Misschien komt het omdat België zichzelf graag ziet als het land van het surrealisme dat het niet op een paradox meer of minder kijkt. Vorig seizoen ging ons nationaal voetbal dus nieuw bloed halen in Oost-Europa. Na Nicolae Stanciu en Alexandru Chipciu bij Anderlecht waren het nu Club Brugge en Standard die geïnjecteerd werden met een beetje Roemenië door de komst van Dorin Rotariu en Razvan Marin. Zoeken naar voetbalbeloften dus in een land waar de voetbalgeschiedenis vooral in de verleden tijd wordt geschreven. Sinds de nineties en de heldendaden van Gheorghe Hagi wacht het Roemeense voetbal op nieuwe momenten van glorie. Het korte optreden van de Tricolorii op het EK in Frankrijk was niet bepaald geruststellend: ze eindigden laatste in hun poule, nog achter Albanië.
...

Misschien komt het omdat België zichzelf graag ziet als het land van het surrealisme dat het niet op een paradox meer of minder kijkt. Vorig seizoen ging ons nationaal voetbal dus nieuw bloed halen in Oost-Europa. Na Nicolae Stanciu en Alexandru Chipciu bij Anderlecht waren het nu Club Brugge en Standard die geïnjecteerd werden met een beetje Roemenië door de komst van Dorin Rotariu en Razvan Marin. Zoeken naar voetbalbeloften dus in een land waar de voetbalgeschiedenis vooral in de verleden tijd wordt geschreven. Sinds de nineties en de heldendaden van Gheorghe Hagi wacht het Roemeense voetbal op nieuwe momenten van glorie. Het korte optreden van de Tricolorii op het EK in Frankrijk was niet bepaald geruststellend: ze eindigden laatste in hun poule, nog achter Albanië. De eerste contacten van Razvan Marin met zijn nationaal voetbal dragen al de kentekenen van een afdaling in de hel. Op 10 oktober 2006, twintig jaar na zijn Europese kroon, speelt Steaua Boekarest weliswaar de poulefase van de Champions League, maar het dient daarbij slechts als sparringpartner voor een Real Madrid dat te sterk is om verontrust te worden (1-4). Als ballenjongen die avond stapt Razvan aan de hand van Roberto Carlos het veld op. Nadien kan hij zich vergapen aan het voetbalballet van Guti, Robinho, Raúl en andere grote artiesten van de Madrileense overwinning. In die tijd heeft de zoon van Petre Marin (Roemeens international en spelend voor Steaua bij die nederlaag tegen Real) zich nog geen voornaam verworven. Razvan werkt aan zijn tweevoetigheid met een bal en een muur. Hij oefent beide voeten op aanraden van zijn vader. Bezorgd om de voetbaltoekomst van zijn nageslacht zoekt Petre een adoptievader voor hem en hij stuurt hem naar het oosten van het land, naar Constanta aan de oevers van de Zwarte Zee. Daar verdedigt Razvan de kleuren van Viitorul (wat 'toekomst' betekent in het Roemeens), een club die geleid wordt door Gheorghe Hagi om het voetbal van de Karpaten nieuw leven in te blazen. 'Al onze ploegen spelen op dezelfde manier', zegt Lucian Burchel, technisch directeur van de academie van Hagi. 'We hebben twee kernwoorden: balbezit en pressing. Alles is gelinkt aan dat spelconcept.' In tegenstelling tot de kleerkasten die middenvelders soms zijn, worden de producten van Viitorul geschoeid op de Spaanse leest die internationaal in de mode geraakte door de opeenvolgende trofeeën van La Roja en Barça. In het fanionelftal staat Marin zelfs op het middenveld naast Dani López, een product van La Masia die aan het andere eind van Europa is komen voetballen. Vanaf zijn zeventiende nestelt Razvan zich in de middencirkel van het Stadionul Viitorul en hij zal de grasmat niet meer verlaten. Zijn vooruitgang, zijn gouden voeten en zijn buitengewone ervaring voor zijn leeftijd, die van hem een soort plaatselijke Youri Tielemans maken, openen voor hem zelfs de poorten van de nationale ploeg, die dan geleid wordt door Christoph Daum. De