'Hoewel mijn vader vooral een wielerfan was, ging mijn aandacht al van jongs af aan naar het voetbal. Ik speelde bij een provincialer uit de buurt: Atembeke ( een gehucht in Geraardsbergen, nvdr). En niet slecht, want al op mijn zestiende debuteerde ik, als struise, grote kerel, in de eerste ploeg. Enkele buren trokken ook elke thuiswedstrijd van Anderlecht met de auto naar het Astridpark en vroegen of ik eens meeging. Ik was direct verkocht. We stonden toen op de promenoir, een zone voor de hoofdtribune. Een magische sfeer, en toen nog écht champagnevoetbal, met Paul Van Himst, Jef Jurion, Jean Trappeniers... Later ook nog Rensenbrink. Echt genieten.

Herman Van Holsbeeck nodigde me uit voor een privérondleiding in Neerpede.' - Hilaire Van der Schueren

'Mijn eigen voetbalcarrière was toen wel al afgelopen, want op mijn achttiende kreeg ik af te rekenen met ernstige knieproblemen. Ik begon te fietsen, en zo ben ik in de koers gerold. Op mijn 26e gestart als ploegleider bij de jeugd van Jette Sportief, en op mijn 32e als assistent van Lomme Driessens en Jan Raas, bij het profteam Boule d'Or. Een parttimejob weliswaar, want ik werkte toen nog voltijds bij het ministerie van Openbare Werken. Veel van mijn vakantiedagen nam ik op om mee te kunnen gaan naar de koers, waardoor ik vanaf toen minder matchen van Anderlecht kon bijwonen, zeker geen Europese verplaatsingen.

'Ook nu, als ploegleider van Wanty-Groupe Gobert, moet ik door het alsmaar drukkere wielerseizoen vaak verstek geven. Maar ik volg het wel op de voet: op tv, in de kranten, op internet. Niet alleen Anderlecht trouwens, álles van het Belgische voetbal - ik bekijk soms drie wedstrijd na elkaar. En op stage in het buitenland probeer ik op mijn laptop altijd een livestream te vinden. Soms zelfs samen met enkele paars-wit- of Club Bruggefans onder de renners. Leuk, om elkaar dan wat te plagen - altijd goed voor de sfeer.

'In het Belgische voorseizoen is het ook altijd bijzonder druk, maar als Anderlecht om 18 of om 20 uur speelt. De weinige keren dat ik vrij ben in het weekend, ga ik wel telkens naar het Vanden Stockstadion.

'Ik heb vorig jaar in de Tour ook al kennisgemaakt met Herman Van Holsbeeck, die samen met nog enkele andere vips te gast was bij onze ploeg. Gezien mijn liefde voor Anderlecht hebben ze Herman bij mij in de auto gezet. Helaas voor hem tijdens een saaie overgangsrit, al hadden we zo veel tijd om over het voetbal en Anderlecht te praten. Herman was oprecht geïnteresseerd in mijn mening. En als bedanking heeft hij me geïnviteerd voor een privérondleiding op het oefencomplex in Neerpede. Zo ben ik begin oktober naar ginder getrokken, enkele dagen na de aanstelling van Hein Vanhaezebrouck, die een grote wielerkenner bleek te zijn. Zijn 'vriend' Olivier Deschacht ken ik ook trouwens, want diens vader is sponsor bij onze ploeg. Af en toe zie ik Olivier zo op de koers.

'Ook Marc Coucke is geen onbekende voor mij. Als sportdirecteur van Palmans-Collstrop zocht ik eind jaren negentig extra budget. Iemand raadde me aan: 'Je moet eens met Coucke gaan praten.' Marc, toen nog een jonge dertiger, achtte Omega Pharma echter nog niet klaar om in de wielersport te stappen, dat kwam pas enkele jaren later ( 2003, nvdr). En zie, nu koopt hij mijn favoriete club over. Het kan verkeren, hé.' ( lacht)

'Hoewel mijn vader vooral een wielerfan was, ging mijn aandacht al van jongs af aan naar het voetbal. Ik speelde bij een provincialer uit de buurt: Atembeke ( een gehucht in Geraardsbergen, nvdr). En niet slecht, want al op mijn zestiende debuteerde ik, als struise, grote kerel, in de eerste ploeg. Enkele buren trokken ook elke thuiswedstrijd van Anderlecht met de auto naar het Astridpark en vroegen of ik eens meeging. Ik was direct verkocht. We stonden toen op de promenoir, een zone voor de hoofdtribune. Een magische sfeer, en toen nog écht champagnevoetbal, met Paul Van Himst, Jef Jurion, Jean Trappeniers... Later ook nog Rensenbrink. Echt genieten. 'Mijn eigen voetbalcarrière was toen wel al afgelopen, want op mijn achttiende kreeg ik af te rekenen met ernstige knieproblemen. Ik begon te fietsen, en zo ben ik in de koers gerold. Op mijn 26e gestart als ploegleider bij de jeugd van Jette Sportief, en op mijn 32e als assistent van Lomme Driessens en Jan Raas, bij het profteam Boule d'Or. Een parttimejob weliswaar, want ik werkte toen nog voltijds bij het ministerie van Openbare Werken. Veel van mijn vakantiedagen nam ik op om mee te kunnen gaan naar de koers, waardoor ik vanaf toen minder matchen van Anderlecht kon bijwonen, zeker geen Europese verplaatsingen. 'Ook nu, als ploegleider van Wanty-Groupe Gobert, moet ik door het alsmaar drukkere wielerseizoen vaak verstek geven. Maar ik volg het wel op de voet: op tv, in de kranten, op internet. Niet alleen Anderlecht trouwens, álles van het Belgische voetbal - ik bekijk soms drie wedstrijd na elkaar. En op stage in het buitenland probeer ik op mijn laptop altijd een livestream te vinden. Soms zelfs samen met enkele paars-wit- of Club Bruggefans onder de renners. Leuk, om elkaar dan wat te plagen - altijd goed voor de sfeer. 'In het Belgische voorseizoen is het ook altijd bijzonder druk, maar als Anderlecht om 18 of om 20 uur speelt. De weinige keren dat ik vrij ben in het weekend, ga ik wel telkens naar het Vanden Stockstadion. 'Ik heb vorig jaar in de Tour ook al kennisgemaakt met Herman Van Holsbeeck, die samen met nog enkele andere vips te gast was bij onze ploeg. Gezien mijn liefde voor Anderlecht hebben ze Herman bij mij in de auto gezet. Helaas voor hem tijdens een saaie overgangsrit, al hadden we zo veel tijd om over het voetbal en Anderlecht te praten. Herman was oprecht geïnteresseerd in mijn mening. En als bedanking heeft hij me geïnviteerd voor een privérondleiding op het oefencomplex in Neerpede. Zo ben ik begin oktober naar ginder getrokken, enkele dagen na de aanstelling van Hein Vanhaezebrouck, die een grote wielerkenner bleek te zijn. Zijn 'vriend' Olivier Deschacht ken ik ook trouwens, want diens vader is sponsor bij onze ploeg. Af en toe zie ik Olivier zo op de koers. 'Ook Marc Coucke is geen onbekende voor mij. Als sportdirecteur van Palmans-Collstrop zocht ik eind jaren negentig extra budget. Iemand raadde me aan: 'Je moet eens met Coucke gaan praten.' Marc, toen nog een jonge dertiger, achtte Omega Pharma echter nog niet klaar om in de wielersport te stappen, dat kwam pas enkele jaren later ( 2003, nvdr). En zie, nu koopt hij mijn favoriete club over. Het kan verkeren, hé.' ( lacht)