Het was een beeld waarin alles was vervat: Steve Darcis, uitgeput na een marathonweekend met drie matchen, die na de beslissende smash tegen Federico Delbonis op de grond neerviel. Een paar seconden erna dook David Goffin, uren nagelbijtend aan de zijlijn, op zijn Luikse ploegmaat, Ruben Bemelmans en Kimmer Coppejans volgden. De sfeer is goed! Of, zoals kapitein Johan Van Herck het voor de kwartfinale tegen Canada in Sport/Voetbalmagazine al omschreef: 'De spelers komen graag, Daviscup is voor hen een prioriteit. ...

Het was een beeld waarin alles was vervat: Steve Darcis, uitgeput na een marathonweekend met drie matchen, die na de beslissende smash tegen Federico Delbonis op de grond neerviel. Een paar seconden erna dook David Goffin, uren nagelbijtend aan de zijlijn, op zijn Luikse ploegmaat, Ruben Bemelmans en Kimmer Coppejans volgden. De sfeer is goed! Of, zoals kapitein Johan Van Herck het voor de kwartfinale tegen Canada in Sport/Voetbalmagazine al omschreef: 'De spelers komen graag, Daviscup is voor hen een prioriteit. Het zijn vrienden die er samen iets van willen maken en ervan genieten om voor eigen publiek te kunnen spelen.' Vorst Nationaal danste drie dagen lang. Niet op de beats van Stromae, het gitaarwerk van Neil Young of het aanstekelijke 'Insomnia' van Faithless, maar na volleys, forehands en opslagen. Historisch, uniek, sportgeschiedenis: aan superlatieven geen gebrek na de 3-2 tegen Argentinië, licht favoriet voor een vijfde finale in zijn tennisgeschiedenis. België stond al een keer in de finale, in 1904, toen tennis nog een sport was voor nobele heren in een lange witte broek, met een wollen pet op het hoofd. William le Maire de Warzée d'Hermalle en Paul de Borman werden op het gras van Wimbledon met 5-0 weggeveegd door de British Isles, die sinds de eerste editie in 1900 zeven opeenvolgende finales speelden en vier keer wonnen. 111 jaar later is Groot-Brittannië opnieuw de tegenstander, een tennisnatie die leeft van Wimbledon maar sportief is weggegleden. De laatste Britse finale dateert van 1978, iets waar de Engelse tennisliefhebbers liever niet aan worden herinnerd. John McEnroe, Brian Gottfried en de legendarische Stan Smith verpletterden het Britse team op Mission Hills (Californië) met 4-1. De finalisten van toen? David Lloyd en zijn jongere broertje John, Christopher Mottram en Mark Cox, voetnoten in de tennisgeschiedenis. De finalisten van straks? Daniel Evans, nummer 300 op de ATP-ranking, die in de halve finale tegen Australië twee keer kansloos was. Dominic Inglot, die alleen dubbel speelt (nummer 26), maar bij een 1-1-tussenstand door kapitein Leon Smith aan de kant gelaten voor Andy Murray (ATP 3). De Schot sleepte met zijn oudere broer Jamie, een dubbelspecialist (nummer 8 van de wereld) die de finales op Wimbledon én de US Open speelde, het derde punt in de wacht. Zondag timmerde Andy zich voorbij Bernard Tomic: 3-1, ontmoeting gespeeld. Team Belgium versus de Murrays, op 27, 28 en 29 in Gent Expo. Op gravel, de minst favoriete ondergrond van Andy en Jamie. De 12.000 tickets, toeters en bellen liggen klaar. DOOR CHRIS TETAERT