Soms zit schoonheid verscholen in een klein hoekje. In dit geval is dat in Bachte-Maria-Leerne, een dorpje zo groot als een zakdoek. De deelgemeente van Deinze ligt verstopt langs de Leie en telt slechts een duizendtal inwoners. Met de pittoreske Ooidonkdreef bezit het misschien wel het mooiste straatje van België. Het begin van de schilderachtige dreef ligt aan het oude gemeentehuis, dat nog dateert van voor de fusie in 1977, toen Bachte-Maria-Leerne nog een eigen burgemeester had.

Aan weerszijden van de dreef zijn prachtige gevels te bewonderen. Een tiental meter verderop begeleidt de kasseiweg je door de Blauwe Poort. Vandaar heeft de wind vrij spel en start het uitgestrekte domein van het Kasteel van Ooidonk. Het park, de orangerie, de Oude Leie... deze idyllische plek is ideaal om tot rust te komen. Het kasteel in Vlaams-Spaanse renaissancestijl geldt dan ook als parel van de Leiestreek.

Net voorbij de Blauwe Poort ligt een speeltuintje en een voetbalplein. De thuishaven van SK Ooidonck Leerne. Een jonge club met een uniek verhaal. De familie 't Kint de Roodenbeke bewoont al decennia het kasteel en stelt een deel van haar grondgebied ter beschikking aan de vierdeprovincialer. Begin jaren 2000 ging FC Eendracht Leerne ter ziele. Henri Vermeulen, geboren en getogen in Bachte-Maria-Leerne, wilde de jeugd van de eigen streek opnieuw een kans geven en richtte in 2004 SKOL op.

'Het faillissement van de vorige club kwam er omdat ze niet investeerde in de jeugd', vertelt hij. Die fout wilde Vermeulen niet maken, voor hem is de jeugdwerking dan ook het allerbelangrijkste. In de beginjaren van SKOL zocht hij zelf fervent naar jeugdspelers. 'Zo fietste ik bijvoorbeeld door Astene. Telkens wanneer ik een kind buiten met een bal zag spelen, belde ik aan en vroeg ik aan de ouders of hun zoon mocht komen voetballen bij SKOL. In Gent bezocht ik een ondergewaardeerde wijk waar een voetbalpleintje lag. Op een woensdagnamiddag overtuigde ik enkele Ghanezen om hier te komen spelen', vertelt de voorzitter fier.

'Alle clubs fusioneren en jij begint een nieuwe, je bent zot', kreeg Vermeulen in het begin wel eens naar zijn hoofd geslingerd. Maar zijn inspanningen loonden en hij gaf de criticasters lik op stuk. Met 238 spelers kan stamnummer 9477 best tevreden zijn. Na een afwezigheid van twaalf jaar heeft Leerne bovendien sinds het seizoen 2017/18 weer een eerste ploeg. 'Enkele jaren geleden was er sprake van een fusie met Union Mariakerke. Wij hadden wat jeugd, zij hadden een eerste ploeg. Ik weigerde, want dan zouden onze eigen spelers weer geen kans krijgen om door te stromen.'

Ook op financieel vlak voert Vermeulen een duidelijk beleid. 'We vragen geen inkom voor wedstrijden. Dat trekt extra volk en zorgt voor hogere inkomsten van onze kantine. Waar er vroeger geen tien mensen rond het plein stonden, verwelkomen we nu wekelijks ongeveer 120 toeschouwers. Verder betalen we de spelers van de eerste ploeg niet.' Aan dat beleid hangt wel een keerzijde vast. Regelmatig vertrekken voetballers omdat ze elders wel geld verdienen. Zo kozen vorig jaar zeven spelers van de eerste ploeg voor andere oorden. 'Dat wil zeggen dat er nu 17-jarigen bij de A-ploeg voetballen. Veel van die gasten studeren nog dus tijdens de examenperiodes in september en januari hebben we een probleem.'

© BELGAIMAGE - JASPER JACOBS

Dat is wel zowat het enige waarover Vermeulen zich zorgen maakt, want ook qua infrastructuur zit het sinds 2015 goed. Toen verrees een nagelnieuw lokaal langs de Ooidonkdreef. De houten, versleten barakken uit de jaren 60 werden afgebroken. 'Hygiënisch volstonden die barakken niet meer. Er stond bijvoorbeeld een wc naast de toog. Bovendien zorgden wortels van populieren voor scheuren in de vloer en op zaterdagochtend zaten soms vier ploegen in één kleedkamer', legt de voorzitter uit. Een prachtige locatie, veel jeugd, geen geldzorgen en een nieuwe infrastructuur. Dankzij zijn inspanningen in de beginjaren, zijn connecties en zijn standvastigheid verwezenlijkte Vermeulen iets waar menig Vlaamse club jaloers op is.

