Zo koud en slecht was het zaterdagavond tijdens de bekerfinale tussen Genk en Standard dat een deel van de pers de verlengingen vanuit de perszaal van het Koning Boudewijnstadion volgde. Voor de koffie moesten ze het niet doen, want warme dranken waren er na de aftrap niet meer voorzien. Ook analist Jan Mulder kwam even opwarmen voor hij weer buiten in de kou aan de slag moest als analist.
...

Zo koud en slecht was het zaterdagavond tijdens de bekerfinale tussen Genk en Standard dat een deel van de pers de verlengingen vanuit de perszaal van het Koning Boudewijnstadion volgde. Voor de koffie moesten ze het niet doen, want warme dranken waren er na de aftrap niet meer voorzien. Ook analist Jan Mulder kwam even opwarmen voor hij weer buiten in de kou aan de slag moest als analist. Het was vermoedelijk de koudste wedstrijd waar een Belgische ploeg bij betrokken was sinds woensdag 11 december 1991 toen AA Gent in de terugwedstrijd van de derde ronde van de UEFA Cup Dinamo Moskou partij gaf. Dat gebeurde in het stadion van Simferopol op de Krim bij een temperatuur van min tien graden. De wedstrijd werd gespeeld in vreemde omstandigheden omdat Oekraïne net onafhankelijk was geworden. In het luxehotel in Jalta waar pers, bestuur en fans logeerden, was van het 20 pagina's dikke menu slechts één gerecht beschikbaar: Beef Stroganoff. Alleen moesten de gasten voor elke maaltijd verplicht de hele kaart doornemen, eisten de obers. Eén keer roepen: 'Vijftig keer Beef Stroganoff!', strookte niet met de etiquette. De eerste ochtend wisselden drie Gentse gasten in de bank in het hotel zo'n 100 dollar. Ze stapten elk met een volle plastiek zak roebels weg, waarna de bank dicht ging. Het geld was op. Vervolgens stelden de bezoekers vast dat ze met die roebels niets konden kopen, omdat de winkels leeg waren en men alleen dollars wilde: ' Roebel kaput' was het ordewoord. Een plaatselijke Russische collega barstte in huilen uit toen hij op een kopje Nescafé getrakteerd werd. Koffie en kaas waren delicatessen die al meer dan een jaar niet meer te krijgen waren aan de Zwarte Zee. De wedstrijd ging op de Krim door omdat het in december in Moskou doorgaans stenen uit de grond vroor en het aan de Zwarte Zee mild was. Behalve dat jaar. Terwijl in Moskou positieve temperaturen gemeten werden, maakten zo'n honderd soldaten het veld voor de match sneeuw- en ijsvrij. Ondertussen warmden de 9000 toeschouwers zich aan grote vuren die de soldaten aan de ingangen van het stadion stookten. De persbanken waren in hout en niet overdekt, en de scribenten kregen de raad om niet te lang te blijven zitten om niet aan de banken vast te vriezen. De wedstrijd eindigde op 0-0 en omdat Gent de heenmatch met 2-0 had gewonnen, speelde het team van René Vandereycken de kwartfinale tegen Ajax. Na een 0-0 thuis verloor het in het Olympisch Stadion in Amsterdam met 3-0.