Een interview zag Teddy Chevalier (30) niet meteen zitten. Een reden gaf hij de perschef van KV Kortrijk daarvoor niet. Zeker is alleen dat het past in zijn onvoorspelbaarheid. Drie jaar geleden namen we na een lang en aangenaam vraaggesprek afscheid met een warme handdruk, maar ondanks zijn toezegging is de bijhorende fotoshoot er daarna nooit gekomen. Toen we hem in 2013 in het tussenseizoen op een ochtend belden met de vraag of het mogelijk was om hem te spreken naar aanleiding van zijn overgang van RKC Waalwijk naar KV Kortrijk, vroeg hij ons om hem na de middag opnieuw te contacteren. Dat deden we herhaaldelijk, maar tevergeefs. 's Anderendaags kregen we antwoord per sms: dat hij niet met Belgische journalisten praat omdat zij hem slecht behandelden in zijn periode bij Zulte Waregem. Feit is alleszins dat hij tegenwoordig wel met zijn voeten spreekt.
...

Een interview zag Teddy Chevalier (30) niet meteen zitten. Een reden gaf hij de perschef van KV Kortrijk daarvoor niet. Zeker is alleen dat het past in zijn onvoorspelbaarheid. Drie jaar geleden namen we na een lang en aangenaam vraaggesprek afscheid met een warme handdruk, maar ondanks zijn toezegging is de bijhorende fotoshoot er daarna nooit gekomen. Toen we hem in 2013 in het tussenseizoen op een ochtend belden met de vraag of het mogelijk was om hem te spreken naar aanleiding van zijn overgang van RKC Waalwijk naar KV Kortrijk, vroeg hij ons om hem na de middag opnieuw te contacteren. Dat deden we herhaaldelijk, maar tevergeefs. 's Anderendaags kregen we antwoord per sms: dat hij niet met Belgische journalisten praat omdat zij hem slecht behandelden in zijn periode bij Zulte Waregem. Feit is alleszins dat hij tegenwoordig wel met zijn voeten spreekt. Negen keer scoorde Chevalier dit seizoen al. Dat is evenveel als AbdoulayDiaby en Henry Onyekuru en maar één keer minder dan Isaac Thelin en Kaveh Rezaei. In december kende hij met onder meer vijf goals één van de productiefste periodes uit zijn carrière. Opvallend: dat gebeurde doorgaans niet als diepe spits, de positie waarvan hij zelf vindt dat hij er het best tot zijn recht komt. Onder Iannis Anastasiou was hij nog één van de twee centrumspitsen. Maar Glen De Boeck doet het maar met één centrale aanvaller en schenkt daar Jérémy Perbet het vertrouwen. Chevalier probeerde hij eerst als offensieve middenvelder/schaduwspits, maar daar had de impulsieve Fransman het soms moeilijk met de verdedigende keuzes die hij bij balverlies moest maken. Sindsdien speelt hij vanaf de rechterkant. Met succes. Chevalier is bij KVK aan zijn tweede periode bezig. Een jaar geleden werd hij teruggehaald en in een groep met al niet weinig korte lontjes was dat niet zonder risico, want 'trop is te veel', weten ze inmiddels in Kortrijk. Hij miste ook matchritme, maar maakte toch een paar belangrijke doelpunten en probeerde op zijn manier een voortrekker te zijn. Dit seizoen botste het wel eens met de eisen die Anastasiou aan een prof stelt. Maar Chevalier stond altijd in de basis en maakte zowaar zelfs deel uit van de cultuurbewakers die de Griek aanstelde. Voor de rest kon hij in de kleedkamer honderd procent Teddy zijn, bijvoorbeeld door er voor de lol eens binnen te vallen met de kreet 'Allahoe akbar'. Een boete om zijn wagen op de plaats van de coach te parkeren, kon er wel van af, zij het niet zonder tegenstribbelen. Yves Vanderhaeghe typeerde hem ooit als 'licht ontvlambaar maar echt wel een goeie gast'. Als iemand die altijd bereid is te helpen en die vanzelf weer rustig wordt als je hem af en toe eens laat brullen. Niet toevallig kende Chevalier onder zijn leiding zijn beste seizoen. Dat dankte hij naar eigen zeggen aan de menselijke aanpak van de coach. Diep in de spits, met in zijn rug een balvaste en werkkrachtige Ivan Santini, was hij goed voor een dozijn goals en evenveel assists. Op zijn achtentwintigste en met nog slechts één jaar contract vond hij toen dat het tijd was om te cashen en uit Turkije kwam er een financieel voorstel dat hij onmogelijk kon weigeren. Maar in Kortrijk waren de solden afgeschaft en hoe langer een transferakkoord uitbleef, hoe nukkiger Chevalier werd. Uiteindelijk raakte hij bij het publieke afscheid, naar aanleiding van de thuismatch tegen Anderlecht, tot tranen toe bewogen. Maar Rizespor viel tegen. De aanpassing verliep er moeilijk, hij raakte niet in de basis, miste zijn familie en kwam na enkele maanden tot het besef dat Kortrijk voor hem eigenlijk het paradijs was. Hij wou zo snel mogelijk weer weg uit Turkije en werd na één seizoen uitgeleend aan de Noord-Franse tweedeklasser RC Lens. Maar daar laat de coach hem links liggen. Kinderlijk blij is hij wanneer hij in de winter na anderhalf jaar naar het Guldensporenstadion mag terugkeren. Bij zijn eerste goal kust hij het logo van de club op zijn shirt, uit dankbaarheid voor het vertrouwen, de steun en het goeie