Van de 140 Liersesupporters die de reis naar Leeds geboekt hadden voor de terugwedstrijd in de eerste ronde van de UEFA Cup op 29 september 1971 zegden er na de heenmatch 40 af. Die werd op het Lisp immers met 0-2 verloren. Ze hebben er heel hun leven spijt van gehad. Niemand gaf toen nog een kans aan het Belgische team tegen de toenmalige Europese topploeg die het jaar daarvoor die Europabeker, toen nog beker voor Jaarbeurssteden geheten, won.
...

Van de 140 Liersesupporters die de reis naar Leeds geboekt hadden voor de terugwedstrijd in de eerste ronde van de UEFA Cup op 29 september 1971 zegden er na de heenmatch 40 af. Die werd op het Lisp immers met 0-2 verloren. Ze hebben er heel hun leven spijt van gehad. Niemand gaf toen nog een kans aan het Belgische team tegen de toenmalige Europese topploeg die het jaar daarvoor die Europabeker, toen nog beker voor Jaarbeurssteden geheten, won. Voor de terugwedstrijd in Leeds liet thuistrainer Don Revie slechts drie vaste waarden aan de aftrap komen en startte in doel met een 17-jarige debutant die stond te bibberen op zijn benen van de stress en bijdroeg tot het spektakel. De internationals Jack Charlton, Billy Bremner en Norman Hunter bleven gezellig op de bank. Toen Revie bij de rust twee titularissen inbracht, was het kalf al verdronken. Tot verbijstering van de meeste aanwezigen stond het toen al 0-3 voor Lierse. Uiteindelijk wonnen de Pallieters met 0-4. Het was de dag van de razendsnelle Nederlandse spits Peter Ressel, bijgenaamd 'Peter de Haas', die op training niet alleen op kop liep, maar vaak voor de groep uit rende omdat hij het tempo van de anderen maar niets vond. Nochtans was Lierse dat seizoen topfit dankzij een atletiektrainer. De latere manager en erevoorzitter Neel De Ceulaer, toen verdedigende middenvelder, haalde in Leeds net de aftrap, nadat hij de dag tevoren met flinke koorts in bed lag. Liersetrainer Frans de Munck liet hem toch starten: 'We hebben hier toch niets te verliezen, het wordt een unieke ervaring, geniet ervan, probeer het zo lang mogelijk vol te houden.' De dag voor de wedstrijd kreeg De Ceulaer de clubdokter van Leeds op bezoek. 'Die gaf me pillen. Geen idee wat erin zat, maar ze werkten wel. Ik speelde die wedstrijd uit.' De wedstrijd kwam niet op tv, er was geen samenvatting en geen radioverslag. Toen 's avonds in het nieuws op de Belgische radio de uitslag van de telex afgelezen werd, belden veel luisteraars naar de BRT omdat ze dachten dat er sprake was van een vergissing. Lierse had toen een goed uitgebalanceerd team, van alles wat, herinnert De Ceulaer zich. Met naast de snelle Ressel de kopbalsterke André De Nul, de fijne passing van Swat Janssens, het organisatorisch vermogen van de leider op het veld, Dimitri Davidovic, en de klasse van aanvaller Frans Vermeyen. Die had veel meer interlands moeten spelen, maar kreeg een mentale klap toen zijn ouders op de terugweg van een interland met de Rode Duivels verongelukten. Wat er na de terugkeer uit Leeds gebeurde, daar herinnert Davidovic zich weinig van. 'Behalve dat we drie nachten naeen de cafés afliepen en vierden, en overdag uitsliepen, de voorzitter op kop.' In de volgende ronde kreeg Lierse weer slaag in de heenmatch, 4-1 uit bij Rosenborg, maar stuntte opnieuw in de terugmatch, met drie goals van De Nul tussen minuut 70 en 78. In de 1/8 finales zette het weer een verloren situatie recht, dit keer tegen PSV. Maar in de kwartfinales tegen AC Milan ging het mis. Trainer De Munck was intussen vervangen door Gust Baeten die er niet bij was in Milaan. Ziek, klonk het, maar Baeten durfde het vliegtuig niet op en had evenmin zin in een lange treinreis. Op San Siro moest De Ceulaer mandekking spelen op Milanvedette Gianni Rivera. 'Elke keer als ik hem raakte, viel hij, en scholden 80.000 supporters me uit.' De Turkse scheidsrechter onthield Lierse een loepzuivere penalty, Milan won met 2-0 en de terugmatch (1-1) was het einde van een sprookje. In de Belgische competitie eindigde de stuntploeg dat seizoen slechts als zevende. Dat lag ook een beetje aan Lierse zelf, herinnert Davidovic zich. 'We konden van iedereen winnen maar ook van iedereen verliezen. Er was maar één probleem bij ons, toen: het was goed leven in Lier, met zijn gezellig centrum en vele cafés. Niet iedereen verzorgde zich op en top, en kon elke week voluit gaan.' Kortom: Lierse was vaak zijn eigen grootste tegenstander. En Leeds? Op Elland Road liet Don Revie na de uitschakeling een bordje ophangen aan de spelerstunnel. De tekst 'Remember Lierse' herinnerde elke speler er telkens aan dat elke wedstrijd eerst gespeeld moet worden.