Om meer dan één reden is de spelersvoorstelling van AA Gent, en dit interview, slecht getimed. Twee dagen eerder lag Alexandre Martinovic (22) in de Intertotowedstrijd tegen het Deense Aalborg na onoordeelkundig uitkomen aan de basis van een dure tegengoal, waardoor zijn positie als nummer één op zijn minst weer even ter discussie staat en bovendien zorgt een regenbui met de allures van een storm ervoor dat Sint-Baafs niet langer blauw-wit kleurt, maar wel in sneltempo leegloopt. Martinovic blijkt gelukkig van geen kleintje vervaard. Dat is ook een absolute voorwaarde om te slagen in de opdracht die hem dit jaar wacht : bij Gent Buffaloboegbeeld Frédéric Herpoel doen vergeten.
...

Om meer dan één reden is de spelersvoorstelling van AA Gent, en dit interview, slecht getimed. Twee dagen eerder lag Alexandre Martinovic (22) in de Intertotowedstrijd tegen het Deense Aalborg na onoordeelkundig uitkomen aan de basis van een dure tegengoal, waardoor zijn positie als nummer één op zijn minst weer even ter discussie staat en bovendien zorgt een regenbui met de allures van een storm ervoor dat Sint-Baafs niet langer blauw-wit kleurt, maar wel in sneltempo leegloopt. Martinovic blijkt gelukkig van geen kleintje vervaard. Dat is ook een absolute voorwaarde om te slagen in de opdracht die hem dit jaar wacht : bij Gent Buffaloboegbeeld Frédéric Herpoel doen vergeten. "Dit seizoen is de situatie anders dan een jaar geleden", zegt Martinovic. "Nu lig ik in balans met Bojan Jorgacevic, de beste zal spelen. Vorig seizoen was de hiërarchie duidelijk. Fred was de nummer één, ik nummer twee. Geen probleem, hij heeft een heel goed seizoen gespeeld. Onze stijl is inderdaad wel helemaal anders. Hij is meer een lijnkeeper die het graag sober houdt, ik ben wat spectaculairder, neem graag wat risico's. Al weet ik dat ik daarmee moet opletten. Maar ik probeer mijn volledige doelgebied te bespe- len, verlaat vaak mijn doel en probeer ook in de lucht mijn mannetje te staan. Luchtduels zijn het moeilijkste onderdeel van het keepersvak. Dat zullen alle doelmannen beamen. Daarin kan je je als keeper ook onderscheiden. Ballen stoppen, daarin staat iedereen min of meer op hetzelfde niveau, maar doelmannen die echt sterk zijn in de lucht, zijn eerder zeldzaam." Zijn drang naar spektakel komt nochtans niet alleen in het luchtruim tot uiting. Ook van het uittrappen maakt hij een heel esthetische beweging door de bal niet voor, maar wel naast zijn lichaam te raken. Martinovic : "Als jong gastje zag ik de Argentijnse doelmannen zo uittrappen en ik was direct verkocht. Franse goalies zullen nochthans eerder in demivolley, dropkick uittrappen. Maar de Zuid-Amerikaanse manier gaat me makkelijker af en het is ook spectaculairder, le geste est plus joli. " Martinovic kwam halverwege vorig seizoen over van het Franse Sochaux met aardig wat adelbrieven onder de arm. "Ik speelde twee wedstrijden voor de Franse beloften en een vijftiental bij de jongere selecties. Daarbij was Franck Ribéry een aantal keer mijn ploegmaat. Een buitengewone voetballer, maar een speciale kerel, een beetje teruggetrokken. Voor ik naar AA Gent kwam, speelde ik altijd voor Sochaux, de club uit mijn geboortestreek Montbéliard. Ik moet zes geweest zijn toen ik me er aansloot. De club heeft een hele goede jeugdwerking, dus dicht bij huis kon ik moeilijk beter zitten. "Bij Sochaux was het vorig jaar een uitgemaakte zaak dat ik tweede doelman zou blijven. Nummer een is daar Teddy Richert. Een grote concurrent want vorig jaar nog uitgeroepen tot beste doelman van de Ligue 1. Ik hoorde van mijn manager, Christophe Henrotay, dat bij Gent de kans bestond dat de eerste doelman er op het eind van het seizoen zou vertrekken en dat leek me een leuke uitdaging." De nieuwe Gentse goalie kreeg in Frankrijk niet alleen een prima scholing, ook genetisch heeft hij het juiste materiaal mee. Papa Svetozar Martinovic schopte het als voetballer tot bij Sevilla. "Op voetbalgebied is mijn pa een beetje mijn tegenpool", nuanceert Martinovic. "Eerst en vooral is hij een aanvaller, maar bovendien ook een absolute reiziger. Hij speelde voor heel veel verschillende clubs. Naast Sevilla ook nog bij onder meer Toulouse, Amiens, Sedan en Paris FC. Live heb ik hem nooit aan het werk gezien. Ik zat toen nog in de buik van mijn mama. Dat hij bij zoveel clubs heeft gespeeld, is logisch. Als aanvaller ben je een passant. Voor een doelman is dat helemaal anders. Vaak is dat een steunpilaar, een monument. Herpoel bij Gent, maar ook Gianluigi Buffon bij Juventus en Grégory Coupet bij Lyon. Doelmannen worden zelden veelvuldig getransfereerd." Toch leek Martinovic aanvankelijk voorbestemd om een aardje naar zijn vaartje te worden. "Vroeger was ik inderdaad aanvaller. Gezien mijn lengte (1m94, nvdr) leek dat de positie waar ik het best tot mijn recht zou komen, maar de trainer plaatste me eens in de goal en ik bleek er wel talent voor te hebben. Probleem was dat ik dat eigenlijk niet zo graag deed. Een paar matchen in de goal, dat vond ik wel oké, maar er blijven staan, dat zag ik niet zitten. Na verloop van tijd is duidelijk geworden dat het doel de enige plaats was waar ik het kon maken als prof en toen heb ik me ermee verzoend." Het nieuwe seizoen kijkt Martinovic met vertrouwen tegemoet. Even goed doen als vorig seizoen acht hij perfect mogelijk. "Ik denk dat we dit jaar sterker zijn. Vorig jaar hadden we veertien spelers die in aanmerking kwamen voor een selectie, dit jaar zijn dat er twintig. Onder Georges Leekens speelden altijd dezelfde elf, ik denk dat zoiets bij Sollied niet het geval zal zijn. Van een doelman verwacht hij dat die leiding geeft aan zijn verdediging en gewoon heel regelmatig presteert. Logisch, want een keeper heeft een sleutelrol. Met een goeie keeper eindig je bij de eerste vijf." Met Alaksandar Mutavdzic, Djordje Svetlicic en Boban Grncarov krijgt Martinovic straks haast zeker een Slavisch centraal duo voor zich. Het maakt er de communicatie niet makkelijker op, maar de Gentse goalie schikt zich in zijn lot. "Aah, dat is eigen aan het Belgische voetbal. Engels, Frans een woordje Spaans, het is vachement compliqué soms. Een voordeel is dat mijn roots in Montenegro liggen. Mijn pa spreekt uitstekend Servo-Kroatisch, ik ken nog een paar woorden, genoeg om mijn verdedigers duidelijk te maken wat ik van hen verwacht. Zakken, los, dekken ... dat soort dingen ken ik wel." S Door Jan-Pieter De Vlieger