Waarom ze de Champions League zullen winnen

Ze zitten in de makkelijkste tabelhelft, met een eventuele halve finale tegen Leipzig of Atlético Madrid. Het is dus nu of nooit voor Paris Saint-Germain. Bovendien wordt er ver weg van het Parc des Princes gespeeld, in Lissabon. Ver weg dus ook van een stad die op slot zit, waar de sfeer van het einde der tijden heerst, waar het stadion verlaten is en de herinneringen hangen van de voorbije mislukkingen in de Champions League.
...

Ze zitten in de makkelijkste tabelhelft, met een eventuele halve finale tegen Leipzig of Atlético Madrid. Het is dus nu of nooit voor Paris Saint-Germain. Bovendien wordt er ver weg van het Parc des Princes gespeeld, in Lissabon. Ver weg dus ook van een stad die op slot zit, waar de sfeer van het einde der tijden heerst, waar het stadion verlaten is en de herinneringen hangen van de voorbije mislukkingen in de Champions League. Zal PSG erin slagen om eindelijk de droom te realiseren die het al zolang najaagt? Ja, als de superioriteit die het in de terugwedstrijd van de achtste finales tegen Dortmund (2-0) tentoonspreidde een graadmeter is. Die avond, in een leeg stadion, liet de Franse kampioen zijn ervaring bewonderen: balcirculatie, controle en doorzicht. Niet uitbundig, maar beheerst. De ploeg van Thomas Tuchel bewees dat ze koelbloedig kon zijn. De recente bekerfinales die PSG buiten de spotlights won, tegen Saint-Etienne en Olympique Lyon, bevestigen de these van een ploeg die geprogrammeerd is om te winnen zonder vuurwerk. Als de Parijzenaars weten om te gaan met hun eigen demonen, dan hoeven ze niemand te vrezen. Dat feit, plus een aanvalslinie die misschien wel de meest in het oog springende van heel Europa is, maken dat de ploeg geen enkele reden heeft om te geloven dat ze blijvend door onheil zal achtervolgd worden.De bewogen relatie van PSG met de Champions League heeft al tot een begrip geleid dat ondertussen ingeburgerd is in het voetbal. Het woord remontada haalde zelfs enkele woordenboeken, zoals de fameuze Franse Larousse. Dat was niet gebeurd zonder de frappante Europese uitschuivers van PSG de voorbije seizoenen. Chelsea in 2014, Barcelona in 2017, Manchester in 2019: PSG schreef zijn geschiedenis in tranen. Die liepen ook over het aangezicht van Kylian Mbappé op 24 juli in het Stade de France toen hij in de bekerfinale tegen Saint-Etienne (1-0) geblesseerd van het veld moest. Een enkelverstuiking, na een iets te enthousiaste ingreep van Loic Perrin, die zijn optreden tegen Atalanta Bergamo in de kwartfinales van de Champions League in het gedrang bracht. De pech in XXL-formaat die de Parijse club achtervolgt op de vooravond van topwedstrijden, is bijna een running gag geworden. Zonder zijn mooiste juwelen is PSG maar een vrij gewone ploeg. Ze lijkt dan op sommige sleutelposities, zoals de flankverdedigers, de spelers te ontberen die de standing hebben van een club die zichzelf soms groter droomt dan ze is. De kleine clash tussen Leonardo en Thomas Meunier na het vertrek van die laatste naar Dortmund is misschien een teken aan de wand. En dan zijn er de magere prestaties van Thilo Kehrer, Mitchel Bakker en Layvin Kurzawa de voorbije weken. Weinig vertrouwenwekkend allemaal.