Ruim honderd kijkers waagden zich voor de stadsderby tegen Helmet in de Brabantse vierde provinciale D in de enige toegankelijke tribune van het Crossingstadion. De beste recette van het seizoen ! Vorig jaar lokte de derby tegen FC Kosovo, dat sinds vijf jaar met Racing het stadion deelt, in derde provinciale nog meer dan 500 toeschouwers. Helmet en Rusas Schaarbeek (tweede provinciale) hebben hun thuishaven ook naast de Lambermontlaan, op het kunstgrasveld van het Chazalstadion, net ten zuiden van het park, op één...

Ruim honderd kijkers waagden zich voor de stadsderby tegen Helmet in de Brabantse vierde provinciale D in de enige toegankelijke tribune van het Crossingstadion. De beste recette van het seizoen ! Vorig jaar lokte de derby tegen FC Kosovo, dat sinds vijf jaar met Racing het stadion deelt, in derde provinciale nog meer dan 500 toeschouwers. Helmet en Rusas Schaarbeek (tweede provinciale) hebben hun thuishaven ook naast de Lambermontlaan, op het kunstgrasveld van het Chazalstadion, net ten zuiden van het park, op één kilometer van het Crossingstadion. De vijfde KBVB-club, vierdeprovincialer Trabzon, voetbalt aan de overkant van de Lambermont, op de grens met Evere in het sportpark Terdelt. Daar voetbalde tot 1985 ook Racing, gesticht in 1937 en de oudste nog bestaande club uit Schaarbeek. In 1985 verhuisde groen-wit naar het leegstaande Crossingstadion in het Josaphatpark, waar het net als Kosovo trainingen en wedstrijden van al zijn ploegen afwerkt op één veld. Alleen in september en oktober staat er gras op het veld. Het Josaphatpark werd in juni 1904 opengesteld voor de snelgroeiende Schaarbeekse bevolking. In 1850 was Schaarbeek nog een dorp met 8600 inwoners, nu is de geboorteplaats van Jacques Brel en Raymond van het Groenewoud de grootste en met 110.000 inwoners na Brussel-stad (143.000 inwoners) ook de meest bevolkte van de 19 Brusselse gemeentes. Aan de noordkant van het park werd in 1914 een sportplein aangelegd waar vanaf 1956 de Cercle Sportif de Schaerbeek speelde. In 1968 overhaalde het ambitieuze gemeentebestuur de toenmalige tweedeklasser Crossing Molenbeek om te verhuizen naar de Ezelsgemeente. Het fuseerde er met Cercle Schaarbeek. In 1969 promoveerde de club naar eerste klasse. Het stadion werd verbouwd, de capaciteit opgetrokken tot 17.000 plaatsen. Eén keer liep het helemaal vol, met de komst van Anderlecht in 1971. Vier jaar handhaafde Crossing, waar Georges Leekens in eerste klasse debuteerde, zich. Na de degradatie in 1973 wilde het nieuwe gemeentebestuur onder leiding van FDF-burgemeester Roger Nols de club kwijt. In 1981 zakte Crossing naar vierde, waar het op 8 mei 1983 als hekkensluiter zijn laatste wedstrijd in Schaarbeek speelde. Eigenaar Emile Michiels verkocht het stamnummer aan Elewijt. In 1991 ging de club op in Zemst. Sindsdien liep het stadion nog één keer vol : op 6 juli 1984 voor een openluchtoptreden van Bob Dylan. Het fungeert ook als 'spookstadion' in de film Buitenspel van Jan Verheyen. Volgende week : Bouillon. Elke week gaat Sport/Voetbal Magazine op zoek naar een voetbalveld op een bijzondere locatie.GEERT FOUTRÉ