Ronny Gaspercic (46) is ook na zijn succesvolle keeperscarrière nog een drukbezet man. Twee hotels - eentje met rustiek karakter, geënt op het vroegere leven in de steenkoolmijnen, en een modernere versie -, een carnavalswinkel, verbouwingen aan het huis en twee paardrijdende dochters vullen tegenwoordig de vakjes in zijn agenda. 'Ik heb altijd al graag de handen vol gehad', toont hij zijn humoristische kant, terwijl hij zichzelf op een koffietje trakteert aan zíjn hotelbar.
...

Ronny Gaspercic (46) is ook na zijn succesvolle keeperscarrière nog een drukbezet man. Twee hotels - eentje met rustiek karakter, geënt op het vroegere leven in de steenkoolmijnen, en een modernere versie -, een carnavalswinkel, verbouwingen aan het huis en twee paardrijdende dochters vullen tegenwoordig de vakjes in zijn agenda. 'Ik heb altijd al graag de handen vol gehad', toont hij zijn humoristische kant, terwijl hij zichzelf op een koffietje trakteert aan zíjn hotelbar. 'Eigenlijk was dat laatste jaar bij Westerlo er te veel aan: ik sukkelde van de ene blessure in de andere. Mentaal was het op', zegt de gewezen doelman van de nationale ploeg (8 caps). In 2007 sloot hij op 38-jarige leeftijd zijn voetbalcarrière af, om daarna geruisloos uit het wereldje te verdwijnen. Eigenlijk heeft hij altijd uitgekeken naar dit soort 'huiselijk' leventje, vlak bij zijn roots in het Limburgse Winterslag. 'Ik stond wel graag in doel, maar het bestaan op zich vond ik nogal leeg. Je leeft van weekend tot weekend. Alles wordt voor jou geregeld. Twintig jaar lang. Er is weinig ruimte voor spontaniteit.' Op zijn 32e al overwoog Gaspercic de handschoenen op te bergen, maar zijn vader vond op dat moment de juiste woorden. 'Na mijn eerste jaar bij Betis Sevilla, waar ik vooral op de bank zat, twijfelde ik: waarvoor deed ik het nog? Ik belde naar mijn pa. 'Later heb je nog tijd genoeg om in de familiebusiness te stappen, profiteer er nu nog van', zei hij. Meer was niet nodig. En gelukkig, want daarna heb ik nog fantastische seizoenen beleefd bij Alavés, Albacete en Westerlo.' Het was nog lang voor Belgische voetballers gegeerd waren in de Europese topcompetities, maar Ronny Gaspercic, die in België opgeleid werd en debuteerde bij fusieclub KRC Genk en pas op zijn 27e helemaal ontbolsterde bij Harelbeke, keepte toch maar mooi zeven jaar in de Spaanse eerste en tweede klasse. Zijn buitenlands avontuur begon in 1998 bij het bescheiden Extremadura, waar hij het pad kruiste van de dan nog jonge ambitieuze coach Rafa Benítez. Gaspercic: 'Een pure vakman en een aimabel mens. In dat ene jaar onder hem heb ik ongelooflijk veel bijgeleerd. Hij was de eerste trainer die werkte met positiespelletjes: voor elke situatie werden oplossingen ingestudeerd. Zijn bureau stond vol video's, hij kende bijna elke speler in elke competitie. Zelfs in België. We degradeerden uit de Primera División omdat we één puntje te kort kwamen.' De Limburgse goalie deed zich opmerken bij Extremadura, maar mocht niet weg. 'Achteraf bekeken een grote fout dat ik daar geen clausule in mijn contract had laten opnemen', weet hij nu. Maar twee jaar later ging het bestuur toch in op een bod van Betis Sevilla, waar de Belg de concurrentie aan moest gaan met clubicoon Toni Prats. Een oneerlijke strijd: Gaspercic kwam in twee seizoenen slechts een handvol keren in actie voor de groen-witten. 'Het was de beste ploeg waarin ik ooit speelde: Alfonso, Denilson, Joaquín... een elftal dat kon rivaliseren met Barcelona en Real Madrid.' Aan de Belgische top speelde hij nooit - in 1997 werd op het laatste nippertje een deal afgeblazen met Club Brugge, een paar jaar later gebeurde hetzelfde met Anderlecht - maar met Extremadura en Albacete stond Gaspercic toch op het veld in Camp Nou en Bernabéu. 'Ik droomde als kind al van de Spaanse competitie. Ik genoot van elke seconde in die toppers. Druk voelde ik niet, je hebt er als kleine ploeg toch niets te verliezen. In feite heb ik sinds mijn vertrek bij KRC Genk, waar ik als jongen van de streek voor eigen volk speelde, nooit meer stress gevoeld voor een match.' Pas sinds kort blikt hij soms mijmerend terug op zijn voetbalcarrière, erkent Gaspercic. 'Dan denk ik bijvoorbeeld aan 2000, toen ik vlak voor de start van het EK een blessure opliep. Ik zat heel dicht bij een basisplaats in de nationale ploeg, dat voelde ik. Wie weet hoe mijn carrière er dan had uitgezien?' DOOR MATTHIAS STOCKMANS'Rafa Benítez was een pure vakman en een aimabel mens.' - RONNY GASPERCIC