Ten eeuwigen dage zal Eric Leman met de Ronde van Vlaanderen worden geassocieerd. Toen hij na tien jaar in het profpeloton in 1978 afhaakte om zich in de zeepbranche te storten, stond het in grote letters op de bestelauto waarmee hij dagelijks door het Vlaamse land scheurde: Eric Leman, drie keer winnaar van de Ronde van Vlaanderen. De West-Vlaming groeide uit tot dé specialist van deze wedstrijd. En toch vond hij dat Milaan-Sanremo hem een stuk beter lag. Hij werd in de Primavera een keer tweede (1973) en een keer derde (1970). Wedstrijdomstandigheden verhinderden Leman om meer te bereiken. Als hij in een beslissende vlucht zat, werd er niet doorgereden. Want Leman was niet alleen snel, hij was duidelijk een man van het voorjaar. Z...

Ten eeuwigen dage zal Eric Leman met de Ronde van Vlaanderen worden geassocieerd. Toen hij na tien jaar in het profpeloton in 1978 afhaakte om zich in de zeepbranche te storten, stond het in grote letters op de bestelauto waarmee hij dagelijks door het Vlaamse land scheurde: Eric Leman, drie keer winnaar van de Ronde van Vlaanderen. De West-Vlaming groeide uit tot dé specialist van deze wedstrijd. En toch vond hij dat Milaan-Sanremo hem een stuk beter lag. Hij werd in de Primavera een keer tweede (1973) en een keer derde (1970). Wedstrijdomstandigheden verhinderden Leman om meer te bereiken. Als hij in een beslissende vlucht zat, werd er niet doorgereden. Want Leman was niet alleen snel, hij was duidelijk een man van het voorjaar. Zo won hij bijvoorbeeld in Parijs-Nice in totaal tien ritten. Eric Leman was heel goed bestand tegen barre temperaturen. Dat speelde in de Ronde van Vlaanderen vaak in zijn voordeel. Hij won 50 jaar geleden, in 1972, een van de meest helse edities van deze koers: het regende en hagelde, de renners zaten verkleumd op de fiets. Leman droeg maar één trui, terwijl de andere renners als eskimo's oogden. Leman haalde het gemakkelijk in een spurt met zessen. Twee jaar eerder had hij zijn eerste Rondezege behaald toen hij Walter Godefroot en Eddy Merckx klopte. Maar zijn derde zege, in 1973, heeft hij altijd als zijn mooiste beschouwd. Leman ontsnapte met Eddy Merckx, Freddy Maertens, Roger De Vlaeminck en Willy De Geest. Het tempo lag zo hoog dat De Vlaeminck op de Muur van Geraardsbergen niet meer in het wiel kon blijven en moest afstappen. Op 20 kilometer van de streep reden Maertens en De Geest plots niet meer. De ene zei dat hij wachtte op Walter Godefroot, de andere dat hij wachtte op Herman Vanspringel. Toen grijnsde Leman dat hij wachtte op zijn moeder. Zijn geluk was dat Merckx bleef rijden. In de spurt maakte Leman het gemakkelijk af. Eric Leman was een spurter die beschikte over een mengeling van kracht en dynamiek. Hij won vijf ritten in de Ronde van Frankrijk, in 1971 zelfs drie binnen één week. En hij stond in 1969 als enige met Merckx op het Tourpodium, want die had, in het jaar van zijn eerste Tourzege, alle nevenklassementen gewonnen behalve dat van de knelpunten. Dat ging naar Leman. Nochtans startte de West-Vlaming in de Tour met een handicap: hij was absoluut niet bestand tegen de hitte, zweette te veel en verspeelde zo veel van zijn krachten. Eric Leman was in de massaspurten alleen op zichzelf aangewezen. Het bleek zijn specialiteit om het goede wiel te kiezen. Met één oogopslag zag hij wie goed zat en wie niet. Hij keek gewoon naar de pedaalslag, ze konden hem wat dat betreft niets wijsmaken. Soms sprong hij van het ene wiel naar een andere, net zoals een paling. Zijn favoriete aankomsten waren die met veel scherpe bochten. Een onblusbare trainingsijver lag aan de grondslag van de successen. Leman was een ondankbare man voor zichzelf. Hij moest echt gemarteld zijn voor hij thuiskwam. Ooit was hij in zijn periode bij het Franse team Bic op trainingskamp toen de renners na 90 kilometer weer in de richting van het hotel sloegen. Leman deed er in zijn eentje nog 100 kilometer bij. En toen er een andere keer tijdens een training een verschrikkelijk onweer losbarstte, fietste Leman weer moederziel alleen door. Als hij tijdens een training zijn ploegmaats niet kon lossen, liep hij er kwaad bij. Hij zette zichzelf voortdurend onder druk en was erg rusteloos. Toen Leman in 1977 constateerde dat de kracht en de snelheid wat minder werden, hield hij het voor bekeken.