Alles begon met een mail die binnenkwam bij het bestuur van Royal Scup Dieleghem Jette, het resultaat van een fusie in 2002 tussen Dieleghem en de Brusselse traditieclub Scup Jette. In die mail stelde Standard, dat op zoek is naar een partner in het Brusselse, een samenwerking voor met de club uit de hoofdstad. 'Een exclusieve samenwerking, die inhoudt dat als wij erop ingaan Standard geen andere partner zoekt in Brussel', licht RSD-voorzitter René Kruys toe.

'RSD Jette heeft in het Brusselse een flinke traditie qua jeugdopleiding en doorstroming van talent, met Faris Haroun, Bruno Godeau, Junior Malanda, Joris Kayembe, Ziguy Babangida en daarvoor Sanharib Malki, Nordin Jbari, Michel Ngonge en Alain Denil. Vandaag hebben we een jeugdacademie met 600 spelertjes die trainen en spelen op drie synthetische velden en één grasveld. De schepen van Sport steunt ons project, en staat ook achter een samenwerking met Standard. Onlangs is nog een dossier ingediend voor een subsidie van vijf miljoen euro voor de renovatie van ons stadion.'

Momenteel komt Scup Jette, dat een paar jaar geleden teruggezakt was naar tweede provinciale, na een paar promoties uit in de derde amateurklasse in Wallonië/Brussel. Wat betekent het akkoord dat officieel ingaat zodra het bestuur van de geel-blauwen het goedkeurt? 'Dat Standard eerste keus krijgt voor onze jonge spelers ( in Brussel en Wallonië zijn jeugdspelers niet jaarlijks vrij, maar moet de club nog zijn toestemming geven, in Vlaanderen volstaat het voor een bepaalde datum een ontslag in te dienen, kosteloos, nvdr). Als daarna de spelers die van hier vertrokken zijn het maken bij de profvoetballers, in België of het buitenland, krijgen we daar een aanzienlijk bedrag voor. Het is een goeie deal voor beide clubs. Waarschijnlijk komt Standard jaarlijks met zijn U21-ploeg een oefenmatch spelen. Er was ook een optie om met hun eerste ploeg te komen, maar dan moeten we een flink bedrag bijbetalen, en het is niet zeker dat ons dat lukt. Al onze andere concrete vragen werden door Standard tot in de details beantwoord.' Concreet mikt Standard in eerste instantie op erg jonge spelers. Het opzet is om ze vanaf hun elfde van Brussel naar Sclessin te brengen.

In de omgekeerde beweging, waarbij spelers van de U19 die uit de boot vallen bij de Rouches naar Brussel afzakken, gelooft Kruys minder: 'Vooral vanwege de mentaliteit van veel ouders. Zodra hun zoon bij een club als Standard zit, denken ze dat ze een nieuwe Diego Maradona hebben van wie ze zich niet kunnen voorstellen dat hij afdaalt naar derde amateur, zelfs al is het maar voor één jaar. Dat aanzien ze als een vernedering.'

Ook de afstand tussen beide steden kan sommige dossiers bemoeilijken. Je kind een aantal keer per week van Brussel naar Luik voeren en terughalen, is een zware opdracht, bijna een parttime job. De voorzitter van RSD beseft dat dat sommige overgangen zal afblokken. Vandaar de logische vraag: was het niet beter geweest om zo'n deal af te sluiten met de grote buur uit Anderlecht, die op minder dan tien kilometer afstand ligt? Het antwoord van Kruys is verrassend: 'Dat was logischer en meer vanzelfsprekend geweest. We hebben zelfs een link met de familie Kompany omdat BX Brussels in ons stadion voetbalt. Ik ken Pierre Kompany goed, ik heb hem gevraagd of we niet eens konden samenzitten met Vincent, maar daar is nooit een antwoord op gekomen. Jammer. We hebben momenteel een aantal spelertjes bij Anderlecht, we hebben die nooit tegengehouden. Daar had een samenwerking uit kunnen voortkomen, maar zolang Anderlecht niet reageert op onze voorstellen voor een samenwerking, is het normaal dat we doorgaan met het dossier-Standard.'

