De voorronde van de Afrika Cup 2013 ging midden januari 2012 van start. Nog voor de eindronde van de CAN 2012 in Gabon en Equatoriaal-Guinea op gang was gefloten. Het toernooi heeft sinds 1968 in de pare jaren plaats. Om de vier jaar stond het evenement minder dan een half jaar voor de wereldbeker geprogrammeerd en dat bleek geen gelukkige combinatie. Om dat te voorkomen werd beslist de CAN naar de onpare jaren te verplaatsen. Wat betekent dat Zambia, de kampioen van 2012, zijn kroon slechts een jaar mag dragen.
...

De voorronde van de Afrika Cup 2013 ging midden januari 2012 van start. Nog voor de eindronde van de CAN 2012 in Gabon en Equatoriaal-Guinea op gang was gefloten. Het toernooi heeft sinds 1968 in de pare jaren plaats. Om de vier jaar stond het evenement minder dan een half jaar voor de wereldbeker geprogrammeerd en dat bleek geen gelukkige combinatie. Om dat te voorkomen werd beslist de CAN naar de onpare jaren te verplaatsen. Wat betekent dat Zambia, de kampioen van 2012, zijn kroon slechts een jaar mag dragen. De verhuis op de kalender verliep niet zonder problemen. Al snel werd duidelijk dat Libië na de val van het Khadaffiregime niet in staat zou zijn om het voetbalevenement te organiseren. Daarom werd beslist dat Libië zou ruilen met Zuid-Afrika, dat de Afrika Cup van 2017 had toegewezen gekregen. De geschiedenis herhaalde zich op die manier voor Zuid-Afrika. De Regenboognatie organiseerde ook al de Afrika Cup in 1996. Het viel toen in laatste instantie in voor Kenia, dat finaal niet over de financiële middelen beschikte om het evenement te verwelkomen. Zuid-Afrika was geweldig opgezet met de nieuwe ruil, omdat dit een gelegenheid was om een aantal WK-tempels nog eens te gebruiken. "Dit is een buitengewone kans om deze kunstwerken te laten herleven en om de erfenis van het WK verder uit te bouwen", stelde minister van Sport Fikile Mbalula. "Deze Afrika Cup creëert gedurende een jaar 18.600 nieuwe banen", jubelde Mvuzo Mbebe, de CEO van het organisatiecomité. Aanvankelijk was er boosheid omdat de CAF, de Afrikaanse voetbalbond, slechts vijf stadions wilde gebruiken. Wat al een toegeving was, want normaliter wordt de CAN in slechts vier arena's afgewerkt. Voor de meeste landen van het zwarte continent is het al een probleem om vier stadions van niveau beschikbaar te stellen en de CAF wil ook vermijden dat de teams reiskosten moeten maken. Tot ieders verrassing bleek de zoektocht naar speelsteden echter een probleem. Alleen Rustenburg, dat over enorme reserves platina beschikt, ging meteen op het aanbod in. Kaapstad weigerde het verblijf van de teams en de scheidsrechters en het lokale transport, dat op 85 miljoen rand of zo'n 8 miljoen euro werd geraamd, te betalen. De groepswedstrijden van de CAN 2013 worden in Rustenburg, Nelspruit, Port Elizabeth en Durban afgewerkt. De openingswedstrijd en de finale moesten en zouden in Johannesburg plaatsvinden. Ook dat verliep niet zonder slag of stoot. Het FNB Stadium, tijdens het WK tijdelijk omgedoopt tot Soccer City, zou de komende weken National Stadium heten. De naam van sponsor First National City Bank mag immers ook tijdens de CAN niet gebruikt worden. De FNB wilde daarmee slechts akkoord gaan als ze haar naam twee jaar langer aan het stadion mocht koppelen. Op de valreep kwam er een compromis uit de bus, maar de discussie woedde nog rond Kerstmis. Met als gevolg dat er niet begonnen kon worden met het drukken van de toegangskaarten. Het was een van de redenen waarom de ticketverkoop traag op gang kwam. Het lokale organisatiecomité stelde als doel een half miljoen van de 800.000 beschikbare tickets te verkopen. De toegangsprijzen werden dan ook heel laag gehouden: van vier tot zeven euro voor een wedstrijd uit de groepsfase en van twintig euro tot zestig euro voor de finale. Een maand voor de openingsmatch waren desondanks slechts 60.000 kaartjes de deur uit. De