1. Na bijna twintig jaar bij Lokeren is je vertrek naar AA Gent niet in goede aarde gevallen bij voorzitter Roger Lambrecht. Zal dat een litteken blijven? Je bent nochtans geen man van conflicten...

"Inderdaad, dat is heel moeilijk geweest! Ik kan begrijpen dat Roger Lambrecht teleurgesteld is, maar zijn reactie begrijp ik dan weer niet. Ik snap niet dat hij mijn keuze niet aanvaardt, en het doet me vooral pijn dat ik geen enkel bedankje gekregen heb terwijl ik al die jaren alles gegeven heb voor Lokeren. Eerst als speler en later als trainer heb ik altijd het maximum gedaan. Dat AA Gent een rivaal uit de regio is, speelt uiteraard een rol, maar ik was toch liever vertrokken in een andere sfeer. Ondertussen hebben we geen contact meer gehad. Misschien zetten we ons nog wel eens aan tafel, maar voorlopig is het allemaal te vers."
...

"Inderdaad, dat is heel moeilijk geweest! Ik kan begrijpen dat Roger Lambrecht teleurgesteld is, maar zijn reactie begrijp ik dan weer niet. Ik snap niet dat hij mijn keuze niet aanvaardt, en het doet me vooral pijn dat ik geen enkel bedankje gekregen heb terwijl ik al die jaren alles gegeven heb voor Lokeren. Eerst als speler en later als trainer heb ik altijd het maximum gedaan. Dat AA Gent een rivaal uit de regio is, speelt uiteraard een rol, maar ik was toch liever vertrokken in een andere sfeer. Ondertussen hebben we geen contact meer gehad. Misschien zetten we ons nog wel eens aan tafel, maar voorlopig is het allemaal te vers." "We moeten realistisch blijven. Aangezien we geen reekshoofd zijn, gaan we zware tegenstanders loten. Realistisch, maar tegelijkertijd ook ambitieus. Niemand gaf Lokeren een kans tegen Hull City, en toch hebben we hen uitgeschakeld. Niemand dacht dat Lokeren 10 op 18 zou halen in de Europa League, en we hebben het toch geflikt. Niemand dacht dat Lokeren de beker van België zou winnen, en we hebben het twee keer gedaan. Niemand zag Gent kampioen worden, en ze hebben het voor elkaar gekregen... De ploeg zal in geen enkele match favoriet zijn, maar we gaan proberen hier en daar toch een paar puntjes te sprokkelen." "We moeten eens ophouden met te praten over modefenomenen! Neem Vanhaezebrouck, Peter Maes, Michel Preud'homme, Felice Mazzu, Yves Vanderhaeghe,... We hebben tegenwoordig Belgische trainers die tot het einde van het seizoen meedoen voor de prijzen. Dat is een bewijs dat we hier heel goed werken. We hebben heel lang gevonden dat een buitenlandse coach een god was en dat hij alles zou veranderen. Dat we die perceptie hebben kunnen veranderen, is op zich al een overwinning." "Ah dat stadion... Magnifiek. Fenomenaal. Buitengewoon. Het mooiste in België. Ja, je loopt er verloren omdat het zo indrukwekkend is. Maar ik wil toch twee dingen aanstippen. Eén: het is niet omdat je kampioen bent en je het mooiste stadion hebt dat het automatisch goed zal lopen het volgende seizoen. De uitdaging voor Gent is om even goed te doen, maar dat zal niet eenvoudig zijn. Twee: je zal me nooit Lokeren horen bekritiseren onder het voorwendsel dat het een meer regionale club is, met minder middelen en een infrastructuur die helemaal anders is dan de Ghelamco Arena. Ik heb nu niet ineens een dikke nek gekregen." "Ik voel hier dat de euforie alleen nog groter was door het feit dat de belangrijkste rivaal geklopt werd in de laatste rechte lijn naar de titel. Daar moet je van genieten, maar we mogen het respect voor Club Brugge niet verliezen. Anderlecht, Club en Standard hebben al meerdere titels, AA Gent heeft er nog maar één. Dus: het is verboden om te lachen met de vijand. Dat kunnen we misschien doen over vijf jaar als we nog vijf keer kampioen geworden zijn. Niet eerder... Als je lacht met iemand, komt dat toch als een boemerang terug in je gezicht. Alles gaat zo snel in voetbal. Kijk waar Genk stond niet zo lang geleden, en kijk waar ze nu staan." Rudi Cossey (53) maakte sinds 1995 bijna onafgebroken deel uit van de technische staf van Lokeren. Hij is nu assistent bij AA Gent. DOOR PIERRE DANVOYE"Het is verboden om te lachen met Club Brugge. Dat kunnen we misschien doen over vijf jaar als we nog vijf keer kampioen geworden zijn. Niet eerder..."