Op 6 januari 2012 arriveert het RAEC Mons van Dennis van Wijk voor zijn driedaagse winterstage in Blankenberge. De beelden van de eerste dag zijn hallucinant. De spelers worden door de striemende regen en de keiharde wind net niet van de dijk geblazen. Voetballen lukt amper, maar voor de teambuilding is het goed.

Drie jaar eerder troont de Franse trainer Albert Cartier neo-eersteklasser Tubize mee naar de Vogezen voor een winterstage in zijn geboortestreek. Dit blad stuurt een journalist mee, die zich niet alleen vastrijdt in de sneeuw, maar terugkeert met een hallucinant verhaal.

Eerst wilde de club, zoals de meeste andere eersteklassers, naar Turkije, maar dat bleek te duur. En zo werkt Tubize, in plaats van aan automatismen op het veld, aan de onderlinge solidariteit en het doorzettingsvermogen van spelers. In barre, winterse omstandigheden leidt Cartier zijn spelers langs de bergtoppen en de skipistes uit zijn jeugd. Vier dagen lang beult hij met de medewerking van professionele monitoren zijn spelers af, die pas 's ochtends het programma voor die dag vernemen. Om half acht 's morgens uit bed, om half negen naar buiten. Geluncht wordt in volle natuur, bij vriestemperaturen en pas om half elf 's avonds keren de spelers terug naar hun gîte, waar ze na een sobere avondmaaltijd per drie een kamer delen. Ze moeten zelf hun bed maken, koffie zetten en de afwas doen. Er is geen TV, en overdag is gsm-gebruik verboden. Wat kan, is met mekaar praten, en aan een grote gemeenschappelijke tafel kaarten.

De twee Brazilianen maken kennis met de sneeuw en het langlaufen. Een kennismaking die gepaard gaat met vallen en opstaan. Na twee en een halve dag worden de spelers er op sneeuwraketten op uit gestuurd voor een stevige avondwandeling in een halve blizzard, met zaklampen. Om half negen 's avonds arriveren ze in een boerderij. De bus die hen zou oppikken zit een kilometer verder vast in de sneeuw. 's Anderdaags volgt een flinke dagtocht in de sneeuw, eerst met ski's naar een berghut, later weer met sneeuwschoenen.

Vrijdagmiddag mogen de uitgeputte spelers terug naar België, na nog een stevige jogging in de sneeuw, steil bergop. Maar sportief gaat het bergaf na de terugkeer. Vijf maanden na het onvergetelijke avontuur degradeert Tubize uit eerste en wordt Cartier als trainer opgevolgd door Felice Mazzu.

Op 6 januari 2012 arriveert het RAEC Mons van Dennis van Wijk voor zijn driedaagse winterstage in Blankenberge. De beelden van de eerste dag zijn hallucinant. De spelers worden door de striemende regen en de keiharde wind net niet van de dijk geblazen. Voetballen lukt amper, maar voor de teambuilding is het goed. Drie jaar eerder troont de Franse trainer Albert Cartier neo-eersteklasser Tubize mee naar de Vogezen voor een winterstage in zijn geboortestreek. Dit blad stuurt een journalist mee, die zich niet alleen vastrijdt in de sneeuw, maar terugkeert met een hallucinant verhaal. Eerst wilde de club, zoals de meeste andere eersteklassers, naar Turkije, maar dat bleek te duur. En zo werkt Tubize, in plaats van aan automatismen op het veld, aan de onderlinge solidariteit en het doorzettingsvermogen van spelers. In barre, winterse omstandigheden leidt Cartier zijn spelers langs de bergtoppen en de skipistes uit zijn jeugd. Vier dagen lang beult hij met de medewerking van professionele monitoren zijn spelers af, die pas 's ochtends het programma voor die dag vernemen. Om half acht 's morgens uit bed, om half negen naar buiten. Geluncht wordt in volle natuur, bij vriestemperaturen en pas om half elf 's avonds keren de spelers terug naar hun gîte, waar ze na een sobere avondmaaltijd per drie een kamer delen. Ze moeten zelf hun bed maken, koffie zetten en de afwas doen. Er is geen TV, en overdag is gsm-gebruik verboden. Wat kan, is met mekaar praten, en aan een grote gemeenschappelijke tafel kaarten. De twee Brazilianen maken kennis met de sneeuw en het langlaufen. Een kennismaking die gepaard gaat met vallen en opstaan. Na twee en een halve dag worden de spelers er op sneeuwraketten op uit gestuurd voor een stevige avondwandeling in een halve blizzard, met zaklampen. Om half negen 's avonds arriveren ze in een boerderij. De bus die hen zou oppikken zit een kilometer verder vast in de sneeuw. 's Anderdaags volgt een flinke dagtocht in de sneeuw, eerst met ski's naar een berghut, later weer met sneeuwschoenen. Vrijdagmiddag mogen de uitgeputte spelers terug naar België, na nog een stevige jogging in de sneeuw, steil bergop. Maar sportief gaat het bergaf na de terugkeer. Vijf maanden na het onvergetelijke avontuur degradeert Tubize uit eerste en wordt Cartier als trainer opgevolgd door Felice Mazzu.