oud-coach van Club Brugge wordt geassisteerd door Rudi Verkempinck, en die schetst het cv van de nieuwbakken international: 'Voordien speelden er alleen voetballers van Dinamo en Steaua in de nationale ploeg. Toen we dus een jongen van Viitorul opriepen, werd er nogal gemord. Maar Razvan is een erg intelligente speler. Hij kijkt altijd om zich heen voor hij de bal raakt. Hij lijdt zelden balverlies.' Hij wordt door verschillende Italiaanse clubs gevolgd, AS Roma op kop, maar Marin trekt uiteindelijk naar België in de winter van 2017. Kévin Boli, zijn ex-ploegmaat aan de oevers van de Zwarte Zee, spreekt profetische woorden na de komst van het Roemeense wonderkind naar Luik: 'Verwacht niet dat hij dit jaar al zijn stempel drukt op het spel, je moet hem wat tijd geven om zich aan te passen. Volgend jaar wordt hij zeker een basisspeler bij Standard. Met een goeie voorbereiding, integratie en vertrouwen wordt het een beest.' In de kantoren van Sclessin is Razvan Marin dan geen onbekende meer. De zomer ervoor zijn Olivier Renard en Daniel Van Buyten het al over hem eens. Beiden zijn gecharmeerd door de kwaliteiten van de middenvelder, die de perfecte voeten heeft voor de Luikse grasmat. Op het moment dat Adrien Trebel zijn transfer naar Anderlecht forceert, neemt Renard contact op met zijn Italiaans netwerk. Hij gaat praten met Walter Sabatini, voormalig sportief directeur van Roma (ondertussen bij Inter). De sterke man van de Rouches legt hem uit dat hij een nummer 8 zoekt en Sabatini zet hem op het spoor van Marin, die hij al een tijdje volgt maar die nog niet rijp genoeg is om zich te manifesteren bij een club van het kaliber van AS Roma. Standard zou een ideale tussenstap zijn. Dat bevestigt ook Gheorghe Hagi aan Petre Marin in een gesprek tussen de 'twee vaders' van Razvan - Hagi beschouwt hem als 'een van mijn zonen'. En zo komt Marin naar Luik. 'Het idee was om hem dit jaar te halen en hem voor te bereiden op volgend seizoen', vertelde Bruno Venanzi ons op het einde van play-off 2. Door de aanpassingsmoeilijkheden van de Braziliaan Danilo, die verondersteld werd voor een interim te zorgen op het Luikse middenveld, werd Marin sneller dan voorzien voor de leeuwen gegooid op Sclessin. De club is in crisis en de sfeer is onder nul, wat het hem niet gemakkelijk maakt om zich te tonen. Zijn eerste minuten speelt hij thuis tegen Club Brugge, een wedstrijd die blauw-zwart al op zak heeft wanneer de Roemeen het veld betreedt. Hij is behoorlijk geïntimideerd door Sclessin. Razvan lijkt soms wat bang op het veld en zorgt voor zijn eerste opgemerkte wapenfeit op verplaatsing: in de bescheiden sfeer aan de Kehrweg geeft hij een assist aan Ishak Belfodil. Vooral onder de vleugels van Collins Fai, die voor hem kan tolken dankzij een spelersverleden in Roemenië, pikt Razvan met enige moeite wat Engels op, zodat hij kan communiceren met andere spelers uit de kern van Standard. Zoals Alexander Scholz, die enkele weken bij zijn Roemeense ploegmaat zal logeren vooraleer hij vorige winter de wijk nam naar Brugge. Marin is vier keer titularis in de anonimiteit van play-off 2 en toont uiteindelijk zijn kwaliteiten aan een uitgeblust Sclessin. Met amper 10.000 zijn ze op de Luikse tribunes om de eerste twee Luikse goals van hun toekomstige spelmaker te bewonderen. Hij maakt ze tegen STVV en Lierse, in een onwaarschijnlijk samenspel op het middenveld met Christian Luyindama. De aanpassing waarover Kévin Boli profetische woorden sprak, is inderdaad nodig. Razvan moet het andere ritme gewoon worden. In Roemenië voetbalt men nog op het tempo van de gloriejaren terwijl het er in België eerder aan toegaat zoals in de Premier League, op een kleinere schaal weliswaar. 