik top en jaar na jaar neem je ook een grotere rugzak aan ervaring mee. Bovendien zit ik nu heel goed in mijn vel bij Bergen. Dat gevoel was ik in mijn laatste jaren bij Beerschot wat kwijtgeraakt." Monteyne is een van de vier overgebleven veldspelers die dit seizoen alles gespeeld hebben. Ook Killian Overmeire van Lokeren en Karel D'Haene en Davy De fauw van Zulte Waregem misten nog geen seconde. Toeval is dat niet. "Mijn gemiddelde moet toch rond de dertig matchen per seizoen liggen. Een volledig seizoen heb ik nooit gehaald, omdat je onderweg altijd wel ergens tegen een gele kaart te veel oploopt. Enerzijds heb ik het geluk om op de linksachter te spelen, waar je niet zo snel gewisseld wordt. Anderzijds heb ik het natuurlijk wel afgedwongen. Ik probeer een speler te zijn op wie een club altijd kan rekenen. Dat vind ik zelf een belangrijke kwaliteit: er dag na dag staan. Mijn geluk is allicht dat ik zelden of nooit geblesseerd ben, om de paar jaar eens een spierscheurtje en dat is het zowat. Een echte verklaring heb ik daar niet voor, behalve dat ik nooit bang ben in de duels. Mettertijd leer je ook hoe belangrijk rust is. Elke dinsdag en op zaterdag na een match blijf ik op de club slapen, omdat het anders te ver op en af rijden is naar mijn huis in Antwerpen. Met een vrouw en twee kindjes is dat niet altijd even gemakkelijk, maar die opofferingen moet je kunnen maken als prof." Na tien jaar dienst in Beerschot verruilde Monteyne Antwerpen voor Bergen, toch wat het Siberië van eerste klasse. "Het was voor mij ook een grote stap in het onbekende, maar één die heel goed is uitgedraaid. Zoiets weet je natuurlijk niet op voorhand. Je kan tekenen bij een goed draaiend Cercle Brugge en dan kom je dit jaar ook bedrogen uit. Met Bergen is het enorm meegevallen: vorig seizoen al een paar uitschieters, nu het jaar van de bevestiging. Onze sterkte is dat we wel af en toe een uitschuiver hebben, maar nooit lang in het slop raken. Dat is voor een groot deel de verdienste van Enzo Scifo, die enorm meevalt als trainer. Als speler had hij al een waanzinnig palmares en ook met zijn natuurlijke uitstraling is het iemand die indruk maakt op een groep. Zonder daar veel woorden voor nodig te hebben. In zijn tactiek legt hij bepaalde accenten, maar hij laat ons ook veel vrijheid. Hij benadert ons als volwassenen en dat vertrouwen proberen we te belonen. "Met TimMatthys, DaanVan Gijse-ghem en KristofVan Imschoot en ik zijn we ook met vier Vlamingen, zo veel verschilt dat niet van een club als Kortrijk. Ik denk dat die Vlaamse inbreng voor karakter en mentaliteit zorgt bij Bergen. De Franse spelers hebben ondanks hun kwaliteiten toch een iets andere mentaliteit: misschien wat sneller tevreden, vaak ook moeilijke karakters. Dat heeft hen bij hun degradatie enkele jaren geleden ook genekt: veel kwaliteit, maar geen groepsgeest. Daar heeft Dimitri Mbuyu (sportief raadgever, nvdr) ons ook voor gehaald, denk ik: het is onze taak om die balans recht te trekken. "Eigenlijk heeft de club mij in zijn geheel positief verrast. In Vlaanderen heeft Bergen misschien geen al te positief imago, maar het is een heel stabiele club, met correcte mensen. En er is gezonde ambitie: de accommodaties zijn super, alleen het stadion moet nog volgen. Het meest geschrokken ben ik van het joviale van de mensen, van hun openhartigheid. Iemand als voorzitter DomenicoLeone laat de mensen rustig werken, een verademing. De stad zelf is ook in opgang, in 2015 wordt Bergen culturele hoofdstad van Europa. Het plaatje klopt gewoon, daarom heb ik al voor twee jaar bijgetekend." "Beerschot blijft een mooi hoofdstuk in mijn carrière. We hadden zeker midden jaren 2000 een heel sterke