Alles begon met een mail die binnenkwam bij het bestuur van Royal Scup Dieleghem Jette, het resultaat van een fusie in 2002 tussen Dieleghem en de Brusselse traditieclub Scup Jette. In die mail stelde Standard, dat op zoek is naar een partner in het Brusselse, een samenwerking voor met de club uit de hoofdstad. 'Een exclusieve samenwerking, die inhoudt dat als wij erop ingaan Standard geen andere partner zoekt in Brussel', licht RSD-voorzitter René Kruys toe. 'RSD Jette heeft in het Brusselse een flinke traditie qua jeugdopleiding en doorstroming van talent, met Faris Haroun, Bruno Godeau, Junior Malanda, Joris Kayembe, Ziguy Babangida en daarvoor Sanharib Malki, Nordin Jbari, Michel Ngonge en Alain Denil. Vandaag hebben we een jeugdacademie met 600 spelertjes die trainen en spelen op drie synthetische velden en één grasveld. De schepen van Sport steunt ons project, en staat ook achter een samenwerking met Standard. Onlangs is nog een dossier ingediend voor een subsidie van vijf miljoen euro voor de renovatie van ons stadion.' Momenteel komt Scup Jette, dat een paar jaar geleden teruggezakt was naar tweede provinciale, na een paar promoties uit in de derde amateurklasse in Wallonië/Brussel. Wat betekent het akkoord dat officieel ingaat zodra het bestuur van de geel-blauwen het goedkeurt? 'Dat Standard eerste keus krijgt voor onze jonge spelers ( in Brussel en Wallonië zijn jeugdspelers niet jaarlijks vrij, maar moet de club nog zijn toestemming geven, in Vlaanderen volstaat het voor een bepaalde datum een ontslag in te dienen, kosteloos, nvdr). Als daarna de spelers die van hier vertrokken zijn het maken bij de profvoetballers, in België of het buitenland, krijgen we daar een aanzienlijk bedrag voor. Het is een goeie deal voor beide clubs. Waarschijnlijk komt Standard jaarlijks met zijn U21-ploeg een oefenmatch spelen. Er was ook een optie om met hun eerste ploeg te komen, maar dan moeten we een flink bedrag bijbetalen, en het is niet zeker dat ons dat lukt. Al onze andere concrete vragen werden door Standard tot in de details beantwoord.' Concreet mikt Standard in eerste instantie op erg jonge spelers. Het opzet is om ze vanaf hun elfde van Brussel naar Sclessin te brengen. In de omgekeerde beweging, waarbij spelers van de U19 die uit de boot vallen bij de Rouches naar Brussel afzakken, gelooft Kruys minder: 'Vooral vanwege de mentaliteit van veel ouders. Zodra hun zoon bij een club als Standard zit, denken ze dat ze een nieuwe Diego Maradona hebben van wie ze zich niet kunnen voorstellen dat hij afdaalt naar derde amateur, zelfs al is het maar voor één jaar. Dat aanzien ze als een vernedering.' Ook de afstand tussen beide steden kan sommige dossiers bemoeilijken. Je kind een aantal keer per week van Brussel naar Luik voeren en terughalen, is een zware opdracht, bijna een parttime job. De voorzitter van RSD beseft dat dat sommige overgangen zal afblokken. Vandaar de logische vraag: was het niet beter geweest om zo'n deal af te sluiten met de grote buur uit Anderlecht, die op minder dan tien kilometer afstand ligt? Het antwoord van Kruys is verrassend: 'Dat was logischer en meer vanzelfsprekend geweest. We hebben zelfs een link met de familie Kompany omdat BX Brussels in ons stadion voetbalt. Ik ken Pierre Kompany goed, ik heb hem gevraagd of we niet eens konden samenzitten met Vincent, maar daar is nooit een antwoord op gekomen. Jammer. We hebben momenteel een aantal spelertjes bij Anderlecht, we hebben die nooit tegengehouden. Daar had een samenwerking uit kunnen voortkomen, maar zolang Anderlecht niet reageert op onze voorstellen voor een samenwerking, is het normaal dat we doorgaan met het dossier-Standard.'