moeizame ticketverkoop had ook in ruime mate te maken met de korte aanloop naar het evenement. Negen maanden is weinig om een toernooi van dit formaat op poten te zetten. Vooral ook omdat het niet gebudgetteerd was. Minister van Financiën Pravin Gordhan paste 452 miljoen rand (ruim 40 miljoen euro) uit het potje 'onvoorziene maar onvermijdelijke uitgaven' bij, maar dat volstond niet. "We hadden verwacht dat de overheid de helft van de uitgaven voor haar rekening zou nemen", aldus Mvuzo Mbebe. "We krijgen slechts 46 procent. Dat betekent dat we in de uitgaven moeten snoeien. In plaats van vijf houden we het bij drie advertentiecampagnes." Honderd dagen voor de aftrap van de openingswedstrijd luidde The Sowetan, de belangrijkste krant van Johannesburg en omgeving, de alarmbel. "Het is een puinhoop", blokletterde de krant. "De reputatie van Zuid-Afrika staat op het spel. Dit is het belangrijkste sportevenement op ons continent en we zijn verplicht er een succes van te maken, vergelijkbaar met het WK. De FIFA zette de Zuid-Afrikaanse voetbalbond op scherp, de CAF doet echter het tegenovergestelde." De Afrikaanse voetbalbond schrok wakker en engageerde Irvin Khoza en Danny Jordaan, de drijvende krachten achter het WK van 2010, als speciale adviseurs. Er werd werk gemaakt van een extra promotiecampagne: The Magnificent Fridays. De fans werden opgeroepen om iedere vrijdag in het shirt van Bafana Bafana (de Zuid-Afrikaanse ploeg) te gaan werken. Tot overmaat van ramp werd de Zuid-Afrikaanse voetbalbond (SAFA) in december opgeschrikt door verhalen van omkoperij in de aanloop naar het WK 2010. Vijf bondsleiders, onder wie voorzitter Kirsten Nematandani, werden voorlopig geschorst. Pas vorige week mochten ze opnieuw aan de slag. Ook de matige resultaten van Bafana Bafana in de oefeninterlands zwengelden de ticketverkoop niet echt aan. Gelukkig kon de organisatie op een groepje stevige sponsors rekenen. Hoofdsponsor Orange, de telecomgigant, is nog tot 2016 aan de CAN gekoppeld. Samsung, Pepsi, Standard Bank en Nasuba Expreso kregen op de valreep het gezelschap van Nissan. Ze kunnen tijdens deze CAN genieten van dezelfde strikte regels wat ambush marketing (sluikreclame) betreft als tijdens het WK. Dat nieuws werd in de kranten van het zuidelijkste land van Afrika geïllustreerd met foto's van de Bavariameisjes. Pas in de eerste week van 2013 werd een akkoord afgesloten met de SABC, de openbare omroep van Zuid-Afrika, over de uitzendrechten (65 miljoen rand of zes miljoen euro) voor het gastland. Vorige week dinsdag maakte Sipho Sithole, het hoofd communicatie van de CAN 2013, onverwacht bekend dat er ruim 317.000 entreebewijzen waren verkocht en dat de kaap van de 500.000 gehaald zou worden. Tegelijk ging diezelfde dag een nieuwe campagne van start om het publiek duidelijk te maken wat er op stapel staat. Alsof de Afrikaanse voetballiefhebbers dit niet zouden weten. De CAN 2012 lokte 6,6 miljard cumulatieve televisiekijkers, een nieuw record. Wat in 1957 begon als een toernooi met amper drie landenploegen is uitgegroeid tot een globaal sportevenement. In 2010 werd de Afrika Cup in Angola echter ontsierd door een aanslag op de spelersbus van Togo en van de editie van vorig jaar zijn vooral de vele saaie wedstrijden blijven hangen. Het toernooi blijft echter bijzonder populair bij de Afrikaanse sterspelers. Zij trotseren er graag de toorn van hun clubtrainer voor en laten zonder morren enkele vette premies vallen om het tricot van het nationale elftal aan te trekken. Ook al weten ze dat hun nationale bond sowieso weinig betaalt en vaak de verplichtingen niet nakomt. De CAN 2012 in Gabon en Equatoriaal-Guinea had sportief te lijden onder de afwezigheid van toplanden als Egypte, Kameroen (op 2004 na samen goed voor alle titels van 2000 tot en met 2010) en Nigeria. Ivoorkust, met Barry Boubacar Copa van Lokeren in doel, slikte geen enkele