Mijn dorp

Sulayman Marreh (23): 'Natúúrlijk vond ik het als kind niet altijd leuk om vijf keer per dag naar de moskee te gaan, en al zeker niet om vijf uur 's ochtends. Maar onze ouders dwongen ons; zo wen je eraan. En als ik me eens had weggestopt om eraan te ontsnappen, moest ik van mijn vader het hele huis schoonvegen. Mijn broers en ik staken onze moeder wel sowieso een handje toe in het huishouden, bij de afwas bijvoorbeeld. Niet omdat we verplicht werden, maar omdat we zagen dat er veel te doen was. Mijn moeder is huisvrouw, mijn vader werkt als chauffeur voor het landbouwdepartement van de Gambiaanse regering. Hij brengt mensen naar hun bureau. Dat is geen slechte job. Ons gezin was in mijn kindertijd dan ook niet straatarm, meer zeker ook niet rijk. We hadden wel elke dag wat te eten en mijn broers en ik konden naar sc...

Sulayman Marreh (23): 'Natúúrlijk vond ik het als kind niet altijd leuk om vijf keer per dag naar de moskee te gaan, en al zeker niet om vijf uur 's ochtends. Maar onze ouders dwongen ons; zo wen je eraan. En als ik me eens had weggestopt om eraan te ontsnappen, moest ik van mijn vader het hele huis schoonvegen. Mijn broers en ik staken onze moeder wel sowieso een handje toe in het huishouden, bij de afwas bijvoorbeeld. Niet omdat we verplicht werden, maar omdat we zagen dat er veel te doen was. Mijn moeder is huisvrouw, mijn vader werkt als chauffeur voor het landbouwdepartement van de Gambiaanse regering. Hij brengt mensen naar hun bureau. Dat is geen slechte job. Ons gezin was in mijn kindertijd dan ook niet straatarm, meer zeker ook niet rijk. We hadden wel elke dag wat te eten en mijn broers en ik konden naar school. Dat is al heel wat in Abuko. Voor de meeste mensen daar is het leven heel moeilijk. Met het doorsneesalaris dat de mensen er hebben, 200 euro per maand, kun je geen comfortabel bestaan leiden. 'Abuko is een klein dorp. Werkgelegenheid is er niet; daarvoor moet je naar de grote steden: Serekunda, op zo'n 20 minuten rijden, of Banjul, de hoofdstad, op zo'n 45 minuten. En de meeste mensen geloven dat je naar Europa moet om het écht te maken. Een van mijn broers studeert in Zweden, een in Spanje en een in Italië. 'Voor mij wordt het stilaan tijd om Abuko achter mij te laten. Ik heb er nog altijd een kamer in het huis van mijn ouders, maar ik wil stilaan mijn eigen stek, in Senegambia of Bijilo, aan de kust. Enerzijds wil ik niet weglopen van de mensen in mijn dorp, aan de andere kant snak ik naar wat privacy. Als je in Gambia profvoetballer bent, kent iedereen je; het is een klein land. De mensen volgen er zelfs de matchen van Eupen, via Soccer Scores, een app op hun gsm. Wanneer ik door de straten van Banjul stap, moet ik heel vaak op de foto. Langs een kant geniet ik daarvan, maar als ik in Abuko blijf wonen, weet iedereen daar de héle tijd wat ik aan het doen ben. Dat vind ik minder fijn.''Ik zou graag nog eens teruggaan naar Gunjur; daar zijn we met de school eens op excursie geweest naar een reptielenboerderij. Er werd een slang rond onze nek gelegd waarmee we op de foto mochten. In Abuko zelf heb je het Abuko Nature Reserve, dat erg mooi is. Daarnaast zijn er nog veel plaatsen in Gambia waarover ik goede dingen hoor, maar waar ik zelf nog niet geraakt ben. 'Veel toeristen komen naar ons land om iets bij te leren over de slavernij van vroeger, toen de blanken in Gambia de sterkste zwarten kwamen halen en meenamen naar Amerika. De bekendste is Kunta Kinte ( personage uit het boek Roots van Alex Haley, waarvan een gelijknamige tv-serie is gemaakt, nvdr). We zullen die slaven nooit vergeten, voor ons zijn ze helden.' 'Mij is altijd gezegd dat Biri Biri de beste voetballer is die Gambia ooit heeft voortgebracht. Hij heeft nog voor Sevilla gespeeld ( in de jaren zeventig, nvdr) en is een grote legende. Biri Biri is eigenlijk het gezicht van het Gambiaanse voetbal. Ik zag hem nooit aan het werk, ik heb ook nog nooit een filmpje van hem gezien, maar volgens wat mij verteld wordt, was hij een vlot scorende aanvaller. Hij heeft ook veel gedaan voor de nationale ploeg. Als we tegenwoordig verplichtingen hebben met de nationale ploeg, komt hij ons bezoeken en geeft hij goede raad.' 'In Afrika leeft iedereen buiten en is er veel interactie tussen de mensen. Hier, in België, zit iedereen de hele tijd in zijn eigen huis. Buren springen niet binnen bij elkaar om even te checken of alles in orde is. Maar oké, op den duur wen je daaraan. Voor een profvoetballer is het trouwens goed om binnen te blijven en veel te rusten. En op PlayStation kun je online spelen met vrienden, zo heb je toch enig gezelschap. 'Aan de andere kant vind ik dat Europeanen - niet enkel de Belgen - wél vaak buitenkomen om op restaurant te gaan. In Gambia doen we dat ook weleens, maar lang niet zo vaak; enkel bij Nieuwjaar of een islamitisch feest.'