gevoel dat de mensen er hem geven. Zo typeerden zijn ouders hem destijds ook bij hem thuis in Denain, de stad in een regio met grote sociale miserie waar hij opgroeide in een gezin met vijf kinderen: een nogal drukke jongen die het liefst gerust gelaten werd, maar die zich regelmatig ook moest kunnen komen opladen in de warmte van zijn familie. Zijn moeder vertelde dat hij er destijds erg van afzag om bij Gueugnon te voetballen, vijfhonderd kilometer van huis. Hijzelf bekende later dat hij er in die tijd aan dacht om te stoppen met voetballen, omdat hij niet meer geloofde dat hij goed genoeg was om profvoetballer te worden. Het was een van die momenten waarop zijn emoties met hem aan de haal dreigden te gaan. Want stoppen met voetballen was het laatste wat hij wou, had hij zich enkele jaren daarvoor bij zijn eerste werkervaring als lasser meer dan ooit voorheen gerealiseerd. Uiteindelijk tekende hij toen, in 2009, voor Royal Boussu Dour Borinage, waar met gewezen US Denainspeler André Arbonnier een kennis van hem voorzitter was. Maar ook in de Belgische derde klasse breekt hij aanvankelijk geen potten. Coach Michel Wintacq vindt dat er mentaal aan hem nog veel werk is, omdat hij soms de kluts kwijt is als hij een kans mist of op de bank moet starten. Maar in de eindronde is de schietgrage spits van Noord-Franse makelij op zijn best en raakt Francky Dury gecharmeerd van de dreiging die van hem uitgaat. Hij haalt hem naar Zulte Waregem en speelt hem op rechts uit. Het klikt met een passeur als Franck Berrier in zijn rug en Chevalier scoort in zijn eerste seizoen twaalf keer. Maar er zijn ook momenten waarop de coach hem tot de orde moet roepen, zelfs een paar keer naar de bank verwijst en dat blijkt Teddy slecht te verdragen. Dan voelt hij zich vernederd en geënerveerd. In wat het seizoen van de bevestiging moet worden, ligt hij geregeld overhoop met zichzelf, zijn er conflictjes met de trainers, met ploegmaats en met het publiek en wordt hij zelfs tijdelijk naar de B-kern verwezen. Het komt niet meer goed in Waregem en Chevalier belandt warempel in Nederland, waar hij bij RKC Waalwijk in een korte stage coach Erwin Koeman weet te overtuigen. Daar neemt hij een geweldige start, met snel acht goals, maar ook daar blijft het niet duren. Wanneer hij voor een schwalbe een tweede keer geel krijgt, verliest hij zijn zelfbeheersing, spuwt hij bij het verlaten van het veld in de richting van een andere speler en trapt in de catacomben een deur stuk. Hij geraakt op de bank, vervolgens uit de selectie en zelfs eens een week bij de beloften om hem tijd te geven na te denken over zijn houding en zijn inzet. Uiteindelijk wordt op zijn aandringen zijn contract ontbonden. Koeman omschrijft hem daarna in de media als een goeie spits van wie het karakter hem in de weg zit, die zich na een sterk begin almaar vervelender en egoïstischer begon te gedragen. Hoewel de club, benadrukt Koeman, alles voor hem deed en zelfs een mental coach inschakelde om hem van zijn heimwee naar Frankrijk af te helpen. Daarmee geconfronteerd zegt Chevalier ons dat hij er doodongelukkig was, omdat hij er zich door de taalbarrière alleen voelde en er zelfs minder verdiende dan destijds in derde klasse. Daardoor kreeg hij almaar meer het gevoel dat hij nog liever zou gaan werken zoals iedereen en dicht bij zijn familie zijn, dan nog langer in die omstandigheden profvoetballer te zijn. In Kortrijk zal hij weer helemaal opbloeien, in een club nabij de Franse grens, op slechts 83 kilometer van Denain en waar in de kleedkamer Frans de voertaal is. Onder Hein Vanhaezebrouck is hij er wel lange tijd maar tweede keus. De coach beslist het voorin uiteindelijk immers met twee targetspitsen te doen, Ivan Santini en Elimane Coulibaly, en Chevalier blijkt niet te voldoen op een enkelbezette rechterflank. Maar hij slaagt erin zich koest te houden, om zijn profcarrière niet nog meer in het gedrang te brengen, en is klaar om zijn kans te grijpen wanneer die op het einde van het seizoen alsnog komt. Na de zomer van 2014 bevrijdt hij zich helemaal, werkt, scoort, laat scoren, deelt in de vreugde van ploegmaats en klautert zelfs af en toe op de omheining om in het Frans een samenzang met de harde supporterskern in te zetten. Hij looft de empathie die hij van de nieuwe coach Vanderhaeghe ervaart en de rol van zijn vriendin, die zijn leven verzacht en meer structuur geeft. Hij zegt dat hij op mentaal vlak inspanningen zal blijven doen en spreekt de hoop uit om ooit eens met een grotere club in de Europa League te kunnen aantreden. Na een lucratief, maar sportief onbevredigd buitenlands avontuur blijkt die ambitie nu tot de mogelijkheden te behoren bij de club waar hij het meest van houdt en het meest geliefd is. In het stadion en voor het publiek waar hij het liefst voetbalt en waar hij in de laatste wedstrijd voor de winterstop zelfs de aanvoerdersband droeg.