Jenson Button kan zondag wereldkampioen worden, in São Paulo, voorlaatste grand prix van het seizoen. Hij krijgt mathematische zekerheid voor de titel als hij tien punten meer heeft dan zijn naaste achtervolger. Immers: omdat nu al zeker is dat hij meer races heeft gewonnen dan om het even wie, haalt Button het ook bij een gelijke stand. En tien punten voorsprong op de tweede in het klassement, die heeft Button automatisch ook als hij op het podium finisht. Alleen lijkt dat sneller uitgesproken dan gereden voor de Brit. Sinds zijn laatste overwinning, in juni in Turkije, stond hij no...

Jenson Button kan zondag wereldkampioen worden, in São Paulo, voorlaatste grand prix van het seizoen. Hij krijgt mathematische zekerheid voor de titel als hij tien punten meer heeft dan zijn naaste achtervolger. Immers: omdat nu al zeker is dat hij meer races heeft gewonnen dan om het even wie, haalt Button het ook bij een gelijke stand. En tien punten voorsprong op de tweede in het klassement, die heeft Button automatisch ook als hij op het podium finisht. Alleen lijkt dat sneller uitgesproken dan gereden voor de Brit. Sinds zijn laatste overwinning, in juni in Turkije, stond hij nog maar één keer op het podium: toen hij in Valencia tweede werd achter teamgenoot RubensBarrichello. Bovendien rijdt Button komend weekend niet alleen tegen Barrichello en de jongens van Red Bull, maar ook tegen 100.000 uitgelaten Brazilianen. Als er een circuit in de wereld is waar er toch enig thuisvoordeel speelt, dan is het immers wel Interlagos. Een logische verklaring is er niet voor. Formule 1 blijft immers een mechanische sport, waarin de machine het resultaat voor 80 procent bepaalt en de menselijke hand hooguit voor 20. In Silverstone waren Lewis Hamilton en vooral Button kansloos tegen de Duitser Sebastian Vettel. In Melbourne kwam Mark Webber er tijdens de seizoen- opener niet aan te pas, Niki Lauda kon maar één keer winnen op zijn Zeltweg en Jacky Ickx won nooit de Belgische grand prix. Alleen de Braziliaanse race doorprikte al meer dan eens de ratio. Zoals toen Emerson Fittipaldi in 1973 in de eerste Braziliaanse grand prix ooit ongenaakbaar was, en een jaar later recidiveerde met de McLaren waarvoor hij zijn Lotus had ingeruild. In 1975 was het Carlos Pace die won met, begot, een Brabham, meteen zijn eerste en laatste zege. En zoals Ayrton Senna zijn McLaren in 1993 voorbij de snellere Williams van Damon Hill gooide, het moest wel zijn dat hij door iets werd gedragen. "Interlagos is het enige circuit waar je het publiek soms boven het snerpende motorgeluid en doorheen je helm kunt horen", zegt Felipe Massa, die er in 2006 iedereen op zijn nummer zette, teamgenoot en kopman Michael Schumacher incluis. Maar ook op uitzonderingen zijn er uitzonderingen: Rubens Barrichello is de enige Braziliaanse toprijder die nooit zijn thuisrace won. Alleen had dat veeleer te maken met pech, want voor eigen publiek groeide de Paulista (Barrichello kon als kind vanuit zijn tuin het circuit van Interlagos zien) telkens boven zichzelf uit. Niet in het minst in 1999, toen hij met de Stewart-Ford aan de leiding reed maar uitviel met technische problemen. Om maar te zeggen: de tweede in het klassement zal zondag opnieuw vleugels hebben en in reguliere omstandigheden een ongrijpbare prooi zijn voor Button. Neem daarbij twee snelle Red Bulls, met een Webber die nu helemaal in dienst van Vettel zal rijden, en het wordt duidelijk: Button zou wel eens tot de laatste race van het seizoen kunnen wachten op zijn titel. DOOR jo bossuyt