© BELGAIMAGE - JASPER JACOBS
© BELGAIMAGE - JASPER JACOBS
© BELGAIMAGE - JASPER JACOBS
© BELGAIMAGE - JASPER JACOBS
© BELGAIMAGE - JASPER JACOBS
© BELGAIMAGE - JASPER JACOBS
© BELGAIMAGE - JASPER JACOBS
Soms zit schoonheid verscholen in een klein hoekje. In dit geval is dat in Bachte-Maria-Leerne, een dorpje zo groot als een zakdoek. De deelgemeente van Deinze ligt verstopt langs de Leie en telt slechts een duizendtal inwoners. Met de pittoreske Ooidonkdreef bezit het misschien wel het mooiste straatje van België. Het begin van de schilderachtige dreef ligt aan het oude gemeentehuis, dat nog dateert van voor de fusie in 1977, toen Bachte-Maria-Leerne nog een eigen burgemeester had. Aan weerszijden van de dreef zijn prachtige gevels te bewonderen. Een tiental meter verderop begeleidt de kasseiweg je door de Blauwe Poort. Vandaar heeft de wind vrij spel en start het uitgestrekte domein van het Kasteel van Ooidonk. Het park, de orangerie, de Oude Leie... deze idyllische plek is ideaal om tot rust te komen. Het kasteel in Vlaams-Spaanse renaissancestijl geldt dan ook als parel van de Leiestreek. Net voorbij de Blauwe Poort ligt een speeltuintje en een voetbalplein. De thuishaven van SK Ooidonck Leerne. Een jonge club met een uniek verhaal. De familie 't Kint de Roodenbeke bewoont al decennia het kasteel en stelt een deel van haar grondgebied ter beschikking aan de vierdeprovincialer. Begin jaren 2000 ging FC Eendracht Leerne ter ziele. Henri Vermeulen, geboren en getogen in Bachte-Maria-Leerne, wilde de jeugd van de eigen streek opnieuw een kans geven en richtte in 2004 SKOL op. 'Het faillissement van de vorige club kwam er omdat ze niet investeerde in de jeugd', vertelt hij. Die fout wilde Vermeulen niet maken, voor hem is de jeugdwerking dan ook het allerbelangrijkste. In de beginjaren van SKOL zocht hij zelf fervent naar jeugdspelers. 'Zo fietste ik bijvoorbeeld door Astene. Telkens wanneer ik een kind buiten met een bal zag spelen, belde ik aan en vroeg ik aan de ouders of hun zoon mocht komen voetballen bij SKOL. In Gent bezocht ik een ondergewaardeerde wijk waar een voetbalpleintje lag. Op een woensdagnamiddag overtuigde ik enkele Ghanezen om hier te komen spelen', vertelt de voorzitter fier. 'Alle clubs fusioneren en jij begint een nieuwe, je bent zot', kreeg Vermeulen in het begin wel eens naar zijn hoofd geslingerd. Maar zijn inspanningen loonden en hij gaf de criticasters lik op stuk. Met 238 spelers kan stamnummer 9477 best tevreden zijn. Na een afwezigheid van twaalf jaar heeft Leerne bovendien sinds het seizoen 2017/18 weer een eerste ploeg. 'Enkele jaren geleden was er sprake van een fusie met Union Mariakerke. Wij hadden wat jeugd, zij hadden een eerste ploeg. Ik weigerde, want dan zouden onze eigen spelers weer geen kans krijgen om door te stromen.' Ook op financieel vlak voert Vermeulen een duidelijk beleid. 'We vragen geen inkom voor wedstrijden. Dat trekt extra volk en zorgt voor hogere inkomsten van onze kantine. Waar er vroeger geen tien mensen rond het plein stonden, verwelkomen we nu wekelijks ongeveer 120 toeschouwers. Verder betalen we de spelers van de eerste ploeg niet.' Aan dat beleid hangt wel een keerzijde vast. Regelmatig vertrekken voetballers omdat ze elders wel geld verdienen. Zo kozen vorig jaar zeven spelers van de eerste ploeg voor andere oorden. 'Dat wil zeggen dat er nu 17-jarigen bij de A-ploeg voetballen. Veel van die gasten studeren nog dus tijdens de examenperiodes in september en januari hebben we een probleem.' Dat is wel zowat het enige waarover Vermeulen zich zorgen maakt, want ook qua infrastructuur zit het sinds 2015 goed. Toen verrees een nagelnieuw lokaal langs de Ooidonkdreef. De houten, versleten barakken uit de jaren 60 werden afgebroken. 'Hygiënisch volstonden die barakken niet meer. Er stond bijvoorbeeld een wc naast de toog. Bovendien zorgden wortels van populieren voor scheuren in de vloer en op zaterdagochtend zaten soms vier ploegen in één kleedkamer', legt de voorzitter uit. Een prachtige locatie, veel jeugd, geen geldzorgen en een nieuwe infrastructuur. Dankzij zijn inspanningen in de beginjaren, zijn connecties en zijn standvastigheid verwezenlijkte Vermeulen iets waar menig Vlaamse club jaloers op is.