Nog maar weinig eersteklassetrainers bezondigen zich niet aan kritiek op scheidsrechters na de wedstrijd. Een van de ergste is Hein Vanhaezebrouck, naar eigen zeggen nochtans iemand die "zelden kritiek uit op scheidsrechters". Verwerpelijk zijn zijn insinuaties dat zijn ploeg systematisch benadeeld zou worden. Hij vergist zich ook wanneer hij stelt: "Iedereen is het ook altijd met me eens als ik die fases aankaart." De strafschopfout en uitsluiting van Jimmy Hempte tegen Moeskroen bijvoorbeeld: reglementair perfect verdedigbare beslissingen. Het afgekeurde doelpunt van Karim Belhocine tegen Anderlecht: daar ging naar mijn smaak handspel van ...

Nog maar weinig eersteklassetrainers bezondigen zich niet aan kritiek op scheidsrechters na de wedstrijd. Een van de ergste is Hein Vanhaezebrouck, naar eigen zeggen nochtans iemand die "zelden kritiek uit op scheidsrechters". Verwerpelijk zijn zijn insinuaties dat zijn ploeg systematisch benadeeld zou worden. Hij vergist zich ook wanneer hij stelt: "Iedereen is het ook altijd met me eens als ik die fases aankaart." De strafschopfout en uitsluiting van Jimmy Hempte tegen Moeskroen bijvoorbeeld: reglementair perfect verdedigbare beslissingen. Het afgekeurde doelpunt van Karim Belhocine tegen Anderlecht: daar ging naar mijn smaak handspel van Bram De Ly aan vooraf. Soms zijn er inderdaad verkeerde beslissingen. Een van de twee gele kaarten van Brecht Verbrugghe tegen Club Brugge was onterecht. Na Club Brugge-Kortrijk beweren dat u "zegt wat 26.000 mensen gezien hebben", is naast populistisch ook onjuist. Uw opmerking "Aan de overkant wordt daarvoor nooit een strafschop gefloten", is niet minder dan lasterlijk. Bij die uitspraak refereerde u aan Jan Ceulemans. Ook hem hoor je dit seizoen abnormaal vaak klagen. Goed, de beelden lieten meestal wel de conclusie toe dat er vergissingen in het nadeel van zijn ploeg gebeurden. Wie me zwaar tegenvalt met zijn uitspraken, is Enzo Scifo. Zijn vlammende discours na Standard-Moeskroen was volledig misplaatst, zoals hij kort nadien ook zelf moest toegeven. Tegen Dender was zijn kritiek ook onterecht, want Asanda Sishuba maakte wel degelijk een duwfout. Lichte strafschoppen bestaan niet. Nergens in het voetbalreglement staat dat je iemands been moet breken in de zestien vooraleer er voor een elfmeter gefloten mag worden. Op Westerlo werd Moeskroen wel een kristalheldere strafschop onthouden voor het neerhalen van Adnan Custovic, maar om daarom te zeggen dat het chaque semaine la même chose is: foei, meneer Scifo. Michel Preud'homme dan. Ronduit ergerlijk. Roept, als ik kan liplezen, Johan Verbist toe dat het un scandale is dat Bojan Jorgacevic een strafschop tegen krijgt. Het was anders overduidelijk dat de goalie de bal niet en de speler van Charleroi wel raakte. In plaats van zijn fout toe te geven, pleit Preud'homme na de match zonder verpinken voor het straffen van Verbist, met wie het volgens hem "altijd hetzelfde" is. Preud'hommes irritante kant is in het verleden al vaker komen bovendrijven. Bij un scandale denk ik overigens eerder aan Standard-Waterschei (1982) of bepaalde gerechtelijk veroordeelde praktijken van Luciano D'Onofrio. Ik heb niet eens alle trainers genoemd die de arbitrage op de korrel nemen (recidivisten Georges Leekens en Jacky Mathijssen bijvoorbeeld). Ja, scheidsrechters nemen verkeerde beslissingen en ja, in België is er gigantisch veel progressiemarge inzake schorsingen, videobeelden, afgelastingen en heel wat andere zaken. Maar, kritiek spuiende trainers, laat de beledigingen, beschuldigingen en verabsoluteringen eindelijk achterwege. En verkeer niet in de illusie dat het bekijken van videobeelden voor eensgezindheid zal zorgen. Dat kan je wekelijks vaststellen in Studio1 (RTBF). Er bestaat nu eenmaal zoiets als interpretatie van de scheidsrechter. Opzet is moeilijk in te schatten. Soms haalt een ploeg daar voordeel uit, soms nadeel. Wat niet wegneemt dat het belachelijk is om te stellen dat alle scheidsrechterlijke beslissingen op het einde van een seizoen in evenwicht zouden zijn voor elke ploeg. Dat zou immers veronderstellen - en daarin geef ik René Vandereycken gelijk - dat de scheidsrechterlijke fouten gepland zijn. JEROEN TANéSY, SCHIPLAKEN