'Technisch zijn Roemenen erg goed, maar het zijn salonvoetballers, ze missen ritme', bevestigt men in een andere technische staf in ons land, waar men ook te maken kreeg met een Oost-Europees goudhaantje. In het geval van Marin hebben zijn telegenieke passes zelden de tijd om de afstand van zijn hersenen naar zijn voeten af te leggen en worden ze vaak al afgeblokt door een tegenstander vooraleer ze verzonden worden. Het is ook moeilijk voor de Roemeen om zich te ontdoen van een tegenstander die hem kort op de huid zit, omdat daar zijn gebrek aan snelheid meespeelt. 'Je moet maar eens kijken welke moeilijkheden Stanciu had om zich aan te passen bij Anderlecht, terwijl die sneller is dan Marin', analyseerde Mircea Rednic tegenover Sudpresse. De komst van Ricardo Sá Pinto, die in zijn eerste weken in Luik vooral een defensie die naam waardig wilde neerzetten, hielp ook al de ontbolstering van de zoon van Hagi niet vooruit. De Portugees zet zijn centrum vol spierkracht en loopvermogen, met spelers als Uche Agbo en Merveille Bokadi. Marin is dan in het beste geval een joker, die te hulp wordt geroepen om een duel te doen kantelen. Hij staat twee weken naast de ploeg aan het eind van augustus, na de uitschuiver tegen Zulte Waregem thuis. In die wedstrijd werd Razvan overrompeld door de intensiteit van Idrissa Doumbia, die hem geen meter ruimte geeft. Aangezien hij volgens zijn coach fysiek niet klaar is, zeker in vergelijking met Bokadi, moet Marin dus zijn moment afwachten. De ommekeer komt er in twee tijden. Eerst tijdens de bekermatch tegen KSK Heist, waarin de Roemeen heerst over het veld en voor een hoogtepunt zorgt met een fenomenaal afstandsschot. Omdat hij nood heeft aan doelpunten speelt Sá Pinto steeds vaker zijn beste creatieve kaart uit. Marin krijgt tien minuten tegen Eupen, dan een helft tegen Lokeren, in een match waarin de coach van de Rouches zijn vel tracht te redden. Zeven dagen later is Marin titularis tegen Anderlecht in het Astridpark. Te danken aan het ongeluk dat Bokadi treft, die een trap krijgt op de kruisbanden en de rest van het seizoen in de ziekenboeg zit. Toch wordt Marin niet meteen een vaste waarde. Hij heeft zich nog niet aangepast aan het Belgische tempo, het lijkt alsof hij per ongeluk titularis geworden is. In de wintermercato wordt er nog gesproken over de komst van een nieuwe nummer 8 naar Sclessin, hoewel Razvan de eerste seizoenshelft afsluit met vijf goals en vier assists. In 2018 staat hij slechts één keer niet in de basiself. Op verplaatsing bij Lokeren krijgt hij wat rust, maar hij sluit die trip toch af met een goal op de teller, want enkele minuten nadat hij is ingevallen, scoort hij al. Zo krijgt hij gaandeweg meer vertrouwen en neemt hij de sleutels van het spel van de Rouches in handen. Zijn verdediging, die in het begin van het seizoen de bal niet snel genoeg naar Paul-José Mpoku kon spelen, aarzelt niet om die bal nu naar hem te spelen wanneer hij afhaakt. Zijn invloed en zelfvertrouwen groeien. Hoewel hij sinds Nieuwjaar de weg naar het net niet meer vindt, gaf Razvan in 2018 wel al zeven assists, waarvan twee tegen Brugge en één tegen Anderlecht. In het Sclessin dat hem zo deed beven, sloot hij de reguliere competitie af met drie assists tegen KV Mechelen. Ondertussen is hij dus wel een vaste waarde in het Luikse voetbal. Hij is ook een van de meest gegeerde spelers in de kern geworden. Misschien wel degene voor wie het meeste geld te krijgen is. Net zoals Luyindama en Edmilson Junior zou het best kunnen dat hij zijn koffers pakt wanneer er komende zomer een voldoende hoog bod komt. Enkele grote Europese clubs zouden achter hem aan zitten. Om te beginnen Inter, waar momenteel dus ene Walter Sabatini rondloopt. Een talent als Marin verlies je immers nooit uit het oog.