Tandengeknars na de euforie

De beker winnen, en een maand later toch ter discussie staan: dat kan alleen in de coulissen van een echte topclub, waar je altijd moet presteren. Ivan Leko heeft balls, dat weten we. Hij was niet te beroerd om in Brugge de grote voetafdruk van Michel Preud'homme te vullen en solliciteerde aandoenlijk hard om bij Antwerp aan de slag te mogen, omdat hij het potentieel van die ploeg proefde. Alles is er om een voet naast andere grote clubs te zetten. Of liever: in de richting van.
...

De beker winnen, en een maand later toch ter discussie staan: dat kan alleen in de coulissen van een echte topclub, waar je altijd moet presteren. Ivan Leko heeft balls, dat weten we. Hij was niet te beroerd om in Brugge de grote voetafdruk van Michel Preud'homme te vullen en solliciteerde aandoenlijk hard om bij Antwerp aan de slag te mogen, omdat hij het potentieel van die ploeg proefde. Alles is er om een voet naast andere grote clubs te zetten. Of liever: in de richting van. Net als in Brugge was de start moeizaam. De voorbije drie jaar bouwden Luciano D'Onofrio en László Bölöni er aan een team dat weliswaar geleidelijk wat technische kwaliteit aan de kern toevoegde, maar dat toch vooral bestond uit stevige jongens die hielden van duels en voor wie de defensieve organisatie het uitgangspunt was. Offensief gaf de Roemeen, die hard rekende op Dieumerci Mbokani, zeer veel vrijheid. Leko zag bij zijn komst de kern aan kwaliteit inboeten, terwijl het verwachtingspatroon na de bekerwinst steeg. Kevin Mirallas, Wesley Hoedt, Dino Arslanagic, Sinan Bolat en Steven Defour verdwenen, Alexis de Sart, Sander Coopman en Aurélio Buta vielen geblesseerd uit, Ivo Rodrigues en Didier Lamkel Zé botsten met zijn aanpak. Leko had wel wat tijd ingecalculeerd om te wachten op versterking, maar die bleef uit. En de fans gromden, af en toe. Iedereen rond de ploeg snapte dat geduld nodig was. Een andere manier van spelen, opbouw van achteruit, transitie via het middenveld, diepgang offensief. Af en toe zag je flitsen, veel vaker niet. Het dieptepunt was de eerste helft op KV Kortrijk. De keuze voor krachtvoetbal draaide toen verkeerd uit. Maar zoals Leko het tij bij Club Brugge ooit ook wist te keren, deed hij het daar aan de rust: andere veldbezetting, meer techniek, en hop, de partij kantelde. Misschien wel het keerpunt van het seizoen, dat zal oktober uitwijzen. Met de kwaliteitsinjectie van de laatste dagen kan het alleen maar beter. Net op tijd want de derby én de Europese poulefase staan voor de deur.Een paar jaar terug zaten we op de Bosuil op de nog niet afgewerkte nieuwe hoofdtribune in de buurt van de wedstrijdscout van Antwerp. Die had in zijn analyse van de Carolo's gewaarschuwd voor de infiltratiekracht van Cristian Benavente vanuit de tweede lijn. László Bölöni had het weggelachen. Hij had ook beelden gezien en zei: 'Laat die jongen maar vrij, die draait toch altijd weg van doel.' Na een half uur stond het 1-2 voor Charleroi. Twee goals van, juist, Benavente. Het was zijn tweede seizoen in onze competitie en zijn aanpassing lag achter de rug. Technisch vaardig, snel, scorend vermogen, diepgang: de in Spanje geboren voetballer ontwikkelde alles onder Felice Mazzu en had een groot aandeel in de klim van de Carolo's naar de Belgische top. Antwerp miste diepgang in de spits de voorbije maanden. Als hij fysiek terug op niveau is na een avontuur in Egypte, kan de Great Old nog veel plezier beleven aan deze tweede spits. Top: Ritchie De Laet Heerlijke voetballer. Overal inzetbaar, dezer dagen staat hij links in een verdediging met drie, tegen zijn voet. Past helemaal niet bij het voetbal van Leko, maar is onmisbaar. Flop: Didier Lamkel Zé Wij zijn fan (van zijn talent, niet van zijn fratsen), maar hoeveel levens kan je hebben? En vergooien? De zwarte kat van de Bosuil. Helaas.