ploeg met veel mogelijkheden. Op verplaatsing liep het dikwijls mis, maar thuis voelden we ons bij momenten onoverwinnelijk. Elke speler die niet bij een topclub zat, stond te springen om naar ons te komen. De bekerwinst in 2005 was natuurlijk het hoogtepunt. Ik had toen ook wel de stille droom om zelf eens naar het buitenland te gaan of naar een topclub. Maar toen dat er niet echt van kwam, heb ik met veel plezier mijn contract verlengd voor vijf jaar. Nog iets dat meespeelde, is dat ik er vier jaar samen heb kunnen spelen met mijn broer Martijn. Altijd samen naar de club rijden, dat was heel aangenaam, zeker omdat we altijd een goede band gehad hebben. Maar het had ook zijn nadelen. Mensen scheren je sneller over dezelfde kam. Als een van ons slecht gespeeld had, waren we sowieso alle twee slecht. "Alleen de laatste twee jaren bij Beerschot waren moeilijk, vooral door de extrasportieve problemen rond de club. Het was de periode dat Patrick Vanoppen de aandelen overnam en er op alle vlakken onduidelijkheid was. Normaal werken was op het einde niet meer mogelijk bij Beerschot, dat bleek ook uit de resultaten. Net toen was ik einde contract. Ik kreeg van Vanoppen wel te horen dat ze wilden praten, maar er kwam toen zo veel op hem af dat ik niet echt bovenaan op het lijstje stond. Dan voel je zelf ook dat het tijd is voor iets nieuws, en gelukkig kwam Bergen toen. Dat doet niets af aan mijn tijd bij Beerschot. Eigenlijk heb ik tien jaar bijna alles gespeeld. Alleen onder Glen De Boeck ben ik even uit de ploeg gezet. Op dat moment is dat niet leuk, maar misschien ben ik net over die periode wel het meest tevreden. Omdat ik toen teruggevochten heb en omdat De Boeck vervolgens ook zo correct was om mij mijn plaats terug te geven." Soms heb je een naam die altijd verbonden zal blijven aan de jouwe. Bij Monteyne is dat Jelle Van Damme, ook van 1983 en ploegmaat bij Beerschot, in de periode dat Ajax er geregeld talent kwam wegplukken. Ajax koos niet voor Monteyne, de vaste linksachter, maar voor Van Damme, de doublure. En dus was het Van Damme die bij het laatste grote Ajax tussen Zlatan Ibrahimovic, Wesley Sneijder en Rafael van der Vaart mocht gaan zitten. Monteyne: "Er was wel sprake van een overgang, maar het is geen gemis dat het er nooit van gekomen is. Ik weet niet of de Amsterdamse mentaliteit mij gelegen zou hebben, dat moet Antwerpen maal tien geweest zijn. (lacht) Chapeau voor Jelle, die daar een waanzinnige indruk gemaakt heeft. Ik ben meer dan tevreden met wat ik zelf meegemaakt heb. Profvoetballer worden is nooit een doel geweest voor mij. Ik had het goed bij Roeselare, waar ik in een vriendenploeg stond. Zelfs toen ik basisspeler werd in tweede klasse, was het voor mij nog steeds een hobby. Toen ik overging naar Beerschot, wist ik niet goed wat me allemaal te wachten stond, maar ik heb me over de jaren heen toch kunnen bewijzen. Ik ben niet de speler die elke week het verschil zal maken. Je ziet het verschil goed in de spelersscores die in de kranten staan. Geef als vleugelverdediger drie goeie voorzetten en je krijgt sowieso een goed cijfer, ook al heb je je man twee keer laten lopen. Om het met die scores uit te drukken: ik zal nooit een 9 krijgen, maar ook nooit een 3. Ik denk dat ik eerder de man ben van de degelijkheid, vol in de zessen. En daar heb ik vrede mee. Als je mij vraagt of ik trots ben op mijn statistieken, dan zeg ik: niet op de cijfers op zich, maar wel op het feit dat ik er altijd geweest ben voor elke trainer onder wie ik ooit gespeeld heb." DOOR JENS D'HONDT"Voorzitter Domenico Leone laat de mensen rustig werken, een verademing." "De Vlaamse inbreng zorgt voor karakter en mentaliteit bij Bergen."