Net achter het kerkhof van Elsene, voorbij de studentencafés, voert de doodlopende Voltastraat naar het gemeentelijk sportstadion Albert Demuyter, genoemd naar de oud-burgemeester die Elsene twintig jaar geleden bestuurde. Naast de sporthal liggen twee voetbalvelden in kunstgras, een paar jaar geleden aangelegd door de gemeente. Tot dan ploeterden de vijftien teams van Elsene in de natte maanden in een modderlaag van vijftien centimeter dik.
...

Net achter het kerkhof van Elsene, voorbij de studentencafés, voert de doodlopende Voltastraat naar het gemeentelijk sportstadion Albert Demuyter, genoemd naar de oud-burgemeester die Elsene twintig jaar geleden bestuurde. Naast de sporthal liggen twee voetbalvelden in kunstgras, een paar jaar geleden aangelegd door de gemeente. Tot dan ploeterden de vijftien teams van Elsene in de natte maanden in een modderlaag van vijftien centimeter dik. Elsene (77.600 inwoners) is na Sint-Joost-ten-Node de kleinste en dichtstbevolkte van de negentien Brusselse gemeenten. Tot de opening van het gemeentelijk stadion in 1935, toen de club naar hier verhuisde, was dit stukje grond achter het kerkhof de stortplaats van Elsene. De club zelf, met stamnummer 42, werd gesticht in 1909 en getooid met de gemeentelijke kleuren (groen-wit). Eerst voetbalde men op het Marie Joséplein, later aan de Italiëlaan, beide aan de rand van het Ter Kameren Bos. De hoogste reeks waarin de club ooit aantrad, was bevordering in de jaren vijftig. Trainer was Raymond Braine (ex-speler van Beerschot en Sparta Praag). Als echte liftploeg ging het vervolgens op en neer in provinciale. Tegenwoordig is Elsene, dat zijn thuiswedstrijden afwerkt voor gemiddeld 50 tot 100 kijkers, een middenmoter in de vierde provinciale, waar het na de laatste degradatie zijn derde seizoen volmaakt. Nochtans stond Elsene (genoemd naar de els, de boom die ook het wapenschild van de gemeente siert) aan de wieg van het Belgische voetbal. Liefst twee van de zeven clubs die in het seizoen 1895/96 de allereerste Belgische competitie afwerkten en samen in 1895 de KBVB oprichtten, hadden hier hun thuisbasis. Dat eerste jaar, toen Club Luik kampioen werd, eindigde Union d'Ixelles Football Club als zevende en laatste. De club hield het meteen voor bekeken. Sporting Club Bruxelles stopte één jaar later. Bij Sporting voetbalde Rodolph Seeldrayers, die in 1954 FIFA-voorzitter zou worden. Vanaf 1909 startte RSC Elsene, dat genoegen nam met een bescheidener plaats in het Belgische voetbal. Elsene werd vanouds, meer dan met sport, geassocieerd met kunstenaars, beau monde en studenten. In Elsene vonden Karl Marx en Vladimir Lenin tijdelijk asiel, en werd actrice Audrey Hepburn geboren. Ook in Elsene bevinden zich de twee vrije universiteiten ULB en VUB. Aan het Flageyplein werden de eerste radio- en tv-uitzendingen verzorgd. Even voorbij de Naamse Poort ligt de Congolese Matongewijk. Volgende week : RVC Hoboken Elke week gaat Sport/Voetbal Magazine op zoek naar een voetbalveld op een bijzondere locatie.GEERT FOUTRÉ