tegentreffer, maar moest in de finale de kroon aan Zambia laten. Egypte en Kameroen zijn er opnieuw niet bij. Ook Senegal ontbreekt bij de terugkeer naar de vuvuzela's. Het kan te maken hebben met de door tijdsgebrek ingekorte kwalificatiefase met rechtstreekse uitschakeling in plaats van poules, maar stilaan dringt de vraag zich op of de macht van de traditionele grootmachten niet aan het tanen is. Het feit dat na Equatoriaal-Guinea, Botswana en Niger in 2010 zich met Kaapverdië opnieuw een debutant meldt, lijkt erop te wijzen dat het Afrikaanse voetbal in de breedte sterker wordt en dat ook kleinere en armere landen zich kunnen roeren. Superfavoriet in 2013 is echter alweer Ivoorkust. De Ivorianen zijn al een decennium het beste team van het continent, maar wachten al twintig jaar op een tweede Afrikaanse titel. Zuid-Afrika wordt waarschijnlijk de laatste kans voor de gouden generatie van Didier Drogba en Yaya Touré. De belangrijkste concurrent op papier is Ghana, dat al vier keer won, maar de laatste zege dateert van 1982. De Black Stars slaagden er op het WK 2010 als enige Afrikaanse ploeg in de poules te overleven en werden slechts door de hand van de Uruguayaan Luis Suárez en een gemiste strafschop van Asamoah Gyan een plaats in de halve finales ontzegd. Met titelverdediger Zambia, van bondsvoorzitter Bwalya Kalusha (ex-Cercle Brugge en -PSV), wordt minder dan een jaar na de zege in Libreville weinig rekening gehouden. Die overwinning was niet alleen een gigantische verrassing, maar vooral een emotionele gebeurtenis bijna twintig jaar na de vliegtuigcrash waarbij achttien spelers het leven lieten. Het succes van de 'Chipolopolo' vorig jaar was gebouwd op nederigheid, samenhorigheid en organisatie. Of het team van Hervé Renard dat opnieuw kan opbrengen, is zeer de vraag. Zambia maakte de voorbije weken een kwetsbare indruk tijdens de voorbereidingswedstrijden. De meeste teams bereidden zich in het Midden-Oosten voor op de CAN 2013. De Verenigde Arabische Emiraten, Oman en Qatar kregen ruim de helft van de zestien finalisten over de vloer. In de onderlinge partijen bleek vooral dat iedereen van iedereen kan winnen. Het thuisland hoopt alvast dat de geschiedenis zich ook op sportief vlak herhaalt. In 1996 werd Bafana Bafana in eigen land Afrikaans kampioen. Een enorme opsteker voor het nieuwe Zuid-Afrika, één jaar nadat de Springboks - het (blanke) rugbyteam - in eigen land de wereldtitel hadden veroverd. President Jacob Zuma koppelde Bafana Bafana op 24 oktober bij de loting in Durban aan Kaapverdië, Angola en Marokko. De openingspartij tegen de Kaapverdiërs moet worden gewonnen. Niet alleen om een vernedering zoals in 2010, toen de WK-organisator voor de eerste keer de groepsfase niet overleefde, te voorkomen maar om het hele land achter de ploeg en het evenement te scharen. Ghana moet in groep B vooral met de Republiek Congo, met onder anderen Dieumerci Mbokani, afrekenen. Mali en Niger kunnen normaliter geen roet in het eten gooien. In groep C moet titelhouder Zambia niet alleen rekening houden met outsider Nigeria (getraind door Stephen Keshi, ex-Lokeren en -Anderlecht) en Burkina Faso (geleid door Paul Put), maar ook met Ethiopië, de kampioen van 1962 die er voor het eerst in 31 jaar weer bij is. Groep D werd door Sabri Lamouchi, de bondscoach van Ivoorkust, al tot 'de groep des doods' uitgeroepen. De Olifanten worden geconfronteerd met Togo en het Maghrebduo Algerije en Tunesië (met Hamdi Harbaoui van Lokeren). De Togolese president Foure Gnassingbé verzette hemel en aarde om sterspeler Emmanuel Adebayor op het vliegtuig richting Johannesburg te krijgen. Voetbal staat in Afrika dan ook voor nationale eenheid en internationale roem voor de machthebbers. DOOR FRANÇOIS COLIN - BEELDEN: IMAGEGLOBEIvoorkust is al een decennium het beste team van het continent, maar wacht al twintig jaar op een tweede Afrikaanse titel.