Hij was altijd een buitenbeentje in de tenniswereld. Eentje met het hart op de tong, talentrijke handen en in de slipstream van zijn broer Olivier een knappe carrière uitbouwend. "Ik heb nooit onder stoelen of banken gestoken dat ik het voor het geld deed", zei het voormalige nummer 38 van de wereld. "Niettemin had ik ook nooit gedacht dat ik het zover zou schoppen." Vorige week op de Ethias Trophy in Bergen verloor Christophe Rochus zijn laatste Belgische profwedstrijd van Steve Darcis. Hij liet een matchbal liggen.
...

Hij was altijd een buitenbeentje in de tenniswereld. Eentje met het hart op de tong, talentrijke handen en in de slipstream van zijn broer Olivier een knappe carrière uitbouwend. "Ik heb nooit onder stoelen of banken gestoken dat ik het voor het geld deed", zei het voormalige nummer 38 van de wereld. "Niettemin had ik ook nooit gedacht dat ik het zover zou schoppen." Vorige week op de Ethias Trophy in Bergen verloor Christophe Rochus zijn laatste Belgische profwedstrijd van Steve Darcis. Hij liet een matchbal liggen. Christophe Rochus: "Niets. Alleen op het einde van de match keek ik even rond en dacht ik: merde, dit is het einde. Maar bon, er komt aan alles een einde, hé." "Nee, totaal niet. In tennis zijn er nu eenmaal geen 10.000 mogelijkheden. Ofwel ben je goed, ofwel ben je nummer 200, 300 of 400 van de wereld en dan heeft het ook geen zin meer. Ik had het niveau niet meer ( Rochus ging er dit jaar in 22 van zijn 30 toernooien in de eerste ronde uit, nvdr) en ik had de moed niet meer om dat niveau te ambiëren. Bovendien ben ik met mijn 31 jaar in tennistermen ook al oud." "In maart van dit jaar. Net na de Daviscup tegen Tsjechië. Ik had toen ook last van mijn rug." "Nee, het hoofd. Het is altijd het hoofd dat beslist, het lichaam kan zich naderhand wel aanpassen. Op dit moment ben ik niet geblesseerd. Maar als ik niet (voldoende) train, dan word ik minder goed en wordt het moeilijker. Gisteren heb ik een uur getraind en toch had ik de indruk dat ik veel getennist had. ( lacht)" "Nee, eerder omdat ik een huisje heb in Spanje en zo onmiddellijk met vakantie kan." "Bwa, ik heb er niet echt een, maar ik heb wel enkele souvenirs die tof zijn. Het moment dat ik in de top 100 kwam, mijn achtste finale op de Australian Open in 2000, dat herinner ik me nog goed. Enkele Daviscupontmoetingen, zoals in Italië in 2000, waar ik de beslissende wedstrijd kon winnen. Mijn halve finale op de Masters Series van Hamburg in 2005 was ook erg speciaal. Daardoor raakte ik de top 50 binnen." "Als ik ergens spijt van heb, is het wel van het feit dat ik niet beter ben geweest in de Daviscup, want ik hield echt wel van die competitie. Als je ziet hoe sommige spelers er boven zichzelf kunnen uitstijgen, dan weet je dat het iets bijzonders is. Het hele jaar door vecht je voor jezelf en dan mag je het eens in teamverband doen. Winnen voor de anderen geeft toch een apart gevoel." "Ik heb een paar keer 0-6, 0-6 verloren, niet echt leuk ..." "Dat is inderdaad mijn ergste nederlaag. Je raakt in een finale van een ATP-toernooi en je verliest dan in 45 minuten met 0-6, 3-6 van Radek Stepanek." "Misschien een beetje onnozel maar toch wel Nadal en Federer. En tussen de kerels die men wat onderschat: Nikolay Davydenko. Ik heb nooit iemand geweten die de bal zo snel neemt als hij. Ik heb tegen hem gespeeld in Paris Bercy in 2006, verloor 0-6, 0-6 en kreeg vier winners per game rond de oren. Onwaarschijnlijk." "Ik zeg altijd dat er geen domme doelstelling bestaat. Het belangrijkste is dat je iets in je hoofd hebt dat je doet evolueren. Bij mij was dat geen geheim: ik speelde tennis om me een huis te kunnen kopen, om op vakantie te kunnen en opdat mijn kinderen goed zouden kunnen leven. Dat is het voornaamste dat het tennis mij heeft opgeleverd. Daarnaast is het natuurlijk ook een unieke levenservaring. Als je achttien bent en je reist de hele wereld rond met je tennistas, dan kweek je vanzelf een zekere maturiteit. Zelfs als je niet slaagt in het tennis leer je toch je sterktes en zwaktes kennen, leer je voor jezelf opkomen en oplossingen vinden voor eender welk probleem. Het is een magnifieke leerschool voor het leven." "Hier en daar een beetje interclub, ja. En een vijftiental weken per jaar ga ik Arthur ( Degreef, kleinzoon van wijlen Guy Thys en groot Waals talent, nvdr) coachen. Maar ik ga niet meer trainen. Ik zou enkel tennissen om niet dikker te worden." "Dat weet ik niet, want had ik vroeger - toen ik kind was - ook naar die mensen geluisterd, dan was ik nooit tennisspeler geworden. Het publiek heeft sowieso een slecht beeld van mij." "Ach, als er iets onnozels gebeurt, krijg ik het toch altijd op mijn brood. Maar bon, toen ik begon, geloofde er ook al niemand in mij. Ik kreeg amper steun. Ik heb geleerd om me te behelpen en enkel verantwoording af te leggen aan mezelf. Of de mensen nu slecht of goed van mij denken, ik neem daar afstand van." "Ik heb méér bereikt dan ik ooit had kunnen vermoeden. Maar tegelijkertijd legde ik van bij het begin de lat ook niet al te hoog. Dat is in mijn voordeel geweest. ( lacht)" "Ik ga door mijn rol als coach toch nog een beetje reizen. Maar met plezier ga ik mijn kinderen naar school brengen en hen in bad stoppen ( Rochus heeft een dochtertje Elena van drie en een half en een zoon Arthur van twee, nvdr). Ik hou ervan om met mijn kinderen tijd door te brengen. Dat is werkelijk allermooiste dat ik momenteel beleef." door filip dewulf"Ik heb méér bereikt dan ik had kunnen vermoeden. Maar ik legde de lat ook niet al te hoog."