Maandag 10/11

Tom Boonen moet tegenwoordig wel vaak uitwijken. Zoals veel Duitsers in 1945. Heel gevaarlijke wegen, daar in de Kempen. En altijd zijn er huisdieren bij betrokken. Nu eens komt een kat domweg over de weg gelopen, dan een roekeloze kip, soms een ontsnapte kangoeroe, laatst een motorrijder. En elke keer staat den Boonen met tienduizenden euro's schade aan de kant. Nu eens tegen een boom, dan tegen een paal, soms tegen een vangrail, een enkele keer drijft hij het Albertkanaal af.
...

Tom Boonen moet tegenwoordig wel vaak uitwijken. Zoals veel Duitsers in 1945. Heel gevaarlijke wegen, daar in de Kempen. En altijd zijn er huisdieren bij betrokken. Nu eens komt een kat domweg over de weg gelopen, dan een roekeloze kip, soms een ontsnapte kangoeroe, laatst een motorrijder. En elke keer staat den Boonen met tienduizenden euro's schade aan de kant. Nu eens tegen een boom, dan tegen een paal, soms tegen een vangrail, een enkele keer drijft hij het Albertkanaal af. Het is blijkbaar gemakkelijker om op twee wielen een Italiaan op te vangen, dan op vier het Kempense wegennet. Schrijf het maar op: als de brug van Pulle nog eens instort, zal het zijn op het moment dat Boonen eroverheen raast. Wordt Oostmalle weer getroffen door een tornado, dan zal het Tornado Tom zijn. Het schijnt dat hij in Monaco onlangs is geverbaliseerd omdat hij na de Virage du Portier eens goed had opgetrokken en op het linkse rijvak de tunnel was ingedoken. Een typisch geval van klassenjustitie, want toen enkele maanden geleden Fernando Alonso precies hetzelfde deed, keken alle agenten de andere kant op. Het is nochtans gefilmd. Hela, hela! En 'Doorgevraagd'? Is er eens een tweede interessante rubriek in dit blad, na de Intro van de Jacques, staat hij er deze week niet in. Onmiddellijk onze pionnen uitgezet binnen het Brussels Media Centre, waar de beste redacties van de Roularta Media Group gehuisvest zijn, en zo via via vernomen dat onze geliefde bladzijde in extremis moest wijken voor het in memoriam van Régis Genaux. Alle begrip daarvoor uiteraard. Maar vanaf deze week eisen wij weer onze portie ongebruikelijke vragen aan een of andere totaal verraste Chinese vrijwilliger. 'Wanneer is de laatste keer dat je pap hebt gegeten?' 'Wie is je favoriete Plopkabouter?' 'Deed je vroeger wel eens belletje-trek?' (Patrick Asselman: 'Neen.' Maar blijkbaar beroofden ze wel een oud vrouwtje in een tearoom. Asselman is van Denderleeuw, waar inbreuken op een andere manier gerangschikt worden dan elders in het land.) 'Als je een boer laat, zeg je dan altijd pardon?' Sven Kums, KV Kortrijk: 'Dat is mij wel zo geleerd, maar ik doe het niet altijd. En zeker niet op de club, daar doet niemand het.' Kegelden wel Standard uit de beker. Het verband is duidelijk. Een goed woordje voor Glenn Verbauwhede. Die als geen ander de kunst verstaat om wanneer er acht sloten liggen, ook nog in de negende en de tiende te sukkelen. Dat verhaal dat hij vóór de wedstrijd tegen Mechelen Björn Vleminckx op de zwakke punten van Peter Mollez had gewezen, zat subtieler ineen dan de journalisten het gemeld hebben. Het tegendeel zou ook verbaasd hebben: wie op zoek gaat naar subtiliteit, begint best niet in de perszaal. Wat in werkelijkheid gebeurd is, is dat Glenn Björn Vleminckx de indruk gaf dat hij hem de zwakke punten van Peter Mollez verklapte. In werkelijkheid leidde hij hem meesterlijk om de tuin door de sterke punten van Mollez als zijn zwakke te noemen. Tijdens de match is dat goed genoeg gebleken. Vleminckx heeft minstens vijf kansen de nek omgewrongen die hij in normale omstandigheden met de ogen dicht binnen vlamt. Bewijs: in de bekermatch tegen het sterke Veldwezelt ranselde hij er drie tegen de netten. Met deze uiterst spitsvondige list heeft Verbauwhede aldus zijn ploeg aan een punt geholpen. Er zijn weinig reservekeepers die op een dergelijke altruïstische wijze hun concurrent zouden proberen te steunen. Geef toe: dit had Jef Vermassen niet beter gekund. Uw Scout heeft zijn goede daad alweer verricht. In de Primera División kijken wij het liefst naar thuiswedstrijden van Real Madrid. Niet bij 3-0 of 0-3, maar als het gelijk is, of Real staat één doelpunt achter. De vraag is dan niet of ze nog terugkomen: de vraag is hoeveel tijd de arbiter durft bij te tellen. In het algemeen gesproken: zoveel als Real nodig heeft. Op andere velden wordt drie tot vier minuten overgespeeld, in een extreem geval vijf, in Bernabéu gaan we gemakkelijk naar negen of tien. Het record schijnt 23 minuten te zijn. En als het dan nog niet lukt, krijgt Real in die 23ste minuut een penalty. Missen ze die, dan wordt er afgefloten. Spaanse scheidsrechters laten ook niet eindeloos met hun voeten spelen. Sdoor koen meulenaere