Toen Jan Ceulemans tijdens de rust van Westerlo-Zulte Waregem zijn verdediging weer eens moest herschikken, kon er geen twijfel meer over bestaan: als Westerlo het seizoen opnieuw in de middenmoot wilde eindigen, mocht versterking niet op zich laten wachten.
...

Toen Jan Ceulemans tijdens de rust van Westerlo-Zulte Waregem zijn verdediging weer eens moest herschikken, kon er geen twijfel meer over bestaan: als Westerlo het seizoen opnieuw in de middenmoot wilde eindigen, mocht versterking niet op zich laten wachten. Nico Van Kerckhoven breit nu al voor het vijfde seizoen een voor veel spelers benijdenswaardig slotluik aan zijn carrière. Hij heeft met zijn 39 jaren en internationale carrière aardig wat ervaring in te brengen, maar is qua wendbaarheid en snelheid niet onfeilbaar, zeker niet als hij zich door de tegenstander naar de zijkant laat lokken. Bovendien maakt zijn leeftijd het herstel bij een eventuele spierblessure er niet korter op. Niet alleen moest de trainer in die bewuste wedstrijd van de vijfde speeldag hem met een gebroken neus in de kleedkamer zien blijven, er restte Jan Ceulemans ook geen andere mogelijkheid dan Joris Van Hout naar het centrum te schuiven en Emmanuel Sarki, de snelle rechterflank, zowaar rechtsachter te laten spelen. Alleen Jef Delen - wiens doublure, Jo Christiaens, ook al geblesseerd was geraakt - stond zo in de verdediging nog op zijn vertrouwde plaats, vermits Joris Van Hout en Steven De Petter, naar achteren geschoven om Wouter Cortsjens te vervangen, allebei voor een andere positie waren gehaald. De Petter kwam naar Westerlo om op het middenveld onder andere wat meer als professioneel bestempelde overtredingen in de ploeg te brengen. Van Hout wist de voorbije seizoenen als targetspits niet te overtuigen en voelde er niks voor aan clubs van lager allooi uitgeleend of verpatst te worden. Wel zou hij zich zonder morren ten dienste stellen van de ploeg. Noodgedwongen werd dan maar weer - hij speelde het al onder Aimé Anthuenis bij Anderlecht - een verdediger van hem gemaakt. Het aantreden van Van Hout en De Petter in de verdediging twee speeldagen geleden, moest op zijn beurt al het uitvallen van Günther Vanaudenaerde en Wouter Corstjens goedmaken. Ceulemans' eerste bedoeling was in het licht van de trits geblesseerde verdedigers dan ook meer stevigheid achterin te krijgen. Die denkt Westerlo gevonden te hebben in Adnan Mravac. Mravac, Bosnisch international die een jaartje in Lillestrøm voetbalde en daarna tot zijn transfer naar Westerlo zeven seizoenen trouw bleef aan het Oostenrijkse Mattersburg, moet met zijn 1m91 qua gestalte niet onderdoen voor Van Kerckhoven. De 45 gele kaarten die hij in Oostenrijk kreeg - een om de vier wedstrijden - laten meer fysieke dan technische kwaliteiten vermoeden. Al weten ze in Westerlo dat hij zo goed als tweevoetig is en dat de centrale verdediger ook als links- en rechtsachter kan spelen. Links achteraan is Jef Delen nog altijd de vaste waarde, maar de scherpte - hij is 33 - raakt wat afgebot; Minzun Quina moet zijn doublure worden nu Chris-tiaens is uitgevallen. De kwaliteiten van Quina waren Frank Dauwen bijgebleven toen hij in Peru op Jaime Ruiz, een Colombiaan, stootte. Quina, een Peruaan, viel toen als ploegmaat van de topschutter op door zijn loopvermogen en techniek op de linksachter. Hij zal wel nog een aanpassingsperiode nodig hebben om meer verdedigend te denken en positioneel betere keuzes te maken. Dat Westerlo er vóór zijn transfers niet in slaagde punten te pakken, moet het ook aan het uitvallen van Jaime Ruiz, de topschutter van vorig seizoen, wijten. Ruiz, toen goed voor zeventien doelpunten, kwam door een blessure in de competitiestart geen seconde aan spelen toe. Vijf spitsen hield Westerlo met Emre, Dekelver, Odita, Tomou en Ceesay nochtans achter de hand om hem bij te staan of te vervangen. Maar behalve Tomou, Rachid Farssi en Adnan Mravac, kreeg niemand de bal in het net. Ruiz speelde in het weekend dat de Rode Duivels in Spanje zaten al vijfentwintig minuten mee in een oefenwedstrijd tegen RKC en scoorde, maar geheel de oude scheen hij fysiek nog niet te zijn, te meer omdat de sportieve staf er alles aan gelegen is om hem met de nodige voorzichtigheid (en spierversterkende oefeningen) te laten trainen. Om het scorend vermogen op te krikken heeft Westerlo daarom nu zijn hoop gevestigd op de Oekraïner Aleksandr 'Sasha' Iakovenko, een speler die Ceulemans charmeerde met zijn doelgerichtheid en die bij Anderlecht werd geleend. Iakovenko kan als tweede spits spelen, maar werd in eerste instantie gehaald voor de rechterflank. Voor die positie testte Westerlo in de voorbereiding zonder gevolg de Israeliër ReuvenOved. Een rechtsmidden ontbrak dus nog in de selectie: vorig seizoen moest bij afwezigheid van Sarki soms zonder flank worden gespeeld en werd de tegenstander op het middenveld in een kuipvorm opgevangen, met Moses Adams uitvallend naar de rechterkant. Sarki was met zijn snelheid op de flank al langer een gesel voor de tegenstander, maar zijn gebrek aan overzicht en passing leidde wel al vaak tot balverlies. Iakovenko wordt meer infiltrerend en scorend vermogen toegeschreven dan Sarki. Bovendien verstaat Iakovenko meer dan Sarki de kunst om naar binnen te snijden en centraal gevaar te creëren. Assistent-trainer Frank Dauwen: "Een goeie organisatie was vorig seizoen een van onze sterke punten, maar nu konden we nog geen enkele keer op voorsprong komen. Dan kom je onder druk, móét je aanvallender gaan spelen en komt er ruimte vrij, met alle risico's van dien." Straks moet het anders kunnen. Ceulemans heeft er altijd naar gestreefd zijn ploeg geduldig te laten voetballen; nu de rangschikking om punten vraagt, zal niemand in het Kuipje erom malen als ook wordt gegrepen naar resultaatvoetbal. De club heeft zich in elk geval versterkt om een moeilijker en efficiëntere tegenstander te worden, eentje die kan knokken en uitbreken, op voorsprong komen en consolideren. Hoe en met welk gevolg het die nieuwe mogelijkheden aanwendde, viel zaterdag op Moeskroen te zien. door raoul de grooteWesterlo vestigt zijn hoop op Iakovenko om te scoren.