Het is een beeld dat niet snel meer zal gemaakt worden, dat van twee landgenoten die uitkomen voor stadsrivalen AC Milan en Inter maar wel samen poseren op het immense plein voor de Milanese Dom. Op andere foto's van oktober 1983 lunchen Eric Gerets en Ludo Coeck samen of drinken een biertje. 'Ze noemen me al Ludo Birra', verzucht Coeck over zijn enkel wijn drinkende Italiaanse ploegmaats.
...

Het is een beeld dat niet snel meer zal gemaakt worden, dat van twee landgenoten die uitkomen voor stadsrivalen AC Milan en Inter maar wel samen poseren op het immense plein voor de Milanese Dom. Op andere foto's van oktober 1983 lunchen Eric Gerets en Ludo Coeck samen of drinken een biertje. 'Ze noemen me al Ludo Birra', verzucht Coeck over zijn enkel wijn drinkende Italiaanse ploegmaats. De verslaggever bezoekt Ludo Coeck in het trainingscentrum van Inter: Appiano Gentile. Daar blijven de spelers na een competitiewedstrijd slapen. Op zondag komt de voorzitter aan, en trekt Coeck grote ogen wanneer (bijna) iedereen naar de kerk trekt voor de zondagsmis. Op het veld klikt het niet tussen Coeck en de Duitse middenvelder Hansi Müller die Coeck alleen aanspeelt wanneer hij geen andere optie heeft. 'Met Müller gaat het niet zo goed, nee. Die doet maar wat hij wil', zegt hij dan. Eric Gerets woont 50 kilometer hoger nabij het meer van Varese. Hij moet achterin bij Milan de buitenspelval introduceren. 'Ik kan met zekerheid zeggen dat ik vorig jaar met Standard een betere ploeg had dan nu bij Milan. Alles gaat in Italië op het veld goed, tot er een doelpunt valt en alles uit mekaar valt. En de trainers weten niet meer wat aan te vangen.' Beide spelers zijn in België gewend om de orders strikt op te volgen en verbazen zich over de onbezorgdheid van hun Italiaanse ploegmaats. 'Zo'n Baresi is een goeie speler, die wordt vast internationaal, ' zegt Gerets over de latere kapitein, 'maar je kan niet met hem praten, hij doet op het veld wat hij wil. De trainer meent het goed, maar veel persoonlijkheid zit er niet in. Raymond Goethals of Ernst Happel, daar zouden ze in Italië gek op zijn.' Dezelfde reporter trok voor hetzelfde nummer ook op reportage naar de eerste wedstrijd van Juan Lozano met Real, dat tegen regerend Europees kampioen HSV aantrad, getraind door Happel. Wachtend op Lozano keuvelt de journalist wat met de voorzitter van Real, 's anderdaags praat hij - opnieuw in afwachting van Lozano - maar wat met de trainer van Real. Die blijft maar praten. Zijn naam? Alfredo Di Stéfano, één van Reals iconen. Vandaag lukken zo'n zaken niet meer.