Woensdag 30/3

Best mogelijk dat het een domme gele kaart was, voor Peter Van der Heyden in San Marino, maar men mag niet vergeten dat Peter van Denderleeuw komt. En kent u misschien iemand in Denderleeuw die bereid is op zijn tenen te laten trappen ? Want dat deed die Gasperoni. Gele kaart of geen gele kaart is in die omstandigheden wel de allerlaatste zorg van een Denderleeuwenaar. 'Pats op zijn bakkes, en daarna zien we wel', zo redeneert men aan de Dender.
...

Best mogelijk dat het een domme gele kaart was, voor Peter Van der Heyden in San Marino, maar men mag niet vergeten dat Peter van Denderleeuw komt. En kent u misschien iemand in Denderleeuw die bereid is op zijn tenen te laten trappen ? Want dat deed die Gasperoni. Gele kaart of geen gele kaart is in die omstandigheden wel de allerlaatste zorg van een Denderleeuwenaar. 'Pats op zijn bakkes, en daarna zien we wel', zo redeneert men aan de Dender. Wij hebben Peter Van der Heyden weten debuteren bij Denderleeuw. In die periode was FC vaak in de running voor de eindronde en zo nu en dan zorgde het voor een stunt in de beker. Het moet bij een van die gelegenheden geweest zijn dat wijlen Vic De Roeck van Het Volk aan onze arm trok : 'Die Peter wordt een grote. Die gaat nog in een sterke buitenlandse competitie eindigen.''Ja ja Vic, zeker jong', hebben wij toen niet gezegd maar gedacht, en bij onszelf de vaststelling gemaakt dat Sté-phane Vanderheyden, die kleine vinnige rechtsback, niet te verwarren met Stéphane Van der Heyden van Club Brugge, veel beter was. Het is niet uw Scout die u als scout moet engageren, zo u de leiding over een voetbalvereniging wordt toevertrouwd. FC Denderleeuw speelde in die tijd nog in dat piepkleine stadionnetje, rechtover het vilbeluik. Als we er gingen filmen voor VTM, belden wij vooraf met de baas van dakbedrijf Depelsmaker. Die kwam dan gratis met een van zijn hoogtewerkers achter de tribune staan en takelde de cameraman twintig meter hoog de lucht in. Altijd perfecte beelden, vanop Denderleeuw. Jammer van het commentaar. Wat vele voetbalclubs niet hebben, heeft Sport/Voetbal Magazine wel : een psycholoog ! Je kunt moeilijk de clubs elke week van amateurisme beschuldigen, zoals Jacques Sys doet, en dan zelf tekortschieten. En dus hebben wij een eigen zielenknijper in de persoon van dokter Joost Hutsebaut. Die niet alleen elke week een voortreffelijk rubriekje verzorgt, maar zich ook buigt over het geestelijke wel en wee van uw vertrouwde redacteurs. In individuele en collectieve praatsessies helpt hij ons over onze complexen en fobieën, en probeert onze onderlinge aversies zoveel als mogelijk te beteugelen. Wij moeten ze leren beheersen en onderdrukken, herhaalt dokter Joost elke keer. Tot hij zelf wordt bevangen door een ononderdrukbare aversie voor het zootje dat voor hem zit, een paar flessen naar onze domme koppen gooit, de deur achter zich toe knalt en het BMC boos buiten beent. Zelf zijn wij van die collectieve sessies godzijdank ontheven - 'Anders begin ik er niet eens aan', schijnt dokter Hutsebaut tegen de Jacques te hebben gezegd - maar in een individueel gesprek heeft hij ons al vaak een hart onder de riem gestoken. 'Kijk toch rondom u, Scout,' fluistert hij ons dan toe, 'er zijn nog lelijke mensen.' En inderdaad. Teruggekeerd op de redactie van Knack kijken wij dan rondom ons en dan voelen wij ons terstond heel wat beter. Dokter Joost schrijft ook elke week een interessante bijdrage, onder de originele kop : 'De hoofdzaak'. Daarin lazen wij vorige week over een opmerkelijk experiment : 'Duikers die woordenlijsten onder water uit het hoofd hadden geleerd, slaagden er niet in om die woordjes op het droge te reproduceren. Terug in het water lukte het weer wel.'De conclusie is duidelijk, en zeer nuttig voor onze jongere lezers die binnenkort met de gesel der examens geconfronteerd worden : pak uw cursus, duikel ermee onder water, en het leren zal gemakkelijker gaan. 'Jamaar ho', zullen de opmerkzaamsten onder u nu uitroepen. 'Die test heeft net uitgewezen dat je het daarna op het droge niet meer kunt reproduceren.' Dat is juist, en vandaar onze tweede tip : neem een emmer mee naar het examen. Rest nog één vraag : hoe hebben die duikers onder water een woordenlijst van buiten geleerd ? Stond er op de bodem iemand te wachten die hen de woorden heeft meegedeeld ? En hoe deed die dat dan ? Of stonden de woorden op een papiertje ? Maar waarom is de inkt dan niet uitgelopen ? En zo zijn we bij het wezen van de psychologie : meer vragen oproepen dan beantwoorden. Koen Meulenaere'Neem